Willy Vandamme (81) woont met zijn echtgenote Cecile Soenen in de Begoniastraat. Het gezin telt vier kinderen, Veerle, Wim, Tom en Hilde. Veerle is ingenieur bij Siemens en woont in Halle. Wim werkt in het economaat van het ziekenhuis in Veurne. Tom doet vrijwilligerswerk en Hilde is huisarts in Lichtervelde. Willy en Cecile zijn ook de trotse grootouders van Artuur, Astrid, Viktor en Lukas. Naast het verenigingsleven houdt hij zich graag bezig met lezen over geschiedenis, politiek ... Willy's grote droom is een zo zelfstandig en welvarend mogelijk Vlaanderen voor de toekomstige generaties.
...

Willy Vandamme (81) woont met zijn echtgenote Cecile Soenen in de Begoniastraat. Het gezin telt vier kinderen, Veerle, Wim, Tom en Hilde. Veerle is ingenieur bij Siemens en woont in Halle. Wim werkt in het economaat van het ziekenhuis in Veurne. Tom doet vrijwilligerswerk en Hilde is huisarts in Lichtervelde. Willy en Cecile zijn ook de trotse grootouders van Artuur, Astrid, Viktor en Lukas. Naast het verenigingsleven houdt hij zich graag bezig met lezen over geschiedenis, politiek ... Willy's grote droom is een zo zelfstandig en welvarend mogelijk Vlaanderen voor de toekomstige generaties.Naar aanleiding van zijn vijftigjarige lidmaatschap bij het letterkundig genootschap de Vereenigde Vrienden gingen we bij Willy en Cecile op de koffie voor een fijne babbel. "Ik ben geboren op 6 augustus 1939 in een groot gezin in Beselare", steekt Willy van wal. We waren thuis met zeven kinderen. Mijn moeder, Rachel Demeulenaere, baatte de textielwinkel Vandamme-Demeulenaere uit. Mijn vader, Cyriel, was grensarbeider zoals bijna 90 procent van de werkende bevolking in Beselare. Hij was meestergast in een textielbedrijf in Roubaix.""Ik volgde na één jaar middelbaar een vijfjarige opleiding tot onderwijzer in de Normaalschool in Torhout. Tegenwoordig volgt men eerst middelbaar en daarna hoger onderwijs voor onderwijzer of regent.Lesgeven heb ik, behalve de verplichte stages, niet gedaan. Ik zag dat niet echt zitten. In de grote vakantie volgend op mijn laatste jaar volgde ik een vakantiecursus wiskunde om te kunnen meedoen aan het ingangsexamen aan de hogere Nijverheids- en Handelsschool in Gent. Ik behaalde er in 1961 het diploma technisch ingenieur zwakstroom. Daarna volgde een twee maanden durende stage bij het toenmalige Sabena. In 1962 diende ik het vaderland, eerst in Turnhout en later in Vilvoorde. In 1963 begon mijn beroepsloopbaan bij de etn. Vandecappelle gebroeders nv, een groothandelaar in industrieel elektrisch materiaal en bouwer van verdeel- en schakelborden voor machinebesturingen en/of fabricagelijnen. Naast de hoofdzetel in de Rumbeeksesteenweg was er nog een werkplaats in de Roterijstraat in Rumbeke, een filiaal in Haasrode en een dochterbedrijf in Wetteren. Ik was een trouwe soldaat en ik ben er tot aan mijn pensioen als technisch-commercieel medewerker blijven werken.""In 1966 stapte ik in het huwelijksbootje met Cecile Soenen uit Beselare. We vestigden ons in de Zuidmolenstraat. Vier jaar later bouwden we een eigen woning in de Begoniastraat op Sint-Jozef, waar we nu nog altijd wonen. Dat was in het jaar 1970 en hier begint mijn lidmaatschap bij de Vereenigde Vrienden. Het was mijn buurman Guido Fossez die me meetrok naar en introduceerde bij het letterkundig genootschap. We vergaderden toen in de bovenzaal van 't Schaeck bij de legendarische kastelein Romeo Verstraete", zegt Willy."Raf Vantieghem, groothandelaar in koffie, was toen voorzitter. In die periode zat de Rumbeekse afdeling van het Davidsfonds op zijn gat. Er was dringend vers bloed nodig. Op vraag van mijn neef André Durnez, toen gouwvoorzitter van het Davidsfonds, nu zeggen we provinciaal voorzitter, zijn we bij Greta Vandoorne samengekomen om een nieuwe start voor te bereiden. Voorzitter was toen Omer Depla. Nadien volgde een bijeenkomst met oud-bestuursleden en daar werd ik tot mijn eigen verbazing voorgedragen als waarnemend voorzitter. Ik heb toen met knikkende knieën 'ja' gezegd", mijmert Willy."Van waarnemend voorzitter ging dat geruisloos over naar volwaardig voorzitter en pas 35 jaar later heb ik de voorzittershamer aan Leen Pype doorgegeven. Ik bewaar de beste herinneringen aan de fijne mensen van het Davidsfonds-bestuur, die samen met mij meegewerkt hebben aan de uitbouw van onze afdeling.""In mijn beginjaren als voorzitter stond de Vlaamse taal en dito beweging sterk op de voorgrond", vertelt Willy verder. "In de daaropvolgende jaren is dat meer en meer verveld naar bijna uitsluitend een cultuurbeweging. Het grote verschil tussen het Davidsfonds en de Vereenigde Vrienden was uiteraard de schaal. Het Davidsfonds was een nationale beweging, goed gestructureerd in gouwen en gewesten, met een jaarlijks congres, enzovoort terwijl de Vereenigde Vrienden Rumbeekse wortels had en heeft en een culturele vriendenvereniging is. Beide droegen en dragen godsdienst, taal en vaderland hoog in het vaandel.""Het voorzitterschap bij Davidsfonds was voor mij een gezonde uitlaatklep voor het drukke, soms stresserende werk bij firma Vandecappelle. We zijn twee jaar geleden als plaatselijke afdeling gefuseerd met de afdeling Roeselare. Van dan af ben ik geen bestuurslid meer. Ik bewaar de best mogelijke herinneringen. Zo denk ik aan de jaarlijkse plaatselijke boekenbeurzen bij de hernieuwing van het lidmaatschap, de tentoonstelling van Rumbeekse kunstenaars, de optredens van Loubistok in de Sint-Petrus en Pauluskerk, de vele bevlogen en interessante causerieën en ook de hechte samenwerking op vlak van programmatie met de Vereenigde Vrienden. In vele was de hand van culturele duizendpoot Raoul Boucquey te herkennen." "In beide verenigingen blijf ik lid, maar verantwoordelijkheden laat ik aan anderen over. Maar zoals overal is het hard zoeken naar jonge mensen om aan de kar te trekken. Voor mij is het nu meer dan tijd om wat meer te genieten.Dank aan de vrienden van de Vereenigde Vrienden voor de vriendschap en de vele gezellige momenten in de voorbije halve eeuw", besluit Willy. (AD)