Weerman Geert Naessens verzamelt weerspreuken in uniek boek

Bert Vanden Berghe

Al decennialang is Geert Naessens (46) gepassioneerd door het weer. De weerman voor Radio 2 West- en Oost-Vlaanderen en Focus/WTV brengt nu een boek uit rond weerspreuken, die uit ons collectief geheugen dreigen te verdwijnen. “Weerspreuken ontstonden omdat mensen die wijsheden niet konden neerschrijven en ze dan maar in spreuken of rijmen omzetten. Dat is vandaag helemaal anders.”

Het regent oude wijven. Het is één van de meest bekende weerspreuken. Maar eigenlijk is het maar een deel van de effectieve volkswijsheid: het regent oude wijven met klompen aan. Dat verwijst naar het gelijkaardige geluid dat klompen maken als regen op daken. Er zijn veel meer varianten op stevig regenweer. Pijpenstelen, mollenjongen, scheermesjes… het valt allemaal uit de lucht in onze taal. Van de 4.000 weerspreuken die Geert door de jaren heen verzamelde, bundelde hij er 600 in een uniek boek: Weerzeggerij. Maar zijn eigen verhaal begon ergens in de jaren 80 in een tuin in Assebroek. Geert, net als zijn vader geïnteresseerd in het weer, bouwt er zijn eigen weerstation. Hij houdt alle metingen netjes bij in schriftjes en maakt op den duur zijn eigen weerberichten.

“Het was de tijd dat er nog echt koude winters bestonden”, grijnst Geert. “Weerberichten maken, was een hobby als een ander. Met de intrede van de computer hield ik daarop alles bij.” Vandaag is zijn computer een onmisbaar instrument. Elke morgen staat Geert om half zes op om weerberichten te maken, voor Radio 2 en voor zijn eigen website. “Het eerste wat ik doe, is naar buiten kijken. Een goede voorspelling begint met een goede waarneming. Op de computer bekijk ik allerlei modellen en werk ik zo alles uit. Ik ben er al snel twee uur mee bezig. Tijdens de dag stuur ik dat weerbericht bij waar nodig.”

Ochtendrood

In het dagelijks leven werkt Geert als office manager voor een opleidingsinstituut in Brugge, waar hij onder meer de administratie en boekhouding verzorgt. Al zijn weeractiviteiten doet hij in bijberoep. “Al voelt dat niet echt aan als werken, eerlijk gezegd. Ontspanning vind ik dan weer in mijn tuin.” Leuk detail: alle natuurfoto’s die ter illustratie werden gebruikt in het boek komen van zijn hand, veelal genomen in zijn eigen tuin. “Fotografie is een andere passie. In dit boek komt alles samen.”

“Vroeger had je nog seizoenen, terwijl het nu allemaal wat eentonig wordt”

Het boek Weerzeggerij ontstond een hele tijd geleden. Geert geeft regelmatig lezingen over het weer en kreeg op een gegeven moment de vraag of hij een lezing over weerspreuken kon geven. “Dat was heel fijn om te doen. Ik verzamelde allerlei weerspreuken, zocht de uitleg op en breidde die verzameling uit. Er is niet echt één bron waar je kan uit putten. Veel van die spreuken vind je terug in boeken of kalenders bijvoorbeeld. Ik maakte een klein boekje waarin ik er een aantal verzamelde en dat bleek aan te slaan. Met Johan (Vergote, van Uitgeverij Bibliodroom, red.) werd dat nu in een mooi boek gegoten. Of ik een lievelingsspreuk heb? Ochtendrood, water in de sloot. Misschien een cliché, maar ik vind het wel een hele mooie. Er zijn veel spreuken gelinkt aan dagen of maanden, maar dit soort wijsheden vind ik de mooiste, ook al omdat ze heel vaak kloppen. Hier kan je ook heel duidelijk het wetenschappelijk proces uitleggen, waarom er dan regen op komst is. Er zijn overigens ook spreuken die nooit kloppen, maar het is wel interessant om te zien waar dat vandaan komt.”

Weerspreuken zijn een soort roerend erfgoed. En zoals het vaak daarmee gaat, verdwijnt er ook veel tussen de plooien van de tijd. “Weerspreuken ontstonden omdat mensen die wijsheden niet konden neerschrijven of delen, en ze dan maar in spreuken of rijmen omzetten zodat ze ze gemakkelijker konden doorgeven. Vandaag is dat helemaal anders. Daarom komen er ook geen nieuwe meer bij en zijn ze vaak alleen maar bekend bij een iets ouder publiek, wat jammer is.”

Klimaatopwarming

Ook het weerbeeld zelf verandert en evolueert. Zelfs in al die jaren dat Geert het weer opvolgt, ziet hij duidelijke evoluties. “De klimaatopwarming valt simpelweg niet te ontkennen. Daardoor is ons weerbeeld saai geworden. Het is altijd maar zacht, omdat we veelal onder hogedrukgebieden vertoeven, veel meer dan vroeger. Natuurlijk wordt het weer extremer, maar dat komt vooral tot uiting in andere delen van de wereld. Maar de klimaatopwarming laat ook heel duidelijk bij ons zijn sporen na. Hoeveel echte regendagen hebben we dit najaar al gehad? Van die dagen dat je van ‘s morgens tot ‘s avonds een paraplu nodig hebt? We zijn eind november en je kan nog steeds je gras afrijden. De droogte is een groot probleem geworden.”

“Of ik nog geloof dat het goed komt? (denkt na) Het zal blijven veranderen, maar we moeten ons niet alleen focussen op de negatieve kanten. Elk jaar daalt het aantal klimaatdoden, en de verschuiving van warmtegebieden zorgt ervoor dat er nu andere delen van de wereld vruchtbaar worden. De mens is ook niet gemaakt om op een koude planeet te wonen. Maar vroeger zag je inderdaad nog die seizoenen bij ons, terwijl het nu allemaal wat eentonig wordt. Ik zie die evolutie ook in onze tuin. Planten die we vroeger moesten binnen zetten voor de vorst, moeten we niet eens meer afdekken in de winter. Ik merk zelfs dat bepaalde bomen en planten in onze tuin nog altijd bloeien of bladeren hebben, of zelfs opnieuw beginnen bloeien. Zelfs als het nu weer wat kouder wordt, is het nog altijd niet meer dan een prikje. Maar de problematiek is ingewikkeld, het is geen zwart/wit-verhaal. Maar dat het klimaat verandert, daar bestaat geen enkele twijfel over.”

‘Weerzeggerij’ van Geert

Naessens is uitgegeven bij

Bibliodroom en telt 160 pagina’s. Info: www.geertnaessens.be.

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.