Recordaantal plaatsen in West-Vlaamse zomerscholen: 800 leerlingen kunnen achterstand wegwerken tijdens vakantie

Claudine Lybeer werkt als zomerjuf in Moorslede. (foto Jan Stragier) © jan_stragier ©2022 Jan Stragier
Camille Jonckheere

De zomerscholen in onze provincie blijven groeien. 798 leerlingen kunnen in juli en augustus in twaalf West-Vlaamse gemeenten terecht om hun leerachterstand bij te benen. Dat zijn er bijna honderd meer dan vorig jaar. “En dat terwijl we eigenlijk een daling hadden verwacht”, klinkt het bij minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA).

Vier West-Vlaamse gemeenten – Oostende, Blankenberge, Moorslede en Knokke-Heist – hebben er hun eerste week zomerschool op zitten. Ook in Brugge, Deerlijk, Ieper, Koksijde, Poperinge, Roeselare, Waregem en Wielsbeke wordt in juli en augustus één of twee weken les gegeven.

De zomerscholen schoten in 2020 als paddenstoelen uit de grond om leerlingen de kans te geven eventuele leerachterstand in te halen. Heel wat scholen moesten toen immers verplicht sluiten door de quarantainemaatregelen. Maar ook nu de lockdown ver achter ons ligt, zijn de zomerscholen springlevend.

Meer dan ooit zelfs: deze zomervakantie is een recordaantal plaatsen voorzien in West-Vlaanderen. 798 leerlingen – 93 meer dan vorig jaar – kunnen zich inschrijven voor een zomerschool. “We hadden dit jaar een daling van het aantal zomerscholen verwacht. Maar het aantal plaatsen in West-Vlaanderen is zelfs gestegen. Dat toont aan dat mensen duidelijk het nut ervan zien, ook zonder grote schoolsluitingen door corona”, zegt Michaël Devoldere, woordvoerder van minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA).

Veel positieve ervaringen

Onze provincie telt veertien zomerschoolprojecten, verdeeld over twaalf gemeenten. Brugge heeft er drie. “We zijn blij dat veel scholen en gemeenten die vorig jaar de zomerscholen organiseerden, dat dit jaar opnieuw aanbieden. Er zijn drie gemeenten afgehaakt, maar er zijn er ook drie bijgekomen. Dat toont dat de lokale besturen en scholen er positieve ervaringen aan overhouden”, aldus nog Michaël Devoldere.

In West-Vlaanderen nemen vooral de gemeentebesturen het voortouw. In dat geval organiseert de sociale dienst de zomerschool in samenwerking met het lokaal onderwijsteam. “Maar we ondersteunen ook scholen die het op eigen houtje zonder het gemeentebestuur organiseren”, klinkt het. “We leggen geen strakke verplichtingen op voor de zomerscholen. Zo kan er lokaal beslist worden wanneer de lessen plaatsvinden, hoe lang en ook vanaf welke leeftijd leerlingen welkom zijn. Maar ook inhoudelijk kunnen scholen kiezen waar ze op focussen of wat ze aan bod laten komen. Want dat is ook sterk afhankelijk van de noden van de leerlingen. Bijvoorbeeld voor anderstalige leerlingen zijn vaak taallessen belangrijk.”

Leve de vrijwilligers

Deze zomer steken een 150-tal vrijwilligers in West-Vlaanderen hun handen uit de mouwen in het onderwijs. Het overgrote deel ervan zijn leraren. Maar de zomerscholen kunnen ook rekenen op heel wat vrijwilligers, oud-leerkrachten of zelfs studentleerkrachten, die tijdens middagpauzes of activiteiten toezicht houden of die helpen met enkele kleinere taken, zoals leesgroepjes. Bepaalde gemeenten schakelen zelfs professionals in, zoals logopedisten, ergotherapeuten of sportleerkrachten.

“Zomerscholen zijn niet mogelijk zonder alle inzet van vrijwillige begeleiders”

“We verplichten scholen niet om deze zomerscholen te organiseren. Dus er wordt echt gerekend op vrijwilligers of leerkrachten die hier tijd willen voor maken tijdens hun vakantie”, vertelt Devoldere. “Vanuit het kabinet van Onderwijs voorzien we een vast bedrag per ingeschreven leerling. Die ondersteuning moet de praktische kosten dekken. Maar zo kunnen de lesgevers en anderen die zich ervoor inzetten ook een financiële vergoeding krijgen. Rijk zal je er niet van worden. Vooral de eigen inzet om kwetsbare kinderen te helpen is belangrijk. De zomerscholen zouden niet mogelijk zijn zonder de inzet van al die vrijwillige begeleiders.”

De zomerscholen worden langzaamaan een vaste waarde in het onderwijs. “Er zijn nu eenmaal helaas leerlingen die soms met een achterstand aan het schooljaar beginnen. Als ze dan de ruimte krijgen om eraan te werken tijdens de vakantie, is dat zeker de moeite waard. Want met een achterstand starten, zorgt vaak voor veel miserie doorheen het schooljaar voor de leerling.”

Zomerjuf Claudine: “Voor de toekomst van onze kinderen”

Basisschool Klavertje Vier in Moorslede opent ook deze zomer weer de deuren voor een zomerschool. Tijdens twee herhalingsweken, eentje in juli en eentje in augustus, kunnen kinderen die daar nood aan hebben hun kennis opfrissen om in september vol goede moed aan het schooljaar te beginnen. “In 2020 werd de zomerschool voor de eerste keer georganiseerd. Aangezien mijn man en zoon in de vakantie toch allebei moesten werken, heb ik mij toen vrijwillig opgegeven als lesgeefster”, zegt Claudine Lybeer.

“In samenspraak met de verschillende basisscholen worden sommige kinderen geadviseerd om deel te nemen aan de zomerschool. Zij krijgen voorrang om in te schrijven, de overige plaatsen worden dan vrijgesteld voor álle leerlingen van Moorslede. Bedoeling is om leerachterstand te voorkomen of verhelpen, door de leerstof te herhalen en deze aan te passen aan de specifieke noden van elk kind.”

Aan motivatie ontbreekt het de kinderen volgens juf Claudine niet. “Het lesaanbod is heel gevarieerd, met ook sport, spel en knutselen. Zelf ontzie ik me die twee weken lesgeven tijdens de vakantie ook niet, om de eenvoudige reden dat zomerscholen zinvol zijn. Tenslotte gaat het over de toekomst van onze kinderen.” (WK)

Zomerjuf Margot: “In ons taalkamp ontstaat er echt een groepsgevoel”

Margot Buyl (21) gaat in juli en augustus tweemaal vijf dagen aan de slag als leerkracht/animator in zomerschool Taalkriebels in Blankenberge. Anderstalige jongeren kunnen er op een leuke, ontspannen manier hun Nederlands onderhouden. “Voor sommige leerlingen zijn die acht weken zomervakantie gewoon te lang. Zeker bij kinderen die thuis geen Nederlands spreken, merken we dat de opgedane schoolkennis tijdens de vakantie deels wegzakt”, aldus Margot. De zomerschool is er voor kinderen van de derde kleuterklas, tot en met leerlingen uit het tweede middelbaar. “In de voormiddag primeert de schoolse aanpak, ‘s middags ligt de focus vooral op sport en spel. Ook een uitstapje naar Sea Life staat op de planning. Het mooie aan zo’n taalkamp, is dat er een soort groepsgevoel ontstaat waardoor de drempel om Nederlands te praten verkleint. Fouten maken mag.”

Voor Margot zelf wordt het zomerkamp overigens óók een soort inburgering. “Ik woon pas vier dagen in Blankenberge”, glimlacht ze. “In Affligem gaf ik Nederlands en geschiedenis in het secundair, in de zomer gaf ik ook taalklassen. Al vier jaar ondertussen, ik ken dus het klappen van de zweep. Bijkomend volg ik nu een bacheloropleiding Gezinswetenschappen, en volgend jaar ga ik een tijdje stage doen bij Huis van het Kind. Daar vroegen ze of deze uitdaging niks voor mij was.”

Margot moest daar geen twee keer over nadenken. “Lesgeven is een roeping, en als ik twee maanden vakantie nam, zou ik me op den duur beginnen te vervelen. De leerlingen in zo’n zomerklas zijn meestal heel divers, wat al een uitdaging op zich is. Maar je krijgt er ook enorm veel voldoening van.” (WK)

Zomerjuf Marijke: “In de voormiddag geven we les en in de namiddag doen we iets leuks”

Zomerleerkracht Marijke Hauspie (46) geeft al 22 jaar les in De Pinker, een school voor buitengewoon secundair onderwijs in Poperinge. De zomerschool gaat daar het derde jaar in, Marijke was er bij vanaf de start. “Toen ik na de lockdown - begin zomer 2020 - over zomerscholen hoorde in de media, was mijn interesse meteen gewekt. Ik ga er immers vanuit dat sommige kinderen nu eenmaal dat extra duwtje nodig hebben om vol zelfvertrouwen aan het nieuwe schooljaar te beginnen”, zegt ze. Het zijn de zorgleerkrachten die deze herhalingsweken aanbevelen. “’s Morgens wordt er individueel op maat gewerkt, na de middag staan er leuke activiteiten op het programma, zoals een uitstapje naar het zwembad, spelletjes of knutselen. Op die manier zijn leren en spelen in een goede balans.”

De kinderen zijn hierdoor ook wel enthousiaster, meent Claudine. “Bovendien vindt de zomerschool bij ons pas in augustus plaats, op een moment dat de verveling al eens toeslaat. En na zes weken vakantie zijn de kinderen ook blij dat ze hun vriendjes terugzien”, klinkt het. De lesjes in de voormiddag vinden volgens Marijke plaats in een losse sfeer. “We geven les in kleine groepjes en we werken met een doorschuifsysteem. Zo is er wat afwisseling en proberen we de focus van de kinderen te behouden. Ik heb het zelf altijd leuk gevonden om kinderen te motiveren voor taal, rekenen of wereldoriëntatie door ze hun eigen kleine succesjes te laten ervaren.”

Voor de Poperingse zomerschool wordt nog volop gezocht naar lesgevers. Kandidaten kunnen contact opnemen met het gemeentebestuur op het nummer 057 33 33 00 (WK)

Lees meer over:

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.