Een interview op zaterdagmorgen 10 uur? Geen enkel probleem voor Willy Wostyn die dan al met echtgenote Rita Lerouge en enkele vrienden van een koffie geniet in Bellis op de Grote Markt. "Een vaste gewoonte die we niet snel zullen opgeven", lacht Willy. "Rita en ik zijn graag onder de mensen en we jeunen ons." Dat blijkt al snel wanneer we ons afzonderen want de keren dat Willy iemand begroet die passeert, zijn niet op een hand te tellen. Meteen blijkt dat Willy veel meer is dan commerçant en kunstenaar.
...

Een interview op zaterdagmorgen 10 uur? Geen enkel probleem voor Willy Wostyn die dan al met echtgenote Rita Lerouge en enkele vrienden van een koffie geniet in Bellis op de Grote Markt. "Een vaste gewoonte die we niet snel zullen opgeven", lacht Willy. "Rita en ik zijn graag onder de mensen en we jeunen ons." Dat blijkt al snel wanneer we ons afzonderen want de keren dat Willy iemand begroet die passeert, zijn niet op een hand te tellen. Meteen blijkt dat Willy veel meer is dan commerçant en kunstenaar."Mijn ouders, Michel en Marie-Louise, verkochten dames- en herentextiel in een winkel op de hoek van de Manestraat. Mijn vader was ook nog vertegenwoordiger voor De Witte Lietaer voor West- en Oost-Vlaanderen. Toen mijn ma stopte met de winkel hebben Rita en ik Roslar Interieur opgestart, een zaak voor binnenhuisinrichting. Dat was zeer complementair met mijn job als binnenhuisarchitect. Ik werd onmiddellijk actief in het straatcomité, eerst als secretaris en later als voorzitter. Daarna kwam ik in de Raad van Bestuur van de centrumstraten en ik ben er ook zes jaar secretaris geweest. Toen ik aan 50 jaar gezondheidsproblemen kreeg, hebben we Roslar Interieur gestopt en de winkel overgelaten. Maar enige tijd later ben ik met Sweeties gestart in de Vrouwestraat. Dat was een winkel van snoep, sigaretten en drank maar eigenlijk was het meer een sociaal bureau voor de jeugd (lacht). Ik had klanten van vijf scholen uit de omgeving en toen ik eens een Red Bull-actie organiseerde, moest de straat afgesloten worden. Dat heb ik toch maar één keer gedaan !""Roeselare is op en top commercieel, altijd geweest. Nu moet de commerçant hard knokken om een goede boterham te verdienen en moet hij zeker actief zijn op sociale media en internet. Maar grote projecten zoals de Batjes, lifestyle op De Munt en de eindejaarsshopping lokken toch veel volk. Het grote verschil is dat je vroeger hard moest werken maar een mooie frank verdiende terwijl je nu even hard moet werken en het niet zeker is dat je iets verdient. Wie nu een zaak zou beginnen, zou ik aanraden om een zeer gespecialiseerde of exclusieve winkel te starten. Wanneer je alles wil aanbieden wordt het moeilijk. Kijk maar naar de C&A die na al die jaren verdwijnt uit de Ooststraat. Dat is toch geen goed teken.""Ik ben een echte autodidact. Ik heb geen kunstacademie gevolgd maar door mijn studies binnenhuisarchitectuur aan Sint-Lucas Gent werd mijn liefde voor kunst wel aangewakkerd. Kunst is een uitlaatklep voor mij en een manier om bepaalde thema's van onze maatschappij op een eigen manier onder de aandacht te brengen. De rode draad of beter gezegd, draden in mijn werken zijn structurele oppervlaktes, acrylverf en aardetinten. Mijn allereerste tentoonstelling was in Sint-Lucas zelf en mijn eerste tentoonstelling in Roeselare was in de vergaderzaal van de vroegere VAN. Op vandaag heb ik al zeven keer een expositie gedaan in Galerie Blomme, werd ik een paar keer geselecteerd door de provincie en mocht ik exposeren in Deinze, Drongen en Wervik. En heb ik zelf op de Grote Markt gestaan met Paris-Montmartre, toch wel een beetje mijn geesteskind. Ik heb dat maar één keer gedaan. Exposant en organisator samen, dat valt moeilijk te combineren. Nu ik de voorzittersfakkel heb doorgegeven aan Lucrèce en ik erevoorzitter ben, zal ik in de toekomst misschien opnieuw aanwezig zijn op Paris-Montmartre als exposant.""Ik heb altijd sterk geloofd in vrijwilligerswerk, zowel voor individuele mensen als voor zaken in onze maatschappij. Ik ben lid van het Berek van de Erepoorters, lid van de Bouwbeurs en lid van de Jaarbeurs. Verleden jaar werd ik erevoorzitter van Paris-Montmartre en twee namiddagen per week ben ik vrijwilliger in Televestiaire. En ik doe alles met hart en ziel. In de eerste plaats omdat ik graag anderen help maar ook omdat ik graag bij het volk ben. Ik kan moeilijk alleen zijn. Er is maar één uitzondering daarop: als ik schilder, ben ik alleen.""Ik haal voldoening uit mijn leven door kleine dingen. Dat kan een schilderij zijn maar ook wanneer Rita en ik een uitstapje maken, wanneer ik iemand een plezier kan doen of wanneer we op reis gaan naar Tenerife. Rita en ik gaan al 18 jaar naar hetzelfde hotel en dat is echt onze favoriete vakantiebestemming.""Ik kan ook genieten van een lekkere maaltijd. Maar ik moet een beetje opletten nadat ik een operatie heb ondergaan. Ik mag geen grote hoeveelheden meer eten maar dan kies ik voor kleine maar heel lekkere stukjes. Zoals in Bellis hier. Ik eet hier graag, je weet altijd dat het zal smaken. En een glaasje witte wijn kan er ook bij maar ik drink nog altijd liefst Rodenbach. Je kunt niets anders verwachten van iemand die in de Rodenbachstudentenclub is geweest. Bovendien wil ik geen miserie met mijn goede vriend Rudi van de Rodenbach (lacht).""Familie komt boven alles. Dochter Ine is gehuwd met Kristof Knockaert en zij hebben twee kinderen, Dieter en Jonas. Zoon Ruben is getrouwd met Sylvie Dhondt en zij hebben ook twee kinderen, Alexander en Amber. Ik ben ongelooflijk preus op onze familie en op onze goede band. Bovendien zijn ze allemaal op hun plaats beland en doen ze goed voort. Ik hoop dat iedereen lang gezond blijft en er nooit iets ernstig gebeurt. Ja, ik ben daar soms bezorgd over. Maar ik geloof dat dit typisch is als je ouder wordt. Maar het is in de eerste plaats 100 procent genieten van de verjaardagsfeestjes van de kleinkinderen en van de familiefeesten bij uitstek, Kerstmis en Nieuwjaar. Dat zijn telkens supermomenten."