De Lange Steenstraat, een rood vakje op ons Monopolybord, heeft best wel wat in huis wanneer we spreken over eten en drinken. Terwijl we ons bij Perles & Confiture nestelen op een terrasstoel, met een glas wijn in de hand, proberen we ons brein weg te brengen van het standaard toeristen-patroon.
...

De Lange Steenstraat, een rood vakje op ons Monopolybord, heeft best wel wat in huis wanneer we spreken over eten en drinken. Terwijl we ons bij Perles & Confiture nestelen op een terrasstoel, met een glas wijn in de hand, proberen we ons brein weg te brengen van het standaard toeristen-patroon. Feit, wie Kortrijk bezoekt, kan niet rond enkele incontournables zoals de Broeltorens en het Begijnhof maar het kan niet zijn dat, vooral voor een stad zoals deze, hier niets anders te beleven valt. Enkelingen zullen ongetwijfeld nu al in een soort van defensieve modus schakelen: in Kortrijk valt vanalles te beleven zoals gocarten, klimmen en je kunt er zelfs gaan schaatsen. Echt ongelijk hebben ze niet maar we zoeken naar die ene activiteit waarvan je denkt "dit is het". Een soort van ongekende parel waarvoor je probleemloos kilometers ver gaat rijden en je misschien zelfs een orgaan of twee zou gaan verkopen op de zwarte markt. We doorkruisen de catacomben van het internet en nemen ons adresboekje erbij en na een klein uurtje (en twee glazen wijn) vertrekken we, met een nieuwe handtekening op zak, richting Heule.In het park van Heule hebben we een afspraak gemaakt met Goochelaar Tom, een figuur die regelrecht uit het betere fantasyverhaal lijkt te zijn gekomen. "Ne keirel" zoals ze hier zouden zeggen met een uiterst verzorgde snor, die steevast met een kaartspel op zak de straat op trekt. Wie denkt aan een goochelaar denkt natuurlijk meteen aan goocheltrucs en jawel, hij heeft ons enkele van zijn meest formidabele geheimen ontrafeld, alleen kunnen we die niet publiceren. (Hier is het gebruik van een cliché oneliner uit de betere actiefilm eigenlijk op zijn plaats). We komen echter niet naar het park in Heule om te leren goochelen, maar om ons te verdiepen in een uiterst merkwaardige activiteit die, durf ik zeggen, je niet meteen ergens anders kan gaan uitvoeren. Bij Goochelaar Tom kan iedereen die het wil (en het aandurft) leren penny-farthen! Vrees niet, penny-farthen is niet de kunst om scheten te laten op een muntstuk, maar is de bijzondere benaming voor het rijden op een fiets met een gigantisch voorwiel. De fiets, daterend uit de 19de eeuw, is ondertussen een museumstuk geworden en ga je enkel nog in films tegen het lijf lopen. Maar voor Goochelaar Tom is het een vervoermiddel als een ander. Hij beheerst de kunst als een echte professional en wie het wil kan dankzij deze Kortrijkzaan ook een poging ondernemen om het aan te leren. Ik geef het graag nog even mee: het lijkt eenvoudiger dan het in realiteit is.Met een glimlach op het gezicht en een unieke ervaring rijker verlaten we Kortrijk om ons richting Brugge te begeven. De Steenstraat, zowat de hipste winkelstraat van de stad, heeft ook een eigen vakje op ons bordspel en we jagen verder op een handtekening. We worden er meteen geconfronteerd met de pijnlijke realiteit van de stadskernen: een camper parkeren is een uitdaging op zich en wie de binnenstad wil bezoeken zal moeten stappen. Het is tijdens dat stappen dat we ook een andere, actuele problematiek voor ogen krijgen. Waar het, bij mooi weer, doorgaans onmogelijk is om een plaatsje op een terras te bemachtigen, liggen diezelfde terrasjes er verlaten bij. Corona, het beestje kent geen genade, voor niets of niemand. Het is bij Aquarel dat we ons installeren, met een Beer van Brugge in de handen. Terwijl de patron, een rasechte West-Vlaming met het hart op de tong, ons bord van zijn krabbel voorziet, maken we ons klaar om de zoektocht van de eeuw (toch in Brugge) aan te vatten. Toeristen van over de hele wereld trekken jaarlijks naar het Venetië van het noorden om er de architectuur te komen bewonderen. Zonder dat ze het zelf beseffen komen ze meerdere malen per dag aan één goed verborgen plaats voorbij. Het is een plaats die bekend is maar vaak onvindbaar. Een voordeur die je niet van op straat te zien krijgt en ook de GPS heeft er steevast moeite mee. Ook wij moesten ettelijke malen heen en weer lopen voor onze spreekwoordelijke euro viel. Naast een chocoladewinkel opent een klein, verroest poortje zich. Het poortje geeft toegang tot een klein steegje dat, heel even dan toch, doet denken aan een soort van steegje waar een wildplasser al eens zijn ding zou gaan doen. De realiteit is dat dit steegje leidt naar het best verborgen café ter wereld. 'De Grasse' staat bijna systematisch vermeld in zowat alle reisgidsen die je in de boekhandel terug kan vinden en al even systematisch vinden heel wat mensen hun weg NIET naar het café. (Bruggelingen zullen het misschien niet eens zijn met die stelling.)Wie wel de moeite doet om verder te zoeken en het kleine deurtje in het steegje binnen te gaan, wordt ondergedompeld in een sfeer die bijna Middeleeuws is. Het is er klein maar door de verschillende verdiepingen kunnen de bezoekers, die in hun zoektocht slaagden, toch veilig en met respect voor social distancing plaats nemen. De beloning? Een heerlijk frisse Grasse en een bord met hun traditionele paté natuurlijk! Eigenlijk zouden we nu wel de ingang van De Grasse kunnen aanduiden op een kaart maar dat gaan we niet doen, gewoon omdat het kan. Ook ons Monopoly bord geniet! Het was een beetje een lucky shot dat we de ingang van De Garre vonden dus leek het ons ook niet meer dan normaal dat een kansvakje van een handtekening konden worden voorzien.Morgen zetten we onze ontdekkingstocht verder. Je leest het hier.