Interne Keuken: de eeuwige optimist in Sissi Callewaert

Sissi Callewaert in haar keuken: "Ik kan de basisgerechten bereiden, maar ben zeker geen keukenprinses." © foto JS
Johan Sabbe

Sissi Callewaert, voorzitter van de plaatselijke loopclub Torrac, noemt zichzelf een optimist. Iemand die positief in het leven staat. “Ik vind het veel beter om bij problemen de zaken direct aan te pakken in plaats van mijn hoofd te laten hangen.”

“Elke mens is anders en sommigen uiten heel snel negatieve reacties, maar ik ben ervan overtuigd dat je met doemdenken nergens komt. Je geraakt er niet mee vooruit. Elke moeilijke situatie heeft wel een lichtpuntje. Als ik te veel negatieve zaken rondom mij ervaar, wordt mijn energie als het ware weggezogen. Dan probeer ik de situatie te blokkeren en er afstand van te nemen.”

In de cocon blijven

“Ik kan relatief goed met de huidige coronacrisis om. Het is wat het is en ik aanvaard dat. Ik kan prima tegen alleen zijn. Dat ik tegenwoordig afstand moet houden en niet veel mensen mag ontmoeten, doet me in mijn cocon blijven. Ergens vind ik het wel jammer dat mijn sociale contacten op een laag pitje staan, maar anderzijds brengt dat ook de nodige rust mee. De grote drukte en allerhande verplichtingen zijn tijdelijk weggevallen en dus maak ik veel kalmere dagen door. Niettemin zal ik er met plezier weer invliegen na de coronaperiode. Ik kan niet ontkennen dat het kriebelt om looptrainingen te geven.”

De slaap niet vatten

“Ik wil in geen geval ziek worden of anderen ziek maken. Dus doe ik sinds de uitbraak van het coronavirus zelf geen boodschappen meer. Ik heb een lieve man die deze taak op zich neemt. Als ik naar buiten ga, hou ik minstens anderhalve meter afstand. Ik erger me aan mensen die dat niet doen. Ik heb het geluk dat ik als leerkracht van thuis uit heb mogen werken. Al heeft dat een negatieve impact op mijn lichaam. Door het afstandsonderwijs zit ik soms uren achter elkaar op een stoel met een computerscherm voor me. Gevolgen: een stijve nek, pijn aan de rugspieren en vaak hoofdpijn. Tegelijkertijd mis is de interactie met de leerlingen.”

“In normale omstandigheden probeer ik sowieso zorg te dragen voor mijn lichaam. Gezond eten, voldoende water drinken en veel bewegen. Maar ik ben geen heilige. Ik bezondig me geregeld aan chocolade en chocolademelk. Ik ga ook graag uit eten en lust een glaasje rode wijn. Ik heb een bourgondisch trekje. Maar ik streef naar evenwicht. Door vaak te sporten, hou ik mijn fysieke conditie op peil. Momenteel loop ik zo’n drie à vier keer per week. Daar heb ik nood aan om mentaal gezond te blijven. Lopen is ideaal om mijn hoofd leeg maken.”

“Ik vrees dat ik een workaholic ben. Ik kan heel lang blijven doorwerken. Tot Bart op een bepaald ogenblik zegt dat het genoeg is geweest. Ik ben ook punctueel. Als ik iets doe, wil ik het goed doen. Dat is soms vervelend voor mezelf, want mijn geest valt weinig stil. Helaas ook ‘s nachts niet. Ik pieker veel en kan dan de slaap niet vatten. Als er me iets te binnen schiet, schrijf ik het op. Dat zorgt voor een zekere rust. Alleen als ik de vogels in de tuin observeer, verlies ik alle andere dingen uit het oog. We hebben in de tuin voederplaatsen voor die beestjes. Vroeger was er ook mijn hond Fairy, maar die is helaas dood.”

Geen regels overtreden

“Ik kan niet tegen mensen die liegen. Ik heb een hekel aan zulke personen. Als ik ontdek dat iemand tegen me gelogen heeft, vertrouw ik hem of haar niet meer. Dat wantrouwen sleept dan lang aan. Ik stoor me ook aan mensen die zich niet houden aan gemaakte afspraken. Uiteraard begaat iedereen fouten – ook ik – maar ik vind het erg als sommigen opzettelijk en bewust de regels overtreden. Iedereen heeft er alle voordeel bij om zich aan de afspraken te houden.”

Thuis tot rust komen

“Ik ben een rasechte huismus. Op reis gaan, is niet aan mij besteed. Hooguit een tripje met twee overnachtingen. Dat is meer dan voldoende. Ik voel totaal geen behoefte om verre reizen te maken of lang weg van huis te zijn. Trekken we er toch even op uit, dan het liefst in eigen land. Ik kan thuis het best tot rust komen. Daar is het voor mij de hemel op aarde. Tijdens vakanties of vrije dagen slaap ik wat langer, lees de krant tijdens het ontbijt, voeder de tuinvogels en kijk naar mijn vele opgenomen series en films. Ik heb anders niet de tijd om vaak tv te kijken, want er is altijd wel iets te doen. Maar als er vakantie is, haal ik mijn achterstand stevig in. Dan zou ik de ene serie na de andere bekijken. Thuis zijn, vind ik zalig. Een verademing.”

“Ik ben graag op de hoogte van de actualiteit. Ik wil weten wat er reilt en zeilt in onze samenleving. Ik probeer ook mijn leerlingen aan te zetten om zich te informeren over wat er zich in de wereld afspeelt. Als er verkiezingen zijn, volg ik de uitslagen op de voet. Ik zit dan aan de buis gekluisterd. Maar het politieke kluwen op zich vind ik minder interessant.”

Graag wokgerechten

“Ik kan de basisgerechten bereiden, maar ben zeker geen keukenprinses. Toen ik destijds nog thuis woonde, was het tijdens de vakanties de regel dat mijn zus en ik afwisselend moesten koken. De ene dag haar beurt, de andere dag de mijne. We mochten vrij kiezen wat we klaarmaakten, maar het mocht maar één keer per week spaghetti zijn en één keer frietjes. Plus: de frietjes moesten handgesneden zijn. Op deze manier heb ik leren koken. Zonder er veel talent voor te hebben, probeer ik altijd iets smakelijks op het bord te brengen. Ik durf al eens iets nieuws te proberen. Soms met succes, maar af en toe is het een tegenvaller (lacht). Ik maak vooral graag wokgerechten klaar. Ik vind die trouwens zelf lekker.”

“Ook ovengerechten zijn er geregeld bij. Maar sowieso moet ik nog veel leren. Ik zei al dat ik van dieren houd, maar een vegetariër zul je van mij niet maken. Mensen zijn alleseters en daar hoort een stukje vlees bij. Al weet ik natuurlijk dat het belangrijk is om voldoende groenten te eten. Daar hou ik rekening mee. Dus bereid ik af en toe een groenteschotel.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.