De vierde generatie met Steven en Kristof Deleersnyder neemt nu het roer over van vader Geert. De broers willen eigentijds verdergaan op de weg die hun overgrootvader Georges Deleersnyder in 1927 begon. Georges startte toen met zelfstandig metsen in een kleine woning in de Hazewindstraat. "Het was de tijd dat alle vervoer met een steekkar gebeurde", weet Geert. "Ik heb horen vertellen dat men te voet naar de werf stapte, zelfs als dat tien kilometer ver naar Kortrijk was. Elke dag opnieuw."
...

De vierde generatie met Steven en Kristof Deleersnyder neemt nu het roer over van vader Geert. De broers willen eigentijds verdergaan op de weg die hun overgrootvader Georges Deleersnyder in 1927 begon. Georges startte toen met zelfstandig metsen in een kleine woning in de Hazewindstraat. "Het was de tijd dat alle vervoer met een steekkar gebeurde", weet Geert. "Ik heb horen vertellen dat men te voet naar de werf stapte, zelfs als dat tien kilometer ver naar Kortrijk was. Elke dag opnieuw."In 1938 kocht Georges het hoevetje van zijn vader, een beetje verder in de Vichtestraat. De bouwonderneming verhuisde. In de woning van toen zijn nu nog de burelen van de kmo gevestigd en op het erf liggen de materialen gestapeld. "Tot op heden is onze toegangsweg via de Vichtestraat. Binnenkort gaat het vervoer volledig via de nieuwe kmo-zone De Spijker die uitgeeft op de Vichtesteenweg", kondigt Geert aan.De passie voor het bouwen gaf pionier Georges mee aan zijn zonen Remi, Jozef en Gerard. Het trio, elk met een specifieke taak, bouwde de onderneming verder uit. Remi was de verantwoordelijke voor de technische kant, de werfopvolging en de offertes. Jozef was actief op de werf. Hij was een fijne metser en het aantal sierschouwen dat hij realiseerde, is niet te tellen. Gerard stond in voor de administratie, boekhouding en personeel.Met alle aandacht voor de Deerlijkse projecten bleef de firma floreren. "Mijn opa Remi en zijn broers realiseerden onder meer de huizenrij in de Waregemstraat, de eerste sporthal op het Gaverdomein, de huizen van de Vogelwijk, de appartementen in de Tulpenlaan en verschillende textielbedrijven", somt Steven op. "Daarnaast bleven zij de huizenbouwers, tot grote villa's toe."Ik denk dat er geen enkele van de oudere Deerlijkse straten is waar geen huis van de 'Lèskes' staat", vult Geert aan. "Als ik ergens naar toe rij, zie ik altijd een woning die ik of de vroegere generatie bouwde."Kristof en Steven studeerden allebei maar konden in de vakantie proeven van het leven op de werf. Dat beviel hen. "Wij zijn allebei gestart als metser-bediener om op die manier de nodige ervaring op te doen. Het lukte, want wij willen dit werk niet meer loslaten", klinkt het. "In 2011 richtten wij samen DSK op, dat hoofdzakelijk als onderaannemer van de bouwonderneming door het leven ging. In die jaren deden wij veel investeringen zoals een torenkraan, bestelwagen, aanhangwagens, stelling en graafkraan. Dat alles nu onder één geheel komt, is een goede zaak." De vierde generatie is er klaar voor. "Af en toe komen wij nog huizen tegen waar wij tijdens de verbouwingen vaststellen dat onze overgrootvader de woning bouwde."Bouwvakkers hebben de naam graag een pintje te drinken. Bij de Lèskes is het niet anders. Geert weet dat een kleine pauze in een café vroeger soms uitdraaide tot enkele uren. "Om een frats zat men bij de bouw niet verlegen. De sfeer moest altijd goed zijn om goed te kunnen werken."Geert herinner zich ook het verhaal van de ingemetselde kluis. "Een goede klant belde mij op met de vraag of ik in zijn woning een kluis kon inmetselen. Ik moest dit helemaal alleen doen. Zo gebeurde het ook. Na het overlijden van die man werd ik door één van zijn kinderen opgebeld met de vraag dat men wist van een kluis maar dat die nergens te vinden was. Ik ging ter plaatse met de familie en een notaris, ging naar de plaats van de kluis. Die stond open maar er lag niets in..."De grootste zorg van de jonge aannemers is niet het vinden van werk. "Wij hebben werk genoeg. Mede door de vele verbouwingen aan woningen zal dit wel in de toekomst zo blijven, denk ik. Wij hebben de ervaring meegekregen van onze voorgangers en doen op een moderne manier verder.""Hét grote probleem is het vinden van werknemers. Wij zoeken al lange tijd naar extra mensen. Als er zijn die zich aanbieden en de stiel kennen of willen leren kennen, dan mogen ze meteen starten. Wij zoeken, vragen en hopen." (Marc Vergote)