Petrouska Beke zorgt opnieuw voor de ambiance op het Stationsplein in Roeselare

Ze werkt sinds haar achttiende in het restaurant dat haar naam draagt en werd één van de jongste restaurantuitbaters in het Roeselaarse stadscentrum. Op 42-jarige leeftijd staat ze er opnieuw, met evenveel enthousiasme en vuur. Ze heeft het enkele jaren rustiger aan gedaan, maar dat is voorbij: Petrouska is back!

Petrouska Beke: “De mensen zijn zeer tevreden met de chalets en met de sfeerelementen op het Stationsplein en ik geloof wel dat het een geslaagde eindejaarsperiode wordt.” (foto SB) © (foto SB)

Of we het interview enkele dagen kunnen verplaatsen omdat het al druk is in de zaak en ze zo vroeg in de ochtend nog geen extra medewerkers kan inschakelen. We hadden dat berichtje op onze telefoon natuurlijk niet gelezen en vallen toch binnen op een zaterdagmorgen in restaurant Petrouska. Eigenares Petrouska Beke verontschuldigt zich nogmaals uitgebreid en bezweert ons dat ze maandagnamiddag alle tijd voor ons zal maken die nodig is. En ze houdt woord al moet het een hel geweest zijn voor haar om meer dan een uur te luisteren en te antwoorden op alle mogelijke vragen.

Jij zit van kindsaf in de horeca?

Petrouska Beke: “Echt wel want mijn mama zei altijd dat ik geboren ben tussen de frieten. Bijna op iedere foto van mij als baby of peuter staat mijn hobbelpaard tussen de vers gesneden frieten. Dat is wellicht één van de redenen waarom ik nu nog steeds frietkotfrieten serveer in het restaurant; frietjes van vers gesneden aardappelen en mooi voorgebakken.”

Je mama baatte eerst een frituur uit vooraleer ze de overstap maakte naar een restaurant?

“Wij hadden eerst een frituur net voor de cinema en later nam mama de Lion d’Or over (huidige Eekhoorn, red.). Dat werd een café-frituur en je kon nog steeds je bakje frietjes buiten aan het raampje kopen. Daarna openden we nachtrestaurant Petrouska op het Stationsplein (waar het nieuwe bloedtransfusiecentrum is, red.) vooraleer Petrouska verhuisde naar het Stationsplein 4 waar we nog altijd gevestigd zijn.”

En je hielp al snel mee in de zaak?

“Ja, toen mocht en kon dat blijkbaar nog. Toen ik veertien was, begon ik te helpen en dat was eerst aan de afwas. In het begin was dat vaak tegen mijn zin. Ik moest werken wanneer de andere mensen vrij hadden en plezier konden maken. Maar ik moet mama gelijk geven. Ze had 100 procent gelijk om het zo te doen want op die manier is mijn karakter gevormd en heb ik de wilskracht ontwikkeld die ik nu nog steeds heb. En mijn dochter Lauren helpt ook regelmatig mee. Al zit het van haar misschien nog een beetje meer in de genen want ze loopt school in de hotelschool van Spermalie.”

School was niet zo aan jou besteed?

“Niet echt, neen. Ik hield meer van de handen uit de mouwen steken en werken dan van studeren. Wanneer er op school koeken moesten verkocht worden, was ik altijd de beste. Ik verkocht aan de politiemensen, aan de brandweer, aan iedereen die mijn pad kruiste. De commerce zat er van dat ogenblik al een beetje in.”

En na school start je onmiddellijk in het restaurant?

“Ik was net van school, inderdaad. En toen ik 21 was, heb ik het restaurant overgenomen. Ik was zeer jong, ja, en nam een bloeiende zaak over. Ik ben in een jaar tijd wel tien jaar verouderd (lacht). Het was een goede leerschool. Je denkt dat je al veel weet maar nu en dan loop je eens goed tegen de muur. Gelukkig viel de schade altijd te herstellen.”

En vaak was mama je enige klankbord?

“Ik ben lang alleen geweest, heb vaak zonder partner door het leven gestapt. Nu is er Sam, een goede partner die me meer dan 100 procent steunt. Mijn leven is op ieder vlak gemakkelijker geworden door Sam, zowel op persoonlijk als commercieel vlak.”

Hoe zijn jullie elkaar tegengekomen?

“Op evenementen die we samen organiseerden. Sam werkte toen nog voor MediaMarkt en we hebben samen de Batjes, een Valentijnfeest en het eerste Huis van de Kerstman op het Stationsplein georganiseerd. Op een bepaald ogenblik voelden we dat het klikte en werden we een koppel. Huwen? Neen, dat denk ik niet, daarvoor ben ik te oud (lacht).”

Tot enkele jaren geleden was je de drijvende kracht van het handelaarsleven op het Stationsplein maar opeens was het op?

“Ik was het beu. Ik had de negatieve commentaren van andere mensen echt wel gehad. Natuurlijk is niet alles een schot in de roos maar dat kun je niet weten als je niet probeert. Toen heb ik beslist om me van niets meer aan te trekken. Mijn hart bloedde toen ik de boel naar beneden zag donderen maar ik moest toen eerst aan mezelf denken.”

En nu ben je terug?

“Het stadsbestuur vroeg aan Sam en ik of we opnieuw de trekkers van het eindejaarsgebeuren op het Stationsplein wilden zijn en we hebben toegezegd. Al denk ik dat ze op het schepencollege toch eens flink zullen gelachen hebben als ze mijn plan zullen gezien hebben (toont een zeer rudimentaire tekening van de invulling van het Stationsplein).”

Petrouska Beke. (foto SB)
Petrouska Beke. (foto SB)© (foto SB)

De chalets staan daar al op! Ben jij helderziende?

“Ik had al één en ander opgevangen (lacht). En ik vond dat die chalets een opportuniteit konden zijn voor het Stationsplein. Maar dan moest er ook meer beleving zijn zodat de andere horecazaken er ook konden van profiteren. En die is er gekomen. Naast de sfeerchalets zijn er optredens, is er het Huis van de Kerstman, het Pakjeshuis, het Boek van de Kerstman, twee grote lichtballen, een lichtmuur en een heuse kersttrein. En dan komt er vanaf dit weekend nog een kerstspringkasteel bij voor de allerkleinsten. Wij hadden de indruk dat zij een beetje verstoken bleven van kerstplezier op het Stationsplein.”

Het Stationsplein is nu zeer selfie- en instagramwaardig?

“Absoluut! Je zou versteld staan hoeveel mensen hiervan foto’s maken. En dat zijn niet alleen jonge mensen. Het zou een slecht idee geweest zijn om in Roeselare een kerstmarkt te houden met mutsen, handschoenen of warme pantoffels. Wij moeten andere steden niet imiteren, we moeten onze eigen weg volgen. Wie sjerpen of warme winterkledij wil kopen, vindt zeker zijn of haar gading in de Roeselaarse winkelstraten.”

Jullie deinsden er zelfs niet voor terug om jullie wagentje aan te haken bij Shopping & Centrum Roeselare en eveneens kerstversiering in China aan te kopen?

“We hebben inderdaad onze kersttrein en de twee grote kerstballen in China aangekocht. We hebben onze eerste plannen ontvouwd in juli en zijn dan in augustus gestart met de zoektocht naar betrouwbare Chinese partners. Na een aantal onderhandelingen hebben we onze bestellingen geplaatst en halfweg november werd een container uit China in Roeselare gelost. We hebben alles opgeslagen in een hangar in Gits en hebben op het platteland eens een proefopstelling geprobeerd. Op maandag 25 november zijn we dan begonnen met de opbouw op het Stationsplein en twee dagen later was alles klaar. Mooi op tijd voor de eindejaarsperiode die op vrijdag van start ging.”

Op iedere foto staat mijn hobbelpaard tussen de vers gesneden frieten

Hoe zijn de commentaren tot nu?

“Stuk voor stuk lovend. De mensen zijn zeer tevreden met de chalets en met de sfeerelementen op het Stationsplein en ik geloof wel dat het een geslaagde eindejaarsperiode wordt als het weer een beetje wil meezitten. Ik hoor ook veel positieve commentaren van de grote ijspiste op de Grote Markt die zeer mooi is.”

En volgt na de eindejaarsperiode een vakantieperiode?

“Daar mag je zeker van zijn. Dan gaat de riem er voor een tiental dagen af. Tenminste als alle materiaal op het Stationsplein afgebroken en mooi opgeborgen is, pas dan is het tijd voor vakantie. En het wordt een echte platte rust, geloof dat maar.”

Moet je nu harder werken dan twintig jaar geleden?

“Ja, dat ben ik zeker. Omdat ik ouder ben? Is dat aan mij te zien misschien (lacht)? Het is harder werken omdat de zaak in de loop der jaren uitgebreid is met een veel groter terras en dat wij de lat ook steeds hoger proberen te leggen. Bovendien probeer ik ook altijd in het restaurant aanwezig te zijn. Maar ik vind dit niet erg. Ik heb mijn hele leven nooit iets anders gekend en ik doe het graag. Voor mij staat dit niet synoniem met ‘gaan werken’ want ik werk thuis. En dat is een grote luxe.”

Waar wil Petrouska Beke binnen tien jaar staan?

“Ik ben er dan 52 en mijn dochter 24. Dan zou ik het een beetje kalmer aan willen doen en een beetje waken over mijn dochter. Als ze de zaak wil overnemen, mag ze dat. Natuurlijk zou ik dat graag hebben want zo zou ze de vierde horecageneratie zijn. Maar als ze een andere weg wil volgen, dan mag ze dat zeker doen.”

Tips van Petrouska

Lekker eten

“Uiteraard ga ik graag lekker eten én drinken. Alhoewel mijn favoriete drankjes zeer beperkt zijn. Ik lust alleen maar koffie, water en witte wijn. Zeer eigenaardig maar zo is het. Wie mij kent, weet dat.”

“In mijn eigen restaurant eet ik zeer graag de gamba’s en de cordon bleu, daarmee kan men mij niet straffen. Maar ik eet ook graag een hamburger in een frituur of snackbar terwijl ik ook een gastronomisch diner niet afsla. Ja, ik denk dat ik toch één keer per jaar probeer in een sterrenrestaurant te eten. Ik heb al de keuken van Tim Boury geproefd en voor mij is dat absolute top. Maar nogmaals, dat wil daarom niet zeggen dat de andere restaurants minder goed bezig zijn. Ik vind dat er in Roeselare voor elk wat wils is en dat men hier zeer lekker en betaalbaar kan eten.”

Leuk shoppen

“Dat doe ik niet graag, echt waar, ik heb dar een bloedhekel aan. Sam haalt mijn kledij en brengt ze mee. Hij weet wat ik graag zie en wat ik graag draag en ik ben blij dat hij dit doet voor mij. Wat ik deed vooraleer ik Sam kende? Dan probeerde ik toch twee keer per jaar om naar een winkel te trekken en dan een heleboel kledij te kopen. Ik koop wel bij onze lokale handelaars. Dat heb ik meegekregen in mijn opvoeding. Mijn mama was ook commerçante en ze zei altijd dat we eerst moesten kopen rond de deur en bij onze klanten. En dat is blijven hangen. Neen, online kopen doe ik niet.”

Op reis

“Ik reis zeer graag. Zon, zee en strand en een auto om er plaatse een beetje rond te trekken, meer hebben we niet nodig. Ik probeer altijd ergens naartoe te rijden waar de locals eten. Ik rij liever 100 km de bergen in dan aan een drukke strandboulevard de toeristenrestaurants te bezoeken. Misschien dat die ook lekker zijn maar op reis wil ik echt de lokale keuken proeven en ontdekken.”

Mooie plekjes

“Het Stationsplein in Roeselare natuurlijk! Wat een onnozele vraag is dat nu (lacht). En als ik nog een tweede plek mag opnoemen, dan kies ik voor mijn zetel thuis.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.