Wim Fiems triomfeert samen met twee kompanen op de Ventoux: “Trial na 44 jaar nog even boeiend”

(foto ADB)
Jan Maeseele
Jan Maeseele Medewerker KW

Wim Fiems is tussen de motoren geboren. Vader Bertrand runde in de Tieltsestraat een garage en als kind was Wim, net als zijn broers en zus, gefascineerd door de motoren. Nog voor hij kon en mocht autorijden, toerde hij rond op een brommertje.

En Wim blijft nog steeds geboeid door de motoren. “Ik koos op vijftienjarige leeftijd voor de trial. Ondertussen zijn we 44 jaar verder en het is nog even boeiend als die eerste dag. Trial is echt een familiezaak. Ik begon er aan met vader en mijn twee broers. Vader is inmiddels overleden en mijn twee broers haakten af in deze sport”, zegt Wim.

Trial wordt gereden op een doorgaans bochtig, heuvelrijk en hindernisrijk parcours. Snelheid kun je er onmogelijk halen. “Dit is dus zeker niet het belangrijkste in de trial. Het kom er op aan om het parcours af te leggen zonder een voet aan de grond te zetten, of toch zo weinig mogelijk.”

De motor beheersen

Voor de trialrijder komt het er op aan dat hij zijn motor beheerst en het hoofd koel houdt. “Een wedstrijd bestaat doorgaans uit twaalf tot twintig proeven langs een parcours van een zevental kilometer. Soms is het wel wat intenser. Op de Ventoux kregen we negentig kilometer per dag te verwerken over de stenen. Dit moesten we drie keer rijden en er waren 36 non stops per wedstrijd. Voet aan de grond betekende een strafpunt. Vallen of mislukken is goed voor vijf strafpunten.”

We zijn de eerste Vlamingen die op de Ventoux podiumplaats behaalden

Om de sport te beoefenen, moet Wim nogal wat verplaatsingen maken “Dit jaar reden we onder meer het Belgisch kampioenschap. In eigen land waren er wedstrijden in Francorchamps, Blegny en Bilstain. We trokken ook naar het buitenland voor internationale ontmoetingen in Engeland, Duitsland en Frankrijk.”

Grootste wedstrijd

Als Wim aan de start verschijnt, weten de tegenstanders dat ze op hun tellen moeten passen, want de Koolskampnaar is een geducht trialrijder. Zo won hij de drie genoemde wedstrijden in eigen land. De klassieker op de Ventoux is zowat het mekka voor elke rijder. “Meer dan vierhonderd internationale deelnemers trachtten de flanken van de berg te overwinnen. Het is zowat de enige wedstrijd die je in een team van drie rijders moet betwisten. In deze grootste wedstrijd binnen Europa konden we naar een derde plaats rijden. Daarmee waren we de eerste Vlamingen die op de Ventoux in al die jaren een podiumplaats behaalden.”

Dit team, genaamd de B40, bestaat naast Wim uit zijn trialvrienden Vincent Vanbetsbrugge en Koen Windels. “Ik ben Koen en Vincent zeer dankbaar om met mij dit unieke resultaat te behalen.” Het was de vierde keer dat het Vlaamse team deelnam in Frankrijk met in het verleden de tiende plaats als beste resultaat. “Het podium halen in dit internationale gezelschap is een droom”, zegt Wim Fiems.

Van voor 1965

De trialwedstrijden die Wim en collega’s rijden, zijn Classics. Dat wil zeggen dat de motoren van voor 1965 zijn. “Ik rij met een BSA uit 1963 met een Drytonframe. De motoren hebben we zelf gebouwd en de motoren vernieuwen en onderhouden we met de grootste zorg. Het is dus een dubbele hobby voor mij, als mecanicien en als piloot. En Wim besluit: “Op het programma staat nu nog een wedstrijd in het Engelse Talmag. Onlangs schopte ik het ook tot Belgisch kampioen trial. Bij de laatste manche in Saint Remy begon ik als leider en dat volstond voor de titel.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.