’t Gaverhopke groot succes na verhuis naar Nieuwenhove

Gudrun Vandoorne en Bruno Delrue: “We kijken nu toch echt uit naar de beloofde heropening.” (foto Hein Demeyer)©Hein Demeyer
Gudrun Vandoorne en Bruno Delrue: “We kijken nu toch echt uit naar de beloofde heropening.” (foto Hein Demeyer)©Hein Demeyer"
Redactie KW

Zeggen dat de horeca het hard te verduren kreeg het voorbije jaar is een open deur intrappen. Toch hoor je Gudrun Vandoorne en Bruno Delrue van ’t Gaverhopke niet klagen. Meer nog, Gudrun ging een half jaar meehelpen in de zorg en Bruno werd in die periode deeltijds organist.

’t Gaverhopke is uitgegroeid tot een begrip in de regio nadat de brasserie en bijhorende brouwerij respectievelijk zes en vijf jaar geleden van Stasegem naar het beschermde ‘Goed te Nieuwenhove’ zijn verhuisd. Het motto dat het ondernemende koppel achter de zaak koestert? “Je moet het hoofd niet laten hangen bij tegenslagen, maar er telkens weer keihard tegenaan gaan. En positief blijven.”

Jullie houding is opmerkelijk in deze moeilijke tijden. Zelfs op de facebookpagina van ’t Gaverhopke is geen negativiteit te bespeuren.

Gudrun: “Dat is inderdaad zo en ik denk dan ook tien keer na voor ik er iets opzet. Er is al zoveel doemdenkerij en dan vind ik niet dat ik daar nog een schep bovenop moet doen. Dat neemt niet weg dat het zwaar is en dat we nu echt uitkijken naar die beloofde heropening. Laat ons hopen dat het dan ook effectief kan doorgaan.”

Het is goed merkbaar dat jullie dit graag doen. Wat bevalt jullie vooral aan deze job ?

Gudrun: “Ik word er echt blij van als ik de mensen zie genieten van wat we klaargemaakt hebben. Verder is er ook niets dat ik hier tegen mijn zin doe en ik denk dat ik mag zeggen dat dit voor Bruno hetzelfde is. Ik ben toch wel trots dat we dit alles samen hebben opgebouwd.”

Als koppel zo’n zaak open houden, betekent dag in dag uit op elkaars gezicht kijken. Vallen er nooit harde woorden?

Bruno: “Als het enorm druk is en iedereen onder stoom staat, kan er wel eens een onvertogen woord vallen, maar dat weten we nadien te relativeren. We hebben ook elk een werkverdeling waardoor we mekaar niet voor de voeten lopen. Ik ben de chef toog (lacht) en Gudrun staat in de keuken. Ook onze andere taken lopen uiteen. Ik ontferm me nu over de brouwerij en verzorg de dieren. Gudrun is verantwoordelijk voor de personeelsplanning en doet de aankopen voor de keuken.”

Gudrun, je hebt tijdens de sluiting van de horeca niet met je vingers zitten draaien, maar bent in de zorg gaan werken. Hoe kijk je daar op terug?

Gudrun: “Ik vond het bijna spijtig dat het afgelopen maandag mijn laatste dag was in woonzorgcentrum De Vlinder in Harelbeke. Is er iets mooier dan mensen te helpen en daar ook waardering voor te krijgen? Ik ben zorgkundige van opleiding en heb dit jarenlang gedaan vooraleer ik met ’t Gaverhopke van start ben gegaan. Al tijdens de eerste coronagolf speelde ik met het idee om mijn diensten ergens aan te bieden. Ik heb dat toen niet gedaan omdat mijn huisarts me zei ‘dat je niet zonder wapens mag strijden’ , doelend op de mondmaskers die er nog niet waren. In de tweede golf heb ik mijn plan niet meer uit het hoofd laten praten.”

Bruno, jij hebt evenmin stil gezeten en bent in die periode zowaar koster geworden van Sint-Eloois-Vijve.

Bruno: “Dat lijkt misschien verrassend, maar ik had daarmee al de nodige ervaring. 25 jaar geleden heb ik al eens als koster gewerkt in de Sint-Pauluskerk in Kortrijk. Gudrun ging toen zelfs iedere keer braaf mee toen ik moest spelen (lacht) . Ik ben afgestudeerd als organist aan het conservatorium en heb dat instrument altijd graag bespeeld. Toen die plek vrij kwam, heb ik dan ook niet geaarzeld. Een echte nieuwe job heb ik niet gezocht, maar ik heb me niet verveeld. Ik heb van alles opgeknapt op de boerderij en de verzorging van de geitjes, pony’s en de andere dieren die we hebben, blijft een dagelijkse opdracht.”

Jullie zijn veertigers. Enig idee hoelang jullie hier nog willen doorgaan?

Gudrun: “We zijn alleszins van plan om de termijn van onze concessie uit te doen, wat wil zeggen dat we zeker nog twaalf jaar aan de slag blijven. Wat er daarna gebeurt, weten we nog niet. Het hangt ook van zoveel factoren af. Een goede gezondheid behouden om te beginnen. Je moet toch over een prima conditie beschikken om dit vol te houden, want het is hard werken. Als we ons maandelijkse ontbijt organiseren op zondag, zijn we die dag toch 18 uur in het gareel. De platte rust die we ons de dag nadien gunnen, hebben we dan ook wel nodig (lacht) .”

Jullie kinderen zijn tussen 16 en 20. Is er iemand die interesse heeft om dit later verder te zetten?

Gudrun: “Ze vinden het alle drie geweldig om hier als jobstudent mee te helpen in de weekends, maar er is er nog geen een die ons duidelijk gemaakt heeft dit later te willen overnemen. Wie weet komt daar nog verandering in. We zouden het hen niet uit het hoofd praten, maar gaan in geen geval onze kinderen pushen in een bepaalde richting. Ze zijn vrij om later te doen wat ze willen.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.