"De rallymicrobe had mij al op jonge leeftijd te pakken. De start van de klassementsproef Dikkebus lag op enkele meters van de voordeur van mijn ouderlijk huis zodat ik al van jongs af aan stond te watertanden bij het zien van die ronkende bolides.
...

"De rallymicrobe had mij al op jonge leeftijd te pakken. De start van de klassementsproef Dikkebus lag op enkele meters van de voordeur van mijn ouderlijk huis zodat ik al van jongs af aan stond te watertanden bij het zien van die ronkende bolides. Mijn debuut in Ieper kwam er dan in 1992 toen ik gevraagd werd door Christophe Vermeersch om de nota's te lezen. Christophe was een vriend van mijn broer en kwam zo in contact met mij. Ik had de smaak nu goed te pakken en dacht : wat zij kunnen aan het stuur, dat kan ik ook. Ik besloot om in 1993 zelf het stuur in handen te nemen en huurde een Peugeot 309 N3. Maar mijn vuurdoop als piloot was er één in mineur want vrijdagavond dook ik twee maal de gracht in en stond ik allerlaatste in het klassement. Gelukkig was er ook nog een zaterdaggedeelte en kwam ik nog terug naar de 59e plaats algemeen."De jaren die er op volgden bleef ik de Peugeot 309 N3 trouw en leerde ik vooral veel bij. Dat resulteerde jaar na jaar in een eindresultaat tussen de 35ste en 40ste plaats algemeen. Het was een leuke periode, want er stonden toen zo'n 60 wagens aan de start in onze klasse en er was een hevige strijd tussen de streekpiloten onderling. In 1999 was het rijk van de Peugeot voorbij en stapte ik over naar een Renault Clio die ik huurde bij Nicolas Seys. We bleven in de N3-klasse rijden en behaalden knappe resultaten, gaande van een 24ste plaats in 1999 tot een derde plaats in onze klasse in 2002. De fabriekswagens van Renault en kleppers als Kris Princen konden we niet volgen maar van de rest hadden we geen schrik.""Toen de historics aan hun opmars begonnen in 2007 heb ik dan de overstap gemaakt maar een Opel Monza. Ondanks een zwaar ongeval en een inactiviteit van zes maanden stond ik toch aan de start in Ieper. Ik had schrik om opnieuw snel te gaan, maar ik vond na een tijd het goede ritme terug en behaalde een elfde plaats. De jaren daarop finishte ik telkens in de top 10 van de historic rally. Het historic-gebeuren was nog relatief nieuw en de wagens hadden nog niet veel pk's. Zo bleef het betaalbaar. Maar eind 2011 was ik gedemotiveerd. De Opel Monza was steeds minder competitief en ik wilde niet verder meedoen in de wedloop naar steeds meer pk's. Ondertussen had ik Vincent Verschueren binnen geloodst bij Gaby Goudezeune en konden we in 2012 met de VW Polo Super 2000 aan de slag. We stonden in Ieper op de zesde plaats toen we drie kilometer voor het einde van de rally een wiel afbraken. Dat was mijn grootste ontgoocheling ooit."Vanaf 2014 werd hij de vaste copiloot van Thierry Cokelaere. "Maar het duurde tot 2017 vooraleer Thierry besliste om Ieper te rijden. Door de drukte in zijn garage is het voor hem niet evident om zo veel tijd vrij te nemen. Na onze knappe achtste plaats in de ORC Canal Rally komen we dit jaar erg gemotiveerd aan de start. We hopen op een mooie strijd tussen de BMW's onderling en onze doelstelling is een topvijfplaats in de groep M."(FM)