Op het schepencollege van 18 december werd in Kuurne het complexe project over de aanpassingen aan het kanaal Bossuit-Kortrijk besproken. Daaruit kwamen diverse bezwaren en suggesties naar buiten. "Allereerst betreuren wij het als gemeentebestuur dat we pas in juni 2018 bij dit project betrokken zijn geworden", stelt schepen Francis Watteeuw (SP.A/Groen). "Kuurne kwam pas mee rond de tafel bij de koppeling van het project K-R8 met het kanaalproject in functie van de doortrekking van de Ringlaan voor het zogenaamde ringtracé. Nochtans zijn er ook in de andere voorstellen effecten op onze gemeente."

Volgens Kuurne is het onderzoek naar het weghalen van het vrachtvervoer op de weg door het verhogen van transport over het water te weinig onderbouwd. "Vraag is of de gemaakte verbinding wel degelijk meer vrachtwagens van de weg zal halen. Daarnaast moet ook het onderzoek naar de impact op de R8 en de gevolgen voor de plaatselijke mobiliteit in Kuurne uitgebreid worden."

Groene hotspots bedreigd

Een tweede kanttekening plaatst het gemeentebestuur bij de bedreigingen voor de woonkwaliteit en de toekomst voor de Oude Leiearm en het Vlaspark, twee groene hotspots. "De economische voordelen moeten worden afgewogen tegen de nadelen op ruimtelijke én ecologische omgeving", klinkt het bij schepen van Ruimtelijke Ordening Ann Messelier (CD&V). "Wij vragen in het bijzonder om de bedreigingen voor het wonen in de wijken dichtbij de R8 en de Leie grondig te bestuderen. Ook het natuurreservaat de Oude Leiearm en het Vlaspark, nog in volle ontwikkeling, zijn door de voorliggende plannen bedreigd. Wij vragen dan ook om het Bijzonder Plan van Aanleg Leiemeers mee te nemen in het verdere onderzoek. Een oplossing voor de natuur- en groene gebieden wordt volgens ons té laat in het proces bekeken." Kuurne ondersteunt daarmee de adviesnota van Natuurpunt De Vlasbek.

Doe niets of doe zoals in Roeselare

Naar de verdere uitwerking van het project voor het kanaal Bossuit-Kortrijk toe, legt het gemeentebestuur van Kuurne bovendien twee nieuwe, te onderzoeken scenario's op tafel. "Het basisidee van het project is de voluntaristische gedachte dat de opwaardering van het kanaal als verbinding tussen de Schelde en de Leie, noodzakelijk is", stelt schepen Watteeuw nog. "Door deze te nauwe redenering ontbreekt het de voorliggende plannen aan twee toekomstmogelijkheden."

"In het nul-scenario blijft het kanaal zoals het is én wordt duidelijk dat opwaardering niet langer aan de orde is. De onzekerheid en het gebrek aan investering in de directe omgeving wordt opgeheven waardoor de gebieden zich verder kunnen ontwikkelen. De tweede piste die het onderzoeken waard is, is het scenario insteekdok. Die situatie is vergelijkbaar met de wijze waarop het kanaal Roeselare-Leie functioneert en is vooral financieel meer haalbaar. Het kanaal wordt vanaf Bossuit geoptimaliseerd en ter hoogte van Stasegem wordt een zwaaikom voorzien. Op die manier zijn de belangrijkste bedrijventerreinen langs het kanaal bereikbaar gemaakt voor de grotere schepen maar wordt de impact op de lokale omgeving en investeringen beperkt."