Café Pittem is één van de allerlaatste Roeselaarse échte volkscafés. "Er is volk binnengekomen van allerlei pluimage", zegt Ria. "Rijk of arm. Jong of oud. Met of zonder plastron. Iedereen was hier altijd welkom." Willy is van bachten de kupe, geboren in Lo en heeft in een vorig leven 32 jaar als dakwerker en asfalteerder gewerkt. Begin 1996 blies hij het café nieuw leven in. "Dit etablissement stond al een tijdje leeg. Als jonge gast kwam ik hier regelmatig over de vloer. Denise en Johny Dekemele waren toen de cafébazen. Toen ik vijftig jaar geleden afzwaaide van den troep, ben ik hier komen vieren en hebben ze mijn legerhemd aan de muur gehangen." Toen Willy beg...

Café Pittem is één van de allerlaatste Roeselaarse échte volkscafés. "Er is volk binnengekomen van allerlei pluimage", zegt Ria. "Rijk of arm. Jong of oud. Met of zonder plastron. Iedereen was hier altijd welkom." Willy is van bachten de kupe, geboren in Lo en heeft in een vorig leven 32 jaar als dakwerker en asfalteerder gewerkt. Begin 1996 blies hij het café nieuw leven in. "Dit etablissement stond al een tijdje leeg. Als jonge gast kwam ik hier regelmatig over de vloer. Denise en Johny Dekemele waren toen de cafébazen. Toen ik vijftig jaar geleden afzwaaide van den troep, ben ik hier komen vieren en hebben ze mijn legerhemd aan de muur gehangen." Toen Willy begon, heeft hij eigenhandig een nieuwe toog gebouwd. "Dat is eigenlijk het enige dat ik veranderd heb." De muur van deze volksherberg is bekleed met heel wat afbeeldingen van indianen. Vooral Geronimo springt in het oog. "Ik was vroeger zot van de westerns van John Wayne en las heel wat cowboyboeken." Het café was voor hem vanaf het begin zijn fulltime job. Ria combineerde het met haar werk als arbeidster. "Af en toe werden hier verjaardagen gevierd of soupers van de spaarkas. Ooit hebben we buiten een levend tafelvoetbal georganiseerd en een grootse barbecue. Ook met de kaartingen was het meestal vollenbak." Opvallend is het grote portret van Rudy Timmerman. "Een vaste klant die een goede vriend geworden was en die we een paar jaar geleden moesten afstaan. We hebben de voorbije jaren veel klanten verloren. Ik probeer naar al de begrafenissen te gaan", zegt Ria. "Onlangs waren er twee in één week tijd. Dat is zwaar om te dragen. Voor ons voelt dat als je familie die je verliest. Vaste klanten komen elke dag hun pintje drinken. Je bouwt daar een band mee op voor het leven." Het aantal lastige cafégasten valt volgens Willy heel goed mee. "Er is altijd wel iemand dronken maar als je je volk kent en je blijft rustig, lost zich dat meestal vanzelf op. Het heeft geen zin om je boos te maken." Hij is altijd graag bij de mensen geweest. "Ik ben gestart in de gouden jaren maar de laatste drie vier jaar is het enorm verzwakt. Het feit dat je hier niet meer mag roken en vooral de coronacrisis heeft er een ramp van gemaakt. Er gaan veel zaken sneuvelen. Je mag zelfs geen stoel meer voor de toog plaatsen", zucht Willy. "Dat is gewoon de ziel van je café. Moest die coronacrisis er niet geweest zijn, deed ik zeker nog enkele jaren verder. Opvolgers zijn er niet. Het café zal omgebouwd worden tot een gewone burgerwoning. Als we hier passeren, zal het vreemd aanvoelen. Deze zaak was bijna 25 jaar mijn thuis. Een afscheidsfeest mogen we niet organiseren. De vaste klanten zullen overdag wat gratis koffie en koeken krijgen en dan drinken we pinten tot één uur 's nachts tot we verplicht moeten sluiten." Willy is al een tijdje met pensioen en zal nu ergens anders op café moeten gaan. "Als ik dorst heb, spring ik binnen in de Skjeven Hoek, bij Filip in de Gezelle of in De Boomerang in de Vierwegstraat." Ook Ria zal niet in een zwart gat vallen. "Ik ben een grote fan van Willy Sommers. "Die liefhebberij zal ik terug oppakken. Daarnaast zal ik ruim de tijd hebben om voor mijn kleinkinderen te zorgen en samen met mijn schatje te genieten van een etentje of een wandeling aan zee met de rolwagen." (KK)