Kurt Ameel van Uitvaarzorg Leo in Ieper heeft sinds zes jaar een aula in zijn begrafenisonderneming. "Af en toe vroeg een familie om een afscheid in intieme kring. We waren eigenlijk van plan om een kleine aula te bouwen, maar uiteindelijk werd het zaal waar we toch een 140-tal mensen kunnen laten plaatsnemen," vertelt Kurt Ameel. "We vonden dat toen ruim genoeg. Maar intussen hebben we plannen klaar voor een uitbreiding, zodat tegen omstreeks deze tijd volgend jaar vlot 200 mensen kunnen ontvangen."
...

Kurt Ameel van Uitvaarzorg Leo in Ieper heeft sinds zes jaar een aula in zijn begrafenisonderneming. "Af en toe vroeg een familie om een afscheid in intieme kring. We waren eigenlijk van plan om een kleine aula te bouwen, maar uiteindelijk werd het zaal waar we toch een 140-tal mensen kunnen laten plaatsnemen," vertelt Kurt Ameel. "We vonden dat toen ruim genoeg. Maar intussen hebben we plannen klaar voor een uitbreiding, zodat tegen omstreeks deze tijd volgend jaar vlot 200 mensen kunnen ontvangen."Dat er gaandeweg meer mensen kiezen voor een afscheid in een aula dan er mensen zijn die voor een kerkelijke uitvaart opteren, heeft volgens Kurt Ameel vooral te maken met het comfort en de betrokkenheid die wordt geboden."De inrichting van de aula is comfortabel: zachte zitbanken, tapijt - zodat laatkomers niet storen als ze binnenstappen - , het is er warm in de winter, fris in de zomer, de familie kan in een koffiekamer wachten voor de dienst, er zijn schermen waarop we de levensloop van de overledene met foto's of met film kunnen projecteren..." legt Kurt Ameel uit. "We hebben het meegemaakt, nog niet eens zo heel lang geleden, pakweg vijftien jaar, dat de familie geen toestemming kreeg van de priester om een foto van de overledene op het altaar te plaatsen. De Kerk heeft veel te lang het been stijf gehouden", weet Kurt Ameel."Mensen willen inspraak over de dienst. Over de muziek die wordt gespeeld. Heel vaak kiezen ze voor de lievelingsmuziek van de overledene. We hebben het meegemaakt dat iemand zijn opa kort voor het overlijden had gefilmd terwijl de man zijn favoriete melodie op zijn accordeon speelde. Als we dat allemaal brengen, dan is zo'n dienst voor die mensen een beetje thuiskomen", legt Kurt Ameel uit.De Kerk beschikt over een ijzersterk, want eeuwenoud, ritueel om afscheid te nemen van mensen. Aanvankelijk misten auladiensten structuur. "Dat is intussen bijgestuurd. We hebben geleerd, we passen voortdurend aan. Als ik nu naar een kerkdienst ga, dan gebeurt alles daar precies zoals het dertig jaar geleden gebeurde. Maar intussen is de wereld wel veranderd, zijn de mensen veranderd", zegt Kurt Ameel.Of aula's dan niet kampen met een probleem aan voorgangers? Indertijd wist de parochiepriester perfect wie hij voor zich had. Hij kende de mensen, de families. Dat is nu anders, maar hoe doen begrafenisondernemers dat bij een auladienst?Kurt Ameel: "We laten de mensen uiteraard kiezen wie ze als voorganger willen. Maar we hebben ook iemand van bij ons die vooraf een gesprek met de familie voert en dan op basis van dat gesprek de dienst op een aangepaste manier kan leiden." Eigenlijk is dat een nieuw soort job? "Zo zou je dat inderdaad kunnen noemen," zegt Kurt Ameel."Kijk, mensen willen vooral dat hun dienst een beleving is in de best mogelijke omstandigheden. En dat lukt ons om dat in zo'n aula aan te bieden. Begrafenisondernemers die nu niet over een aula beschikken, krijgen haast geen uitvaarten meer. Ik had altijd wel het gevoel dat dit de toekomst zou worden, maar dat het zo snel zou keren, van kerk naar aula, dat had ik niet gedacht", zegt Kurt Ameel.Er zijn, volgens de begrafenisondernemer, wel meer factoren die de evolutie hebben versneld. "Zeker hier in West-Vlaanderen heeft de zaak-Vangheluwe een rol gespeeld. Dat is zo goed als zeker. Wij krijgen hier vaak ook diep christelijke mensen die bewust kiezen voor een auladienst, terwijl we er eigenlijk altijd voor zorgen dat we ons voor die keuze - kerk of aula - neutraal opstellen."De evolutie van kerk naar aula lijkt onomkeerbaar. Maar volgens professor Stefaan Franco, priester en bisschoppelijk gedelegeerde, blijft een kerkelijke uitvaartdienst zijn waarde behouden."Eigenlijk is de kerkelijke uitvaartliturgie gebaseerd op twee peilers: we eren de overledene en we rouwen met de familie en anderzijds biedt de Kerk ook een toekomstperspectief. Vanuit ons geloof is er de hoop dat de dood niet het einde van de mens betekent. Dat hij verder leeft. Hoe en waar, dat weten we niet. Maar er is vanuit het geloof in elk geval dat houvast. De hele liturgie verloopt in dat spanningsveld, tussen rouw en hoop," legt professor Franco uit."Het individuele, persoonlijke aspect is belangrijker geworden. Dat merk je in die auladiensten. Voor de Kerk is het zoeken naar een goed evenwicht. In onze liturgie plaatsen we de individuele mens in dat brede perspectief van het geloof in het eeuwige leven. En ik vraag me af of de familie en nabestaanden wel het meest geholpen worden met die nadruk op het persoonlijke. Dat is voor veel mensen heel emotioneel. Maar helpen op termijn het vertrouwen in en de houvast van het geloof de mensen niet meer?" vraagt priester Stefaan Franco zich af.Dat de uitvaartliturgie een vast stramien kent waar zelden of nooit van wordt afgeweken is voor gelovigen niet altijd een nadeel. Professor Franco: "Dat is nu net de grote kracht van rituelen: ze geven rust en stralen vertrouwen uit. Mensen weten wat op hen afkomt, ze kennen het verloop, ze zijn vertrouwd met de woorden, met de teksten, met de gezangen en gebeden."De Vlaamse bisschoppen verwachten niet dat priesters of gebedsleiders een christelijke uitvaart begeleiden in een aula. Professor Franco: "Dat heeft er mee te maken dat we met de priester of met de gebedsleiders de nabijheid van de christelijke gemeenschap vertolken. En dat kan het best waar die gemeenschap thuis is, in de kerk. Daar zijn die gebouwen per slot van rekening voor gebouwd. De hele religieuze 'setting' is er al. Je mag niet vergeten dat veel meer mensen dan louter de zondagse kerkgangers iets met de kerk hebben. Dat gebouw betekent iets: de mensen ontvingen er hun eerste communie, werden er gevormd, huwden er, vaak net zoals hun ouders. Voor veel mensen is de kerk verbonden met de grote emotionele momenten van het leven."Een meer individuele aanpak vinden mensen belangrijk. De Kerk geeft daar nu meer ruimte voor dan voorheen. Maar... priesters hebben zulke grote parochies dat ze lang niet meer iedereen kennen. Dat maakt een persoonlijke aanpak moeilijk.Stefaan Franco: "Maar de priester staat er niet alleen voor. Vanuit de parochie is in veel gevallen al een ziekenbezoek geweest. Van een diaken of van iemand van de parochie. Er is een pastorale zorg voor stervenden en rouwenden, zodat in het beste geval ook na de uitvaart mensen een bezoek krijgen van iemand van de parochie.""We slagen er doorgaans goed in om iemand bij zijn afscheid te typeren, om een portret te schetsen. Maar - en dat is vaak veel moeilijker - het leven van een mens is veel complexer geworden. Om iemand te typeren zonder er een heilige van te maken of zonder hem of haar een bolwassing te geven: dat is niet zo eenvoudig meer. De gevoeligheid op dat vlak bij familie en kennissen neemt toe", legt Stefaan Franco uit.