Het is niet voor het eerst dat het dolfinarium van Boudewijn Seapark onder vuur ligt. Dierenrechtenorganisatie Bite Back ging er al geregeld demonstreren, Chris Dusauchoit verzette er zich als presentator van Cactusfestival al meermaals openlijk tegen en ook kersvers Brugs schepen van dierenwelzijn Mathijs Goderis (SP.A) gaf al aan dat dolfijnenshows volgens hem niet meer van deze tijd zijn.
...

Het is niet voor het eerst dat het dolfinarium van Boudewijn Seapark onder vuur ligt. Dierenrechtenorganisatie Bite Back ging er al geregeld demonstreren, Chris Dusauchoit verzette er zich als presentator van Cactusfestival al meermaals openlijk tegen en ook kersvers Brugs schepen van dierenwelzijn Mathijs Goderis (SP.A) gaf al aan dat dolfijnenshows volgens hem niet meer van deze tijd zijn.Maar deze week bereikte het verzet tegen het dolfinarium een nieuw hoogtepunt. Vlaams minister van Dierenwelzijn Ben Weyts (N-VA) vertelde in De Zevende Dag op Eén dat hij op termijn geen dolfijnen in gevangenschap meer wil in Vlaanderen (zie kader, red.). Hij pleit niet voor een onmiddellijke sluiting van het dolfinarium, maar wel voor een uitdoofscenario.Het idee van Weyts doet dan ook vragen rijzen over de toekomst van Boudewijn Seapark, waar het dolfinarium de populairste attractie is. Het pretpark beleefde in 2018 een recordjaar met 300.000 bezoekers en 50.000 leerlingen die een schoolreis maakten naar het dolfinarium. In 2017 draaide het park nog een omzet van 5,9 miljoen euro en maakte het 1 miljoen euro winst. Er werken 30 mensen in het pretpark, die in de zomer aangevuld worden met 100 extra werknemers en jobstudenten. Maar dreigen die mensen hun job te verliezen als het dolfinarium effectief de deuren moet sluiten? Volgens Bart Vermeulen hoeft het niet zo'n vaart te lopen. De Zedelgemnaar was van 2002 tot 2010 zelf commercieel directeur van Boudewijn Seapark. Vandaag is hij directeur van de koepel Attracties & Musea, een organisatie die 250 Vlaamse instellingen vertegenwoordigt. Ook het Brugse pretpark is lid van deze organisatie. "Het spreekt voor zich dat het dolfinarium dé grote troef is van het pretpark", beseft Bart Vermeulen. "Maar een uitdoofscenario, zoals de minister voorstelt, hoeft helemaal geen ramp te zijn. Het duurt nog wel even voor de dolfijnen weg zijn. Ik herinner mij nog uit mijn tijd bij het park een tuimelaar van 40 jaar oud. Die leeft nu nog altijd! De gemiddelde leeftijd van de dolfijnen in Brugge is vrij hoog. Dat betekent dat ze goed verzorgd worden en dat ze het daar naar hun zin hebben. Het zal dus nog jaren duren vooraleer alle dieren gestorven zijn en er geen dolfijnenshows meer kunnen plaatsvinden. Uiteraard zijn er af en toe sterfgevallen, zeker bij babydolfijnen. Maar in de vrije natuur worden ook kalveren geboren die vrij jong sterven, omdat ze opgegeten worden door roofdieren."Toch mag de directie van het pretpark niet op haar lauweren rusten, vindt Bart Vermeulen. "Alles hangt af van de creatieve manier waarop de directie omgaat met de eventuele beslissing van de Vlaamse regering. Boudewijn Seapark heeft ruim de tijd om nieuwe uitdagingen aan te gaan, andere attracties te lanceren. Weyts heeft ook niet verklaard dat het dolfinarium moét sluiten. In eerste instantie heeft hij gezegd dat er geen nieuwe dolfinaria mogen bijkomen. Maar die beslissing werd al genomen in mijn tijd bij Boudewijn Seapark..."Al in 2013 adviseerde de Raad voor Dierenwelzijn het pretpark om op termijn het aantal zwemruimtes voor de zes tuimelaars anno 2019 zijn er al twee kalveren bij uit te breiden met onder meer een groter buitenbassin. Zes jaar later is er maar weinig veranderd en is er niet veel te zien van het masterplan van de Spaanse groep Aspro Ocio, die 15 à 20 miljoen euro zou investeren in Boudewijn Seapark. Maar sinds de overname in 2002 werd wel al fiks gesnoeid in het aantal vaste personeelsleden. Volgens Bart Vermeulen is het uitblijven van investeringen niet onlogisch. "Net voor ik vertrok bij het Boudewijn Seapark, was er al overleg met de Raad voor Dierenwelzijn om te investeren in een nieuw bassin. Dat dit nog niet gebeurd is, begrijp ik ten volle. Het lijkt mij logisch dat ondernemingen pas investeren in de toekomst, als er sterke perspectieven zijn. Dus begrijp ik dat de huidige directie garanties op lange termijn verwacht van de overheid. Zolang de nieuwe dierenwelzijnwet niet van kracht is, zijn er onvoldoende garanties."