https://api.mijnmagazines.be/packages/navigation/

Nieuwe ceo BC Filou Oostende Jürgen Vanpraet: “We mogen trotser zijn op onze legendes”

Jürgen Vanpraet was als kind al een supporter van het Oostendse basket. © Peter MAENHOUDT
Redactie KW

Jürgen Vanpraet, afkomstig uit Roksem en nu wonend in Zandvoorde, is de nieuwe ceo van Filou Oostende. De vader van Oleg (15) en Daan (2,5) rondde vorig jaar de kaap van 50 levensjaren. Beroepshalve was hij kabinetschef bij Renaat Landuyt. De voorbije dertien jaar verzorgde hij voor Think Pink fundraising rond borstkanker.

“Elf jaar was ik de trekker van Think Pink in België en sinds 2018 ook Europees directeur. We hebben een Europese koepel van 32 borstkankerorganisaties: van Sint-Petersburg tot de Canarische eilanden. In verschillende landen gebruikten we de in België opgedane kennis om er Think Pink op te starten. Think Pink werkt hier zonder subsidies en dat zorgt voor een andere ingesteldheid. We staan scherper en we leggen meer creativiteit aan de dag om financieringsvormen te realiseren. Daarvan zijn de mondmaskers een voorbeeld. In de pandemie hebben we er 4,5 miljoen geproduceerd die dus ook voor het goede doel iets opbrachten”, vertelt Jürgen Vanpraet. “Mondmaskers maakten we voor veel steden en gemeenten, bedrijven en organisaties, van Coca-Cola tot de stad Mechelen.”

“Ook bij BCO zijn we genoodzaakt creatief te werken. Het blijft dezelfde challenge. Met beperktere middelen moet je toch proberen om de beste te zijn. Dat is toch ook het DNA van Oostende geworden. De voorbije tien jaar hadden we niet altijd het grootste budget maar we zijn er wel telkens in geslaagd landstitels te behalen. Er is hier dan ook altijd keihard gewerkt.”

Dexter Shouse

Met zijn vader woonde Jürgen Vanpraet ten tijde van Samaey en Brown zijn eerste basketmatchen bij. Van supporter werd hij later reporter. “Voor Radio Contact, dat groot was in zijn kleinheid, verzorgden we drie of viermaal liveflitsen van Sunairs basketmatchen. Soms zat daar een reporter van de VRT en wij deden hem met een telefoonlijn gewoon na. Ik heb nooit geweten hoeveel mensen er luisterden maar het was leuk”, vertelt hij. “Het was de periode van Dexter Shouse die tijdens time-outs drie meter van de coach zat. Het was spectaculair dat iemand zoiets durfde. De driepunter was pas ingevoerd en Shouse gooide de bal vanop die afstand meteen binnen. Hij haalde later trouwens de NBA.”

“Wij wilden een radio van de basket zijn”, zegt Jürgen Vanpraet, die ook frisse gedachten durfde te verwoorden. “Zo stapte ik met een idee naar het kantoor van Rudolf Vanmoerkerke. In Amerika hadden we reclame op het achterwerk van de uitrusting gezien. In België bestond dat nog niet. Wij zagen een vermelding van onze als een ruildeal. Vanmoerkerke noemde het een goed idee. Hij zou erover nadenken. Tijdens een matchverslag in Sportweekend merkte ik iets later op dat Sunair op het achterwerk stond. Toen heb ik geleerd dat je wel een goed idee kan hebben maar dat je dat ook moet proberen te consolideren. Dat is niet altijd simpel. Het was een levensles.”

Tussenseizoen

Jürgen Vanpraet heeft het niet zo moeilijk bij onze vraag welke spelers uit de Oostendse basketgeschiedenis hij in het hart draagt en waarom. Natuurlijk mag hij abstractie maken van de kernen sinds hij een functie binnen BCO opnam. “Voor Gerrit Major had ik altijd sympathie. Met hard te werken heeft hij veel uit zijn carrière gehaald. Hij was geen supertalent maar hij deed zijn job. Gerrit Major is nog altijd één van ons. Misschien valt hij tussen de plooien van de BCO-geschiedenis maar je moet ook aan spelers als hem aandacht besteden”, meent Jürgen Vanpraet, die meteen een duidelijke oproep lanceert.

“We moeten meer trots uitstralen over al onze legends. Zo was Sam Van Rossom hier vaak deze zomer. Het is ook mooi dat ze hier hun conditie kunnen blijven onderhouden. De fine fleur van het Belgisch basket, zoals ik onze ex-spelers mag noemen, is hier altijd welkom. Het is een gezonde cultuur dat ze hier in het tussenseizoen terecht kunnen. Deze zomer oefenden onder meer ook Jean Salumu en Quentin Serron in de Versluys|Dôme..”

Nabuurschap

Van de supportersbanken en de reporterstoelen zette Jürgen Vanpraet vorig seizoen nieuwe stappen in de basketarena: hij trad tot de raad van bestuur toe. “Aanvankelijk voel je je gepriviligeerd dat je als bestuurslid ook in de pandemie die matchen kon bijwonen. Je werd zelfs benijd. Na enige tijd was het toch vervelend. Er was geen ambiance, je miste de beleving bij de supporters. Ik ben blij dat we in de play-offs nog een groot scherm bij de Sportsbar konden zetten. Zo brachten we een vleugje ambiance erin.”

“Ongeveer een derde van ons budget verdampte want onze club had geen inkomsten. Gelukkig hielpen veel goede sponsors en we zijn ook blij dat de supporters niet klaagden over hun abonnementen. De financiële bewaking is onze grootste werf”, weet hij.

Basket@sea is meer dan zomaar een begrip in Oostende. “Ons familieverhaal telt ook. We hebben dat een jaar geleden aangekondigd en nu starten we ook. Meer dan 500 spelertjes behoren tot Basket@sea. We hebben naast Filou BCO ook KBGO Finexa (het vorige Duva, red.), rolstoelbasket en de dames in Bredene. We hebben een nieuwe kledijpartner, Errea. Iedereen zal met zo goed als dezelfde uitrusting spelen. Oostende wordt ook meer geprofileerd als stad bij onze familie. Dat is belangrijk”, benadrukt Jürgen Vanpraet, die ook de relatie met KVO wil versterken. “Dat nabuurschap is belangrijk. We zijn de twee hoofdambassadeurs van de stad Oostende. We hebben door de vele jeugdspelers ook een sociale dimensie. Op verplaatsing zullen we uitdragen dat we van Oostende zijn. Bij de eerste ontvangst van een Nederlandse tegenstander zullen we er een feest van maken in de ware zin van het woord. We ontvangen hen aan zee! Voor Oostende is Nederland een belangrijke markt.”

Commercieel creatiever

“Ik zeg niet dat de BNXTleague een straffere competitie wordt maar er zal wel een beetje ander basket zijn. De betere teams uit Nederland zouden zeker in onze play-offs meedraaien. Zeker voor de supporters is het boeiend dat je niet achtmaal tegen Bergen, zeven keer tegen Charleroi en zes keer tegen Antwerp speelt. Ook is het leuk op verplaatsing eens een andere sfeer mee te maken. Van de Nederlanders kunnen we zeker leren commercieel creatiever te zijn. Hopelijk geldt dat ook in de televisierechten”, besluit Jürgen Vanpraet. (Peter Rossel)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.