Directrice van het Lyceum blikt terug op een jaar corona

Wat ik wel mis in de coronacrisis is met alle kinderen eens samen zijn”, vertelt Hilde.© TOGH
Wat ik wel mis in de coronacrisis is met alle kinderen eens samen zijn”, vertelt Hilde.© TOGH
Tom Gheeraert

Als directrice van het Lyceum in Ieper moest Hilde Uytterschaut (52) haar school de afgelopen jaren door de woeste onderwijshervormingszee loodsen terwijl de coronastorm woedde. Nu beiden bijna achter de rug zijn, kan ze de balans opmaken.

Ondertussen is Hilde Uytterschaut al bijna vier jaar directeur van het Lyceum, maar aanvankelijk stond onderwijs niet in haar toekomstplannen. “Maar mijn moeder drong aan op een lerarenopleiding omdat ze vond dat ik het goed kon uitleggen”, lacht ze. “Ik ben haar daar nu wel dankbaar voor. Ik ging wel heel graag met kinderen om, maar dan vooral met jonge kinderen. Omdat ik aan de universiteit gestudeerd had, moest ik aan de tweede en derde graad lesgeven. Dat was ook de reden waarom ik eerst in het volwassenonderwijs gegaan ben. Maar vanaf dat ik in Immaculata terechtkwam zag ik toch de meerwaarde. Het was niet alleen lesgeven, maar ook opvoeden van jongeren.”

Twee jaar geleden begon de grote onderwijshervorming in de eerste graad. Hoe heb je dat ervaren?

“Dat was heel veel werk en niet gemakkelijk. Vorig jaar kwam daar nog eens de coronacrisis bij. Je hebt altijd wel kinderziektes en niet iedereen is altijd even happig om te vernieuwen, maar we zijn er toch goed doorgekomen. Het grote voordeel is dat wij er ondertussen bijna vanaf zijn, terwijl andere scholen nog moeten beginnen aan de hervorming.”

Wat is impact van corona op de leerlingen?

“Voor die jonge gasten is dat niet gemakkelijk. Heel de tijd een mondmasker moeten dragen en niet aan elkaar mogen komen, eigenlijk lukt hen dat niet. Dat mondmasker wel, maar niet aan elkaar komen … Die kinderen zijn heel tactiel. Gelukkig hebben we nog maar heel weinig besmettingen gehad. Je merkt wel aan de leerlingen dat ze het beu worden. Wij hebben wel het geluk dat alle lessen zijn kunnen blijven doorgaan in contactonderwijs, dus het lesverlies is redelijk beperkt. Maar heel veel leuke dingen zijn weggevallen, wat voor de leerlingen toch redelijk saai is.”

“Ik woon hier heel graag en wil hier niet meer weg, maar ik kan geen Iepers spreken”

Wat betekent de Menenpoort voor u?

“Ik vind dit een heel belangrijk monument en het heeft me meteen aangetrokken, en dan vooral de Last Post. Ik kan daar niet naar luisteren zonder tranen in de ogen te krijgen. Ik vind dat heel emotioneel. Alles wat te maken heeft met de Eerste Wereldoorlog spreekt me wel aan. Dat is pas gekomen toen ik 18 jaar geleden in Brielen kwam wonen, want in Gent werd niet gevochten en kwam dat minder aan bod op school.”

Was het een grote aanpassing om van Drongen naar de Westhoek te komen wonen?

“Dat viel goed mee. Ik heb meestal niet zo veel problemen om mij aan te passen. Er wordt bijvoorbeeld gezegd dat West-Vlamingen meer gesloten zijn, maar ik heb al op verschillende plaatsen gewoond en ik vind dat die stereotypen niet zo opvallen. Ik woon hier heel graag en wil hier niet meer weg, maar ik kan geen Iepers spreken. Ik denk dat dat wel een soort afstand schept. Niet met de mensen die ik goed ken, maar bijvoorbeeld wel bij de bakker. Die mens zal me nog steeds zien als een niet-Ieperling.”

U bent ook bestuurslid van Davidsfonds Ieper?

“Ondertussen al een jaar of vier. Dat is dat engagement dat in me zit zeker? We doen ook veel aan cultuur: theater, concerten, musea … Dan vond ik het wel tof om mijn steentje te kunnen bijdragen. Ondertussen is het wel al meer dan een jaar dat er bijna niets is kunnen doorgaan. We deden wel enkele online alternatieven, zoals een geocachingzoektocht waar er heel veel interesse in was. We zijn nu wel volop bezig met de programmatie van volgend werkjaar en gaan ervan uit dat tegen dan weer veel meer mogelijk zal zijn.”

Welke impact had corona op u persoonlijk? U mocht wellicht uw eerste kleindochter niet bezoeken in het ziekenhuis?

“Nee, maar we hadden het geluk dat ze op het gelijkvloers lagen, dus we konden wel eens kijken aan het venster. Mijn zoon had ervoor gezorgd dat er een fles schuimwijn en een paar glazen klaarstond in de haag achter ons. Zo hebben we toch een glaasje kunnen drinken samen, wij buiten en zij binnen. Ze wonen ook niet ver, dus ik kan wel eens op bezoek gaan. Wat ik wel mis in de coronacrisis is met alle kinderen eens samen zijn. Geen familiefeesten, dat vind ik wel moeilijk. Nu we weer met tien mogen buitenkomen is er al afgesproken dat we met z’n allen gaan wandelen. Dat zal me wel deugd doen.”

Privé: Hilde werd geboren in Gent op 25 juni 1968. Haar ouders zijn Rik en Angèle Broekmans. Ann, Pieter en Leen zijn haar zussen en broer. Ze is getrouwd met Danny Buysse. Samen hebben ze zes kinderen. Lars, Nils en Ase zijn haar eigen kinderen. Griet, Ine en Warre die van haar man. Er is ook al een kleinkind: Leni. Ze is ook al twee keer plusoma. Ze wonen in Brielen.

Opleiding: De lagere school deed Hilde in Don Bosco in Drongen-Baarle, middelbaar deed ze in Sint-Bavo in Gent. Daarna studeerde ze voor bio-ingenieur aan Universiteit Gent (specialiteit bosbouw). Tijdens het laatste jaar deed ze nog een aggregaatsopleiding erbij.

Loopbaan: Na vijf jaar in een houtbedrijf te werken, maakte ze de overstap naar het onderwijs. Via Gent en Kortrijk kwam ze in Immaculata Ieper terecht. Na zeven jaar als leerkracht werd ze er adjunct-directeur. Vier jaar later werd ze directeur van het Lyceum, waar ze ondertussen bijna vier jaar aan het roer staat.

Lees meer over:

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.