Is deze vrouw nóg straffer dan Karel Sabbe? Tina liep al 16 marathons, ook al ziet ze amper

Tina Desmaele neemt deel aan marathons met behulp van een buddy. “Zij fungeren als mijn ogen.” © Montage KW/Tom Brinckman
Philippe Verhaest

Karel Sabbe schreef geschiedenis door als eerste Belg ooit de loodzware Barkley Marathons in de Verenigde Staten uit te lopen. Heel straf, maar toch loopt er in onze provincie een misschien nóg straffere atlete rond. Tina Desmaele uit Brugge is slechtziend, maar dat houdt haar niet tegen om haar dromen na te jagen. Ze bracht nog maar net de marathon van Tokio tot een goed einde en dit najaar staat die van Chicago op de kalender. Dat zal haar totaal op liefst zeventien marathons brengen. “Ik wil tonen dat je altijd in je dromen moet geloven”, zegt ze.

2005: de marathon van Madrid. 2010: de marathon van Beiroet in Libanon. 2016: de marathons van Düsseldorf, Parijs en Ieper. 2017: de marathon van New York City. 2021: Great Bruges Marathon. 2022: de marathon van Berlijn. En enkele weken geleden: die van Tokio. Het is maar een kleine greep uit het indrukwekkende palmares dat Tina Desmaele (53) kan voorleggen. Zestien marathons liep de Bruggelinge al, slechts bij eentje daarvan moest ze did not finish laten optekenen. “Die van Berlijn in 2019. Maar drie jaar later kon ik die wél afvinken”, zegt ze trots.

Een bijzonder sterke prestatie, maar in het geval van Tina dubbel zo straf. Ze lijdt aan retinitis pigmentosa, een degeneratieve oogaandoening waar nog geen remedie voor bestaat. “Zowel mijn mama en papa waren drager, maar bij hen manifesteerde de aandoening zich niet”, legt Tina uit. “Bij mij wel.”

Tunnelzicht

De symptomen begonnen zich rond haar achttiende te manifesteren. “Mijn zicht ging langzaam maar zeker achteruit, maar het duurde tot 2007 voor ik de juiste diagnose kreeg.” Retinitis pigmentosa houdt bij Tina in dat ze aan nachtblindheid lijdt, moeilijk fel licht kan verdragen en tunnelzicht heeft. “Momenteel zie ik nog zo’n tien procent van het normale gezichtsveld van 180 graden. Tijdens het stappen heb ik een witte stok nodig en moet ik oppassen waar ik wandel.”

“Ook al word ik ooit volledig blind, ik blijf lopen”

Om de paar jaar gaat Tina op uitgebreide controle. “Om mijn situatie te monitoren. Momenteel is die stabiel, al kreeg ik vorige maand wel te horen dat ik ook aan cataract lijd. Evident is het niet, maar ik heb het een plek in mijn leven gegeven.” Ondanks haar aandoening neemt Tina haar leven stevig in eigen handen. Zo woont ze volledig zelfstandig in een gezellig huisje in het centrum van Brugge. “Mijn veilige haven”, omschrijft ze die plek. “Ik ken er elk hoekje. Hier kan ik even vergeten dat ik slechtziend ben.”

Hoofd leegmaken

Tina’s grote uitlaatklep is lopen. “Iets wat ik al sinds jongs af aan doe”, zegt ze. “Het brengt me tot rust.” Sinds 2005 legt ze zich vooral toe op marathons. “Ik heb een doel nodig”, argumenteert Tina. “Het geeft mijn leven ook structuur. Plus: de trainingen geven me extra energie. Onderweg kan ik mijn hoofd volledig leegmaken. Eenmaal op kruissnelheid geniet ik met volle teugen.”

(lees verder onder de foto)

Tina tijdens de marathon van Tokio, zoals altijd met een truitje van Cercle Brugge.
Tina tijdens de marathon van Tokio, zoals altijd met een truitje van Cercle Brugge. © Repro Tom Brinckman

Die trainingen werkt Tina op een vast parcours af. “Een traject dat ik uit het hoofd ken. Meestal train ik alleen, zo’n drie keer per week, maar af en toe vergezelt mijn goede loopvriendin Dagmar Huys me.” De marathons zelf onderneemt Tina aan de zijde van een loopbuddy. “Die schakelde ik in 2015 voor het eerst in. Toen was het niet langer mogelijk om op eigen houtje die ruim veertig kilometer af te haspelen.” De loopbuddy wordt – bij internationale wedstrijden – dankzij de organisatie Achilles International aangesteld en is via een touw met Tina verbonden. “We werken samen de marathon af, op mijn tempo. De buddy fungeert als mijn ogen op het parcours.”

New York, Firenze, Tokio

Elke marathon die Tina afwerkt, regelt ze zelf. “De inschrijving, de trip ernaartoe, mijn verblijf… En ik bekostig ook alles op eigen houtje. Zo was de marathon van Tokio (begin maart, red.) een regelrecht avontuur. Mijn buddy Takkie stond me op de luchthaven op te wachten en maakte me wegwijs in de miljoenenstad. Een hele belevenis.” De marathon zelf finishte Tina in 5 uur en 13 minuten. “Ik hoopte om onder de vijf uur te duiken, maar die ambitie was net te hoog gegrepen”, grijnst ze. “Mijn beste tijd ooit zette ik in 2005 in Madrid neer: 4 uur en 13 minuten.”

(lees verder onder de foto)

Tina's vader Phillemon, die ooit uitkwam voor het eerste elftal van Cercle Brugge.
Tina’s vader Phillemon, die ooit uitkwam voor het eerste elftal van Cercle Brugge. © Repro Tom Brinckman

Ook de komende jaren wil de goedlachse Bruggelinge haar passie blijven beoefenen. “Als alleenstaande slechtziende is het niet makkelijk om plannen te maken, maar ik weiger om constant in de zetel te zitten”, benadrukt ze. “Op loopvlak wil ik mijn dromen blijven najagen. Het leven is niet mals voor me, maar ik maak er het beste van. Dankzij mijn sport ontdekte ik al steden als New York, Budapest, Firenze… De start in New York zal ik nooit vergeten. Net als de finish in Berlijn, die pal aan de Brandenburger Tor lag. Zo’n momenten koester ik.”

Cercle Brugge

Tina’s volgende grote afspraak volgt in oktober. “De marathon van Chicago”, glundert ze. “Dan heb ik al vier van de zes majors gedaan: Berlijn, New York, Tokio en Chicago. Ik mis enkel nog Londen en Boston. Mocht ik daar ooit in slagen… En misschien draag ik ook dan mijn shirt van Cercle Brugge, als eerbetoon aan mijn vader Philemon, die van 1958 tot 1962 bij groen-zwart speelde. In Tokio droeg ik dan weer een shirtje van Cercle-speler Ayase Ueda. Of ik ooit volledig blind word, is lang niet zeker. Maar ik wil sowieso nog lang blijven lopen.”

Lees meer over: