Maar we keren even terug naar Luik. De stad is een enorme bouwwerf en echt aantrekkelijk kun je het allemaal niet noemen. Het potentieel is er, alleen is het erg goed verborgen tussen eindeloze hoeveelheden stellingen, bulldozers en kranen. Boulevard d'Avroy, een groen vakje op het bord, vormt hier geen uitzondering op. Een mooi park, een groene long in het centrum van de stad of toch zo staat het op papier. De realiteit is dat ook hier de bouwwoede woest om zich heen slaat. Heel veel groen is er niet meer te zien, omleidingen en gefrustreerde automobilisten des te meer.
...

Maar we keren even terug naar Luik. De stad is een enorme bouwwerf en echt aantrekkelijk kun je het allemaal niet noemen. Het potentieel is er, alleen is het erg goed verborgen tussen eindeloze hoeveelheden stellingen, bulldozers en kranen. Boulevard d'Avroy, een groen vakje op het bord, vormt hier geen uitzondering op. Een mooi park, een groene long in het centrum van de stad of toch zo staat het op papier. De realiteit is dat ook hier de bouwwoede woest om zich heen slaat. Heel veel groen is er niet meer te zien, omleidingen en gefrustreerde automobilisten des te meer. Alsof dat niet genoeg is, lijkt het ook een uitdaging te zijn hier een horecazaak te vinden. Zij die er waren, sloten de deuren wegens de onbereikbaarheid van het geheel. De weinigen die wel nog open zijn, behoren allemaal tot grote ketens, dus moeten we even van ons principe afwijken. We besluiten een O'tacos binnen te stappen om er niet alleen te eten maar ook om het laatste, Luikse vakje te laten aftekenen. Het onthaal is er even ravissant als het zicht op het plein. De kille en ronduit botte manier waarop mensen er worden ontvangen tonen net aan waarom onze horeca wereldwijd naam en faam geniet. Wie een café of een onafhankelijk restaurant binnenstapt, komt in de leefwereld van de patron, de waard die een stukje van zijn ziel open stelt voor de klanten. Wie een keten binnenstapt wordt geconfronteerd met mensen die er enkel de voorwaarden van hun contract naleven.Weg van deze betonnen jungle en weg van een sfeer die onze positieve staycation-vibe onderuit haalt. Hoewel, één stop net buiten het stadscentrum staat nog op het programma maar dan een stop van een geheel andere orde. Het Fort van Chartreuse zorgde, in lang vervlogen tijden, voor de beveiliging van de stad. Begin 19de eeuw werd het gebouw in opdracht van de toenmalige koning Willem en tijdens beide wereldoorlogen speelde het fort een erg belangrijke rol. Toen we voor de tweede keer de Duitse bezetters eruit wisten te trappen, deed het fort nog tot 1982 dienst als kazerne en opleidingscentrum, maar het geheel was te verouderd om nuttig te zijn. Toen de laatste soldaat de deuren achter zich dicht trok, nam de natuur het complex opnieuw over. Ondertussen is het volledige domein ook geklasseerd als beschermd monument, maar dat dit in België niet meteen gelijk staat aan "laat het ons gaan renoveren" blijkt al snel wanneer je door de verroeste poort naar binnen stapt.De bovenverdiepingen van de kazerne zijn niet meer toegankelijk doordat ze eenvoudigweg niet meer bestaan. Ook voor de rest van de gebouwen is het slechts een kwestie van tijd vooraleer ze als een kaartenhuisje ineen zullen zakken. Toch heeft deze gigantische ruïne iets magisch, bijna romantisch zelfs. De overblijfselen schetsen een beeld van hoe het er in die tijd aan toeging en het is een gedroomde bestemming voor urbexers, fotografen met een passie voor verlaten en vervallen zaken. Er ronddwalen mag, in principe, niet alleen lijkt niemand er wakker van te liggen. Tijdens mooie dagen tref je op het binnenplein heel wat picknickende gezinnen aan en ook communie- of trouwfoto's worden er gretig genomen. De politie houdt er een oogje in het zeil, dan niet vanwege het feit dat mensen er rondlopen maar wel vanwege het feit dat ook minder leuke kerels er rondzwerven. Diefstallen en bezoekers die er worden lastiggevallen zijn er helemaal geen uitzondering.Goed, genoeg van deze grauwe en grijze zone. Verviers lacht ons toe en de stad is ook voor ons een grote onbekende. Bij onze aankomst installeren we ons op het terras van La Bourse, een heerlijk traditioneel café op de Place Verte. Bier wordt er nog geserveerd in metalen bekers, waardoor we ons heel even een viking wanen en ook de 'patron' tekent er met heel wat plezier het volgende vakje van ons bord af. Op het terras van het café, waar iedereen binnen eigen bubbel aan het genieten is, draaien de gesprekken vooral over één iets. Op het moment dat ik de enorme beker tegen mijn lippen zet, komt de Veiligheidsraad opnieuw samen en iedereen vreest voor een nieuwe lockdown. Terwijl de zaakvoerder ons de stift teruggeeft, geeft hij aan te vrezen dat hij een tweede sluiting niet zou overleven. Ook op vakantie is de actualiteit nooit veraf en de Belgen leven op dat moment van week tot week, van persconferentie tot persconferentie. De situatie toont ook het schrille contrast tussen de sociale media en het echte leven aan. De stoerdoenerij van het web, de eeuwige online klaagzangen van zij die denken dat niemand de regels volgt, maken plaats voor een bittere realiteit. In het echte leven hebben heel wat mensen nog steeds schrik, van zowel het virus als van de maatregelen.De tijd tikt verder weg en we besluiten onze zoektocht naar een slaapplaats al aan te vatten. We rijden stilaan de bergrijke gebieden van het land binnen en er staan enkele pittige activiteiten op het programma. We kunnen dan ook onze rust goed gebruiken en ook deze avond wordt het opnieuw wild kamperen (iets wat heel wat aangenamer is als je over een koelkast en warm water beschikt). Toch kruipen we nog niet meteen onder de wol want één erg aparte plek moeten we absoluut nog gaan bezoeken. Het Parc Hauster, gelegen langs de Vesder in Chaudfontaine, is de thuisbasis van een aantal merkwaardige kunstwerken. Kunstzinnig zijn we niet bepaald maar 1 object heeft een hoog must-see gehalte. Het Parc Hauster is namelijk de thuisbasis van de grootste paraplu van het land. Jawel, een paraplu! In deze tijden van digitaal geweld waarin we elkaar de loef proberen af te steken met indrukwekkende foto's en een rijkelijke levensstijl, is eenvoud vaak heer en meester. De gigantische paraplu is trouwens niet het eerste wapenfeit van de gemeente. Tot voor kort stond hier zowaar de grootste wasknijper ter wereld. Eens in de zoveel tijd wordt het kunstwerk vervangen door een nieuw exemplaar, dus is het maar de vraag wat er in de toekomst op het grasveld zal verschijnen.Met de zon die stilaan begint te zakken, zoeken we ook onze kampeerplaats voor de nacht. Slapen staat nog niet meteen op het programma want, vakantie of niet, enkele deadlines liggen nog op ons te wachten. Laptop, 4G internetstick en wat vloeibare verfrissing op tafel, dit alles met een schitterend zicht op bomen? Er zijn slechtere plaatsen om werk te laat in te dienen!