Gouverneur Carl Decaluwé: “De tijd is voorbij dat elke West-Vlaming voor al zijn verplaatsingen de auto neemt”

Provinciegouverneur Carl Decaluwé: “De fiets wordt nog onderbenut in onze provincie.” © Davy Coghe Davy Coghe
Stefan Vankerkhoven

“West-Vlaanderen loopt tegen de grenzen van de mobiliteit aan, ook op het platteland. De tijd dat elke burger met de wagen van zijn woonplaats tot op het werk, vrijetijdsbesteding, naar de winkel kon rijden, is niet langer verenigbaar met onze ruimtelijke ordening.”

Dat zei provinciegouverneur Carl Decaluwé woensdagnamiddag in zijn jaarlijkse rede voor de provincieraad in het Boeverbos in Brugge. Hij pleit ervoor om het West-Vlaams platteland in te richten tot één grote 15-minutenbuurt en wil alle 250 dorpen laten screenen.

Tijdens zijn toespraak wees provinciegouverneur Carl Decaluwé op twee mobiliteitsparadoxen: “Voor iedereen is mobiliteit een hot topic, maar geen prioriteit als het over eigen vervoer gaat. Hoe meer mobiliteit, hoe meer ze bedreigd wordt, want een vermeerdering van de wegcapaciteit leidt automatisch tot meer verkeer en congestie.”

“Met andere woorden: we zijn nog nooit zo mobiel geweest en nooit hebben wij met zijn allen zo lang stilgestaan in files.”

Klimaatontwrichting

Volgens de gouverneur is er een rechtstreeks verband met de klimaatontwrichting: “De wereldwijde temperatuurstijging is vooral het gevolg van verhoogde CO2 uitstoot door de mens. Wegvervoer zorgt voor de grootste uitstoot, de congestie van het verkeer verhoogt dit nog.”

De uitbouw van 5G is een absolute must om de mobiliteit van de toekomst te doen slagen

Carl Decaluwé hekelt het feit dat veel publiekstrekkers nauwelijks bezig zijn met de mobiliteitsbewegingen die zij veroorzaken: “Nochtans kan mobiliteit gericht ingezet worden om toerisme beter te verspreiden en zo knelpunten in het netwerk te voorkomen.”

“Vergeet niet dat de helft van het verkeer uit incidentele reizigers bestaat. Dat het anders kan, bewees Westtoer in volle coronaperiode, toen de kustbarometer ingesteld werd.”

Zelfrijdende auto’s

De gouverneur vreest dat zelfrijdende auto’s de fileproblemen niet zullen opplossen: “Maar autonoom rijden is geen ver toekomstbeeld, Mercedes zal nog voor de zomer zo’n voertuig op de markt brengen. De introductie van geautomatiseerd rijden noopt de overheid om meer te investeren in digitale infrastructuur.”

“De uitrol van 5G is een absolute must om de mobiliteit van de toekomst te doen slagen. We hebben al teveel tijd verloren.”

Wat het onderhoud van de wegen betreft – en voorwaarde voor veilig verkeer – betreurt Carl Decaluwé dat ons land samen met Ierland en Italië de slechtse leerling is: “Met onze provincie staan we helemal achteraan in de rij: we moeten het stellen met 8 procent van de middelen voor structureel onderhoud, terwijl we 24 procent van het Vlaams wegpatrimonium in beheer hebben!”

Minder auto’s

Volgens Carl Decaluwé zullen we het hoe dan ook met minder auto’s op de weg moeten doen, als we onze samenleving leefbaar willen houden: “De tijd dat elke burger met de wagen van zijn woonplaats tot op het werk, vrijetijdsbesteding, naar de winkel kon rijden, is niet langer verenigbaar met onze Vlaamse ruimtelijke ordening.”

“We zijn maatschappelijk verplicht om ervoor te zorgen dat mobiliteit efficiënt, billijk, veilig én klimaatvriendelijk is.”

“Ook als we maximaal inzetten op het STOP-principe (Stappen, Trappen en Openbaar Vervoer eerst, nadien pas personenwagens), zullen het openbaar vervoer en de fiets niet alle verplaatsingen kunnen afdekken. Er is nood aan mobiliteitsmanagement door bedrijven en overheid.”

“Slimme heffingen, charters afsluiten met de bouwsector om het werfverkeer tijdsvensters op te leggen leggen en schoolroutes te vermijden.”

Trajectcontroles

“Bovendien moet de globale snelheid lager, voor het milieu en de verkeersveiligheid. Op gemeentewegen is de inzet van GAS wetgeving (gemeentelijke administratieve sancties) een uitweg om trajectcontroles gefinancierd te krijgen. Amper 19 van de 52 trajectcontroles in de provincie worden effectief gebruikt”, aldus de gouverneur.µ

Hij is wel blij dat het Vlaams Agentschap Wegen en Verkeer werk maakt van interactieve verkeerslichten op gewestwegen: “In een eerste proefproject komt Roeselare aan de beurt, waar de verkeerslichten op de ring voor heel wat frustratie zorgen.”

Er moeten in onze dorpen goed bereikbare ontmoetingsplekken komen om het verlies van café, winkel en dorpsdokter op te vangen

Carl Decaluwe eist dat e-commerce duurzamer wordt door onnodige snelle leveringen af te wenden en afhaalpunten (mobipunten) bij consumenten te stimuleren. Eén van dé pijnpunten blijft een duurzame mobiliteit op het West-Vlaamse platteland, waarrond de provincie al heel wat studiewerk verricht heeft.

“De versnippering van de ruimtelijke ordening maakt het erg moeilijk om een performant en betaalbaar openbaarvervoersysteem aan te bieden en zorgt dus voor autoafhankelijkheid van mensen die niet in een centrumstad wonen. Een oplossing is het creëren van ontmoetingsplekken. De provincie investeert hierin met onder andere WinVorm, PlattelandPlus en het dorpenreglement.”

Speelplekken

“De speelplekken en dorpszalen moeten duurzaam, multibruikbaar en bereikbaar zijn, omdat ze zo bepalend zijn voor de leefbaarheid. Goed bereikbare ontmoetingsplekken vangen het verlies van winkel, café, schooltje of dorpsdokter echt op. Er moeten ook parkeerplaatsen wijken, knippen worden gelegd en open ruimte gecreëerd worden midden in de dorpskern.”

Verkeersongevallen zijn frequenter en dodelijker op het platteland

Toch beseft de gouverneur dat de plattelandsmobiliteit mank loopt: “Sommige mensen zijn minder mobiel en raken geïsoleerd. De thuisverpleging in Vlaanderen rijdt dagelijks vijftien keer de omtrek van de aarde rond, verkeersongevallen zijn frequenter én dodelijker op het platteland!”

“Als we de internationale duurzaamheidsdoelstellingen willen hard maken, moeten we investeren in een West-Vlaams platteland waar we ons minder en beter verplaatsen. Om het in te richten tot één grote 15-minutenbuurt, waarbinnen alle essentiële voorzieningen binnen het kwartier te voet, per fiets of met ander vervoer bereikbaar zijn, hebben we nog een hele weg te gaan. Geconcentreerd bouwen helpt om deze doelstelling te halen.”

Screenen

Carl Decaluwe pleit voor meer gedeelde en openbare mobiliteit, maar ook voor nieuwe vormen van dienstverlening op het platteland, zodat het aantal verplaatsingen beperkt wordt: “Ik denk aan verdeelsystemen voor korte-keten producten en voor digitale oplossingen. Maar ook aan trage wegen en mobiliteitsplannen op maat van het schoolkind om de verkeersdrukte te omzeilen.”

We moeten nadenken over subsidies of groepsaankopen van elektrische fietsen voor kansarmen

Hij vraagt de Provincie om alle 250 West-Vlaamse dorpen te screenen en dorpskernvernieuwingen aan te grijpen om nieuwe functies toe te voegen, zoals multifunctionele kinderopvang en seniorenwoningen op de juiste plekken: “Zo vermijden we steekvlampolitiek omtrent verhoogde mobiliteitsvragen.”

“Wees slim, bouw autoparkings om tot bewaakte fietsparkings. De fiets is een van de belangrijkste schakels in een duurzaam mobiliteitsbeleid. In West-Vlaanderen is het fietsgebruik nog relatief laag, dat komt door de gebrekkige fietsinfrastructuur in onze provincie.”

“Willen we ook zwakkere groepen op een dure elektrische fiets krijgen, moeten we nadenken over groepsaankopen of subsidies voor kansarmen”, aldus de provinciegouverneur.

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.