Acerta onderzoekt voor de mobiliteitsbarometer de loongegevens van meer dan 40.000 werknemers uit de private sector. Voor 2019 blijkt daaruit dat de auto in West-Vlaanderen betrokken is in 79,2 procent van de woon-werkverplaatsingen. 66,5 % rijdt zelfs altijd met de auto naar het werk. Ook het percentage West-Vlaamse werknemers met een bedrijfswagen stijgt opnieuw: van 16,5 procent naar 17,8 procent. Vorig jaar stagneerde dat aantal nog.
...

Acerta onderzoekt voor de mobiliteitsbarometer de loongegevens van meer dan 40.000 werknemers uit de private sector. Voor 2019 blijkt daaruit dat de auto in West-Vlaanderen betrokken is in 79,2 procent van de woon-werkverplaatsingen. 66,5 % rijdt zelfs altijd met de auto naar het werk. Ook het percentage West-Vlaamse werknemers met een bedrijfswagen stijgt opnieuw: van 16,5 procent naar 17,8 procent. Vorig jaar stagneerde dat aantal nog."Bij onze vorige Mobilieitsbarometer was hèt nieuws nog de stagnering van de populariteit van de bedrijfswagen. Maar nu, in 2019, zijn er weer wat meer", zegt Thijs Deklerck, kantoordirecteur van Acerta Roeselare. "De toename zit hem vooral bij de vrouwelijke bedienden die nog altijd minder dan mannen op een bedrijfswagen hebben kunnen rekenen. In 2019 steeg het percentage vrouwelijke Belgische bedienden met een bedrijfswagen met 8,5 procent. 11,5 procent van de vrouwelijke bedienden had in 2019 de beschikking over een bedrijfswagen.""De bedrijfswagen mag dan niet meer het ultieme verloningselement zijn, hij valt niet zomaar te schrappen. En misschien moet dat ook niet, als auto's milieuvriendelijker worden en mensen bewuste keuzes voor combinaties blijven maken. We hebben in 2019 ook gezien dat de door de overheid aangeboden alternatieven onder de vorm van een mobiliteitsvergoeding (intussen ongrondwettelijk verklaard) en het mobiliteitsbudget nog geen succes zijn."Ook in West-Vlaanderen blijft de combinatie van transportmiddelen terrein winnen. Het is vooral met de fiets dat de auto wordt gecombineerd: 11,9 procent doet dat.Het percentage West-Vlamingen dat exclusief voor de fiets kiest, bedroeg vorig jaar 15,6 procent. Daarnaast ging 13,4 procent niet altijd, maar toch geregeld fietsend naar het werk."We stellen vast dat de (elektrische) bedrijfsfiets ondertussen zo goed als een standaardoptie is in cafetariaplannen die bedrijven aan hun personeel aanbieden", aldus Thijs Deklerck. "Veel bedrijven bieden bovendien - buiten het kader van een breed cafetariaplan - hun arbeiders en bedienden de mogelijkheid om een deel van hun toekomstig loon in te ruilen voor de terbeschikkingstelling van een (elektrische) bedrijfsfiets."Het openbaar vervoer in West-Vlaanderen bereikte in 2019 slechts 4,3 procent regelmatige gebruikers, dat is de helft van het nationalegemiddelde. De Mobiliteitsbarometer maakte in 2018 gewag van een stijging van het aandeel openbaar vervoer in het woon-werkverkeer en wees tegelijkertijd op het bescheiden aandeel van trein-tram-bus. In 2019 gaat het gebruik van het openbaar vervoer door West-Vlaamse werknemers in de private sector er weer licht op achteruit.In 2019 was de gemiddelde afstand die de West-Vlaamse werknemer aflegt tussen woonplaats en job 19 km, maar jaar na jaar komen daar enkele meters bij. (HH)