Ze zou met de fiets naar de Lakenhallen komen, had een collega ons toevertrouwd. Zonder enige twijfel. En zo geschiedde ook. Emma Meesseman glimlacht als we er haar bij aankomst op wijzen. Alsof ze het als openingsvraag had verwacht. "Met de fiets geraak ik hier in vijf minuten tijd en zoals je ziet is het hier moeilijk om te parkeren. En in deze tijden moeten we toch ook een beetje aan het klimaat denken, hé." Twee weken tijd heeft Emma om van haar thuisstad te genieten. Hoelang het geleden is dat ze nog eens voor zo'n lange periode in België is geweest, vragen we haar. "Lang", zegt ze vliegensvlug. Een lange stilte volgt, waarna ze spontaan begint te lachen. "Bedoel je echt twee weken?" Ze fronst de wenkbrauwen en denkt nog eens goed na. "Dat moet al geleden zijn van de zomer van 2018, toen ik het WNBA-seizoen heb overgeslagen. Maar lang of niet lang, dit blijft altijd aanvoelen als mijn thuis. Als ik bij mijn familie in Ieper ben, help ik met de afwas, omdat ik dat graag doe. En slaap ik in dezelfde kamer als toen ik klein was. Als ik weg ben, neemt mijn broer Thijs, die ook basket speelt, mijn plaats in, omdat het in mijn kamer makkelijker is om naar tv te kijken. Maar als ik in Ieper ben, weet hij dat die kamer voor mij is. (glimlacht) Dat is al van jongs af zo."
...

Ze zou met de fiets naar de Lakenhallen komen, had een collega ons toevertrouwd. Zonder enige twijfel. En zo geschiedde ook. Emma Meesseman glimlacht als we er haar bij aankomst op wijzen. Alsof ze het als openingsvraag had verwacht. "Met de fiets geraak ik hier in vijf minuten tijd en zoals je ziet is het hier moeilijk om te parkeren. En in deze tijden moeten we toch ook een beetje aan het klimaat denken, hé." Twee weken tijd heeft Emma om van haar thuisstad te genieten. Hoelang het geleden is dat ze nog eens voor zo'n lange periode in België is geweest, vragen we haar. "Lang", zegt ze vliegensvlug. Een lange stilte volgt, waarna ze spontaan begint te lachen. "Bedoel je echt twee weken?" Ze fronst de wenkbrauwen en denkt nog eens goed na. "Dat moet al geleden zijn van de zomer van 2018, toen ik het WNBA-seizoen heb overgeslagen. Maar lang of niet lang, dit blijft altijd aanvoelen als mijn thuis. Als ik bij mijn familie in Ieper ben, help ik met de afwas, omdat ik dat graag doe. En slaap ik in dezelfde kamer als toen ik klein was. Als ik weg ben, neemt mijn broer Thijs, die ook basket speelt, mijn plaats in, omdat het in mijn kamer makkelijker is om naar tv te kijken. Maar als ik in Ieper ben, weet hij dat die kamer voor mij is. (glimlacht) Dat is al van jongs af zo." We vragen haar of Thijs het talent van zijn grote zus heeft. Emma moet meteen hartelijk lachen. "Hij kan zeker iets. Hij ziet het spelletje, maar hij heeft zijn gestalte niet mee. Thijs is student en hij speelt basketbal. Maar hij is toch vooral student." Ze knipoogt. "Op zijn eentje maanden in het buitenland vertoeven, zou niks voor Thijs zijn. Dichtbij zijn familie zijn en uitgaan met zijn vrienden uit het studentenleven is ideaal voor hem. Ieder zijn eigen ding, hé."Bij grote zus Emma is het net omgekeerd. Zij zet basketbal op de eerste plaats, waardoor haar sociale leven er vaak onder lijdt. Twee weken heeft ze vooraleer ze weer naar het verre Ekaterinburg - 3.700 kilometer in vogelvlucht - moet vertrekken en die tijd probeert Emma dan ook zo nuttig mogelijk in te vullen. "Vooral met het geven van interviews", vertelt ze met een kwinkslag. "Ik speel geen basketbal voor de media-aandacht, maar ik wil wel graag het vrouwenbasketbal meer in de kijker zetten. Daarnaast maak ik hier in Ieper ook graag tijd voor de gewone dingen. Afspreken met vrienden. Kerstavond vieren met het gezin. En op kerstdag trekken we naar jaarlijkse gewoonte naar familie van mijn mama in Nederland. In Arcen, dichtbij Venlo. Drie uurtjes rijden, maar het is altijd leuk om hen nog eens terug te zien."Ook levensbelangrijk voor Emma: tijd maken voor haar beste vriendin Silke Storme, die in november beviel van een meisje, Ditte. "Ik ken Silke al van jongs af. Haar mama, Ann Dumortier, speelde indertijd samen met mijn mama (Sonja Tankrey, red.) en met Hilde De Meyer, de mama van Marjolein Decroix. Hun drie dochters zijn samen beginnen te basketten: Silke, Marjolein en ik. Ann was één van mijn eerste coaches en ook Ivan Decroix, de papa van Marjolein (en van ex-profwielrenster Lieselot, red.), is nog mijn trainer geweest. Zij en Philip Mestdagh zijn de drie coaches in België die voor mij belangrijk zijn geweest. Zij brachten me de basisprincipes van basketbal bij: keep it simple. Dat is iets waar ik nu nog altijd veel aan heb. Zonder hen zou ik nooit de speelster geweest zijn die ik nu ben.""Van die eerste jaren weet ik niet meer zoveel, alleen dat we toen met de jongens moesten samenspelen. Die ruzies in de kleedkamer, dat ging er altijd heftig aan toe. De jongens moesten zogezegd altijd eerst douchen en als het aan ons was, stonden ze naar ons te kijken.""Marjolein zie ik niet meer zoveel, omdat zij skiet (in 2018 nam ze deel aan de Winterspelen in Pyeonchang, red.) en we zelden op hetzelfde moment hier zijn. Maar het contact blijft en als we elkaar kunnen zien, spreken we af. Silke is mijn beste vriendin gebleven. In november is ze bevallen tijdens mijn laatste campagne met de Belgian Cats. Normaal was ze uitgerekend op de dag dat ik het vliegtuig naar Rusland moest nemen, maar ze is een dag vroeger bevallen en zo ben ik nog twee keer op bezoek kunnen gaan.""Tot enkele uren voor haar bevalling was ik trouwens nog bij haar. Haar man, Sander Accou, speelt basketbal op een degelijk niveau en had met zijn team een vrij verre verplaatsing voor de boeg. Silke wilde die avond niet alleen zijn en dus ben ik naar Wevelgem gereden. Ik had De Slimste Mens Ter Wereld als gezelschapsspel meegenomen, in de hoop haar wat zenuwachtig te maken en haar sneller te doen bevallen. Maar om één uur 's nachts zag het er niet naar uit dat het snel zou gebeuren en ben ik vertrokken. Ik heb wel nog wat in haar buik zitten porren, maar het kwam er maar niet van. Tot ik de dag erna vernam dat ze zes uur na mijn vertrek dan toch is bevallen. (grijnst) Dus bij deze, Silke: ik neem alle credits voor jouw vlugge bevalling op mij."De herinneringen aan haar Ieperse jeugdjaren blijven intussen maar komen. "Er was toen meer in mijn leven dan alleen maar basketbal", geeft Emma aan. "Mijn eerste EK bij de jeugd heb ik laten schieten, omdat ik naar de Jamboree in Engeland wilde gaan. Dat is een vierjaarlijkse bijeenkomst met scouts van over de hele wereld. Ik ben nog altijd heel blij dat ik dat toen gedaan heb. Ik ben ook tot mijn 16de naar de tekenacademie blijven gaan. In de zomer volgde ik multisportkampen zolang dat mogelijk was en ik heb getennist op interclubniveau. Ik vind dat belangrijk, dat je in je jeugd zoveel mogelijk doet. Bij mij was het wel altijd een balsport. Alle sporten zonder bal lagen me niet, met uitzondering van zwemmen. Dat deed ik wel nog graag."Basketbal lag haar duidelijk wel, want Emma was in het seizoen 2011-2012 dé exponent van de verrassende dubbel - titel én bekerwinst - van Blue Cats Ieper. "Boom", roept ze uit als we naar haar mooiste herinnering uit die periode vragen. "Daar vonden de finales plaats. Een heksenketel was het. In mijn ogen vooral te danken aan de Ieperse fans, maar feit was dat er daar gewoon meer mensen in de zaal zaten dan eigenlijk toegelaten was. Die indruk had ik toch. Voor mij was die ervaring op die leeftijd alleszins ongezien. Dat we dat dan ook nog eens konden bereiken met bijna allemaal meisjes uit de streek, maakte het des te mooier. Hoe dat te verklaren valt? Een goeie opleiding, denk ik dan toch vooral. En talent. Een combinatie van meerdere zaken. Ja, ik heb alleen maar goeie herinneringen aan dat seizoen. Met Philip Mestdagh, nu nog altijd mijn trainer bij de Belgian Cats, als coach. En met Pascal Maes, die ook nog trainer was van mijn broer, als assistent. Hij is een goeie vriend." We vragen Emma of ze zichzelf ooit nog ziet spelen bij de ploeg waar voor haar alles in 2001 begon. "Dat weet ik niet en daar moet ik nu ook nog niet over nadenken. Maar ik heb wel altijd gezegd dat ik in Ieper mijn carrière zou willen beëindigen. Het zou de cirkel rondmaken."Eerst wil Emma nog hoge toppen scheren. Te beginnen met Tokio 2020. In februari wacht het olympisch kwalificatietornooi in Oostende. In een groep met vier landen moeten de Belgian Cats bij de eerste drie eindigen. "Ik kijk er nu al naar uit en hoop op een even grote heksenketel als indertijd in Boom. Er kunnen 5.000 mensen in de zaal. Volgens mij zou het geen probleem mogen zijn om die gevuld te krijgen, zeker niet in West-Vlaanderen. De loting (met Canada, Zweden en Japan, dat als organiserend land sowieso geplaatst is, red.), viel natuurlijk wel wat tegen. Ik had gehoopt om tegenstanders te krijgen van wie ik zou kunnen zeggen: zoveel procent kans hebben we. Maar in deze evenwichtige groep is dat onmogelijk. Iedereen kan van iedereen winnen. Toen ik enkele jaren geleden aan de Spelen begon te denken, heeft er iemand mij gezegd: het is moeilijker om in Tokio te geraken dan in Tokio iets te bereiken. Wel, ik geloof dat. Maar nu mogen we dit niet meer laten schieten."