Yves Rosseel van Izegemse drankenhandel: “Wij worden als sector óók doodgezwegen”

IzegemMet wie kun je beter dan Yves Rosseel aan tafel gaan als je eens het reilen en zeilen binnen de Izegemse horeca voor het voetlicht wil brengen? De man heeft zelf cafés in eigendom, belevert ook tal van andere horecazaken en heeft ook nog zijn drankenhandel in de Sint-Jorisstraat. Veel hoop op een snelle heropening van de horeca koestert hij echter niet.

Yves Rosseel op de koer van zijn drankenhandel. “We draaien met 70 procent omzetsverlies.” (foto Frank)©Frank Meurisse Frank Meurisse
Yves Rosseel op de koer van zijn drankenhandel. “We draaien met 70 procent omzetsverlies.” (foto Frank)©Frank Meurisse Frank Meurisse

Yves Rosseel (55) is al de vijfde generatie in het bedrijf dat in 1837 ontstond. Zijn vader Jules was nog een brouwer in de echte zin van het woord. “Het brouwen stopten ze kort na de Tweede Wereldoorlog. Zelf ben ik in 1986 in de zaak gekomen, in 1998 zijn we naar hier komen. Daarvoor huisden we in de Kruisstraat met onze drankenhandel. Ik heb ook nog de tijd geweten dat we een eigen drankenronde hadden, maar die is weggevallen met de opkomst van de discounts.”

Mix van cafés

Yves werkt met vijf personeelsleden, maar die zitten al maandenlang thuis. “We draaiden vorig jaar op 30 procent van onze normale omzet. We beleveren de horeca, een mix van eigen cafés, huurcafés en vrije cafés, maar die zijn nu al maandenlang gesloten. De horeca was al een sector die het niet makkelijk had. Als je nu door Izegem rijdt en je hebt mijn leeftijd dan kun je wel iedere honderd meter een café noemen dat niet meer bestaat. Ik hoor mijn vader nog vertellen dat er in de Roeselaarsestraat meer van 50 cafés waren, nu is er nog The Corner. Voor de rest niets meer. Maar dat is natuurlijk niet enkel een Izegems fenomeen.”

Yves Rosseel hoort ‘zijn’ kroegbazen nu ook wat minder. “Ik zie wel eens iemand, maar iedereen zit nu gewoon thuis. Er is een groot voordeel: de mensen die in de horeca werken zijn echte liefhebbers, die bewust voor deze stiel hebben gekozen. Maar er is natuurlijk nog het financiële luik. Het is sowieso een branche die het financieel al niet breed heeft. De eerste sluiting konden de meesten nog vlot overleven, de tegemoetkomingen van de overheid lagen toen ook hoger. Je mag ook niet vergeten dat de overheid de horecazaken verplicht om te sluiten. In de tweede sluiting waar maar geen eind lijkt aan te komen zal het moeilijker worden. Leg maar eens een onderneming vijf maanden stil, dat valt toch haast niet te overleven.”

“Leg eens een onderneming vijf maanden stil, dat valt toch niet te overleven”

Niet dat de klanten van Yves Rosseel nu bij bosjes de boeken neerleggen. “Dat niet. Ik weet dat in Izegem Karizma en Patjes Pub niet meer opengaan en Linda van l’Abattoir sloot wat eerder dan voorzien de deuren. In K in Kortrijk leverde ik aan twee tearooms die zich helemaal boven het winkelcentrum bevonden. De uitbating is daar gestopt en wordt niet meer hervat: ze zullen er kantoren van maken. Van de restaurants onder mijn klanten, hoor ik dat hun takeaway goed draait, maar enkel in het weekend. Dat helpt om wat kosten te dekken, maar ook niet meer. Maar daar leeft ook de vrees dat het personeel elders naartoe zal trekken. In de horeca heb je niet het hoogste basisloon, maar kun je wel een mooie cent verdienen door veel uren te doen. Nu valt iedereen daar terug op 70 procent van dat basisloon.”

geen medeleven meer

Yves Rosseel belevert ook bedrijven, maar door het vele telewerk zijn daar de bestellingen ook flink naar beneden gedoken. En de jaarlijks terugkerende feesten zijn er ook niet. Er gebeurt evenmin iets in het JOC en zaal ISO waar Rosseel de huisleverancier is. De drankenhandel in de Sint-Jorisstraat doet het wel naar behoren. “Op dit moment draaien we dezelfde omzet als anders, maar in de eerste lockdown verkochten we bijna dubbel zoveel. Het was goed weer, de mensen konden buiten… Van die eerste lockdown heb ik ook gebruik gemaakt om de batterijen even op te laden. Ik heb er deugd van gehad.”

Het valt Yves Rosseel ook op hoe stil het geworden is rond de versoepeling van de voor de horeca geldende maatregelen. “Ik ben blij voor de kappers dat ze opnieuw open mogen, maar ze hebben daarvoor wel bijna het land in brand gezet. Gelijk hebben ze, maar de situatie in de horeca is niet minder nijpend. En als je dan de uitleg na het Overlegcomité hoort, dan spreken ze zelfs niet meer over de horeca. We worden doodgezwegen. Het wordt te vanzelfsprekend dat ze dicht zijn en blijven. Het medeleven lijkt ook wat verdwenen.”

Paasvakantie

Op een snelle heropening durft Yves Rosseel dus ook niet te rekenen. “De cijfers zijn ook nog niet goed genoeg. 1 april, net voor de paasvakantie? Ik hoop van wel, maar denk van niet. De stormloop op de horeca zal groot zijn bij een heropening, wellicht riskeren ze dat niet tijdens de paasvakantie.” Yves is ook de papa van twee studerende kinderen: Simon (18) en Julie (21). “Ze trekken hun plan, maar hun leven staat nu even on hold. Op die leeftijd moet je kunnen feesten. Toen ik leeftijd had… Het leven leek toen voor eeuwig!”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.