Robert Bossu (64) is afkomstig van Hooglede van de schildersfamilie Bossu en al sinds zijn kindertijd gepassioneerd door historische gebouwen en kastelen. "Ik was pas zeven en al in de ban van kastelen en oude herenhuizen", vertelt hij. "Als kind was ik altijd te vinden in het kasteel Harbau in Hooglede dat leeg stond en het bijbehorende park. De lagere school was er vlakbij en toen het kasteel afgebroken werd, probeerde ik daar zoveel mogelijk bij te zijn. Een ander statig herenhuis Huize Talpe stond in de straat waar ik woonde. Ook dat stond leeg en ook daar bracht ik veel tijd door. Ik was toen eigenlijk al een echte urban: gewoon rondlopen, alles bekijken en in mij opnemen, zonder vernieling of schade aan te richten, want daar ben ik absoluut tegen. Ik vond het integendeel spijtig dat ze zo'n oude gebouwen afbraken of vernielden. Toen de oude herenhuizen op de markt afgebroken werden om er appartementen te zetten, hebben we daar zelfs...

Robert Bossu (64) is afkomstig van Hooglede van de schildersfamilie Bossu en al sinds zijn kindertijd gepassioneerd door historische gebouwen en kastelen. "Ik was pas zeven en al in de ban van kastelen en oude herenhuizen", vertelt hij. "Als kind was ik altijd te vinden in het kasteel Harbau in Hooglede dat leeg stond en het bijbehorende park. De lagere school was er vlakbij en toen het kasteel afgebroken werd, probeerde ik daar zoveel mogelijk bij te zijn. Een ander statig herenhuis Huize Talpe stond in de straat waar ik woonde. Ook dat stond leeg en ook daar bracht ik veel tijd door. Ik was toen eigenlijk al een echte urban: gewoon rondlopen, alles bekijken en in mij opnemen, zonder vernieling of schade aan te richten, want daar ben ik absoluut tegen. Ik vond het integendeel spijtig dat ze zo'n oude gebouwen afbraken of vernielden. Toen de oude herenhuizen op de markt afgebroken werden om er appartementen te zetten, hebben we daar zelfs nog een kortfilm van gemaakt, uit protest tegen de afbraak."Na een graduaat scheikunde in Brugge ging Robert aan de slag bij Mol in Sleihage als verantwoordelijke spuiterij. Daarna werkte hij nog bij Defrancq en hij eindigde zijn beroepsloopbaan op zijn zestigste als onderhoudsman bij woonzorgcentrum Hof Ten Yzer in Reninge, Rekkem en Woumen. "Door verder te studeren, een gezin te stichten en meer verantwoordelijkheid kwam het dwalen in oude gebouwen wat op de achtergrond terecht. Toen ben ik me gaan toeleggen op boeken en tijdschriften... en kastelen bezoeken. Maar omdat je niet zomaar kan aanbellen aan de voordeur van een kasteel, ben ik dikwijls moeten gaan lopen.""Door mijn passie is het in mijn achterhoofd blijven spoken om wanneer ik op pensioen was een maquette van een kasteel te maken, hoewel ik daar nul komma nul ervaring mee had. Die gedachte kwam voor het eerst in mij op toen mijn zoon voor zijn studies binnenhuisvormgeving maquettes moest maken. Ik zag dat en wist meteen dat ik dat ook nog wel eens zou willen maken. Niet iets modern, maar wel klassieke gebouwen."Omdat Robert in 2012 bij zijn vriendin in Boezinge kwam wonen, besloot hij om voor het kasteel van Boezinge te gaan in plaats van dat van Hooglede dat hij zo goed gekend heeft. Zijn keuze viel op het vooroorlogs kasteel dat gebouwd werd in 1780 naar laat-classicistische stijl met sporadische neorococo-inslag, met de in 1904 verbouwde verhoging met zadeldakverdieping. Toen werd het kasteel bewoond door Ernest de Thibault. "Tjah... hoe begin je aan zoiets?", lacht Robert. "Met vooral heel veel opzoekingswerk en geduld om stadsarchieven en kadasters in de regio te gaan uitpluizen. En dankzij foto's van privépersonen, met dank aan Tientje Verstraete die jarenlang een schat van informatie verzamelde. In 2016 ben ik begonnen met het bouwen van mijn eerste prototype. Eerst een grondplan tekenen, dan schaalbepaling, dan weer tekenen en nog eens hertekenen... Schaal 1:12 bleek te groot, ik zou er nergens mee buiten of binnen kunnen, dus werd het schaal 1:20. Maar dat betekende ook dat ik alles tot het kleinste detail zelf moest maken, omdat op 1:20 niets te koop is in de maquettebouw. Dan moet je op zoek naar materiaal waaruit je alles zal maken.""Aan het prototype was ik twee jaar bezig. Het viel goed mee en dus besloot ik om in mei 2019 een tweede te maken, maar dan veel meer gedetailleerd met de volledige binnenafwerking. Dus moest ik nog meer materiaal zoeken om vloeren, parket en tapijten te maken, om gebinten en dakleien te maken, om dakgoten, trappen, binnendeuren, lusters, schouwen, lambrisering, gordijnen... te maken. Zoals in de bouw heb ik eerst de kuip gemaakt, dan ging ik omhoog met de ruwbouw, de ramen en de deuren, de verdiepingen, de binnendeuren, de plafonds, de dakgoten, het zinkwerk, de lusters, de gordijnen, de bekabeling voor de elektriciteit... Ik maakte ook al het dak en de gebinten om te zien of alles wel in elkaar zou passen. Nu ik weet dat alles past, kan ik verder doen met details. Ik zal er geen meubels in plaatsen. Het is tenslotte geen poppenkast."Van maandag 6 tot zaterdag 18 april tijdens de paasvakantie stelt Robert zijn maquette tentoon in Nieuwpoort. "De maquette zal nog niet af zijn. Dat zal wellicht nog een jaar duren, maar dat maakt niets uit. Het is een expo voor model- en maquettebouw en mensen vinden het interessant om te zien hoe iets evolueert. Los daarvan zou ik graag in contact komen met anderen die maquettes maken van historische gebouwen of kastelen. Er zijn er niet veel die dat doen en het zou interessant zijn om in contact te komen met mensen die dezelfde passie delen en om ideeën uit te wisselen. Ze kunnen mij bereiken via het telefoonnummer 057 42 22 58." (FB)