"Op dit moment is door stuivend zand slechts een deel van het weerstandsnest bovengronds zichtbaar, heel wat verdedigingswerken zijn onder zand terechtgekomen. Op basis van historische bronnen zoals luchtfoto's en kaarten weten we toch hoe deze site was opgebouwd", laat minister Diependaele weten.
...

"Op dit moment is door stuivend zand slechts een deel van het weerstandsnest bovengronds zichtbaar, heel wat verdedigingswerken zijn onder zand terechtgekomen. Op basis van historische bronnen zoals luchtfoto's en kaarten weten we toch hoe deze site was opgebouwd", laat minister Diependaele weten.WN Waldersee werd wellicht vanaf 1942 opgetrokken in de Zeebermduinen nabij Groenendijk-Bad, in eerste instantie voor de verdediging van de kust tegen een vijandelijke invasie."Langs de Vlaamse kust is geen enkel ander weerstandsnest zo integraal bewaard als WN Waldersee", vertelt Matthias Diependaele. "De site kan ons veel leren over het functioneren en de organisatie van een dergelijk infanteriesteunpunt. De geïdentificeerde verdedigingswerken op de site zijn typische infanteriewerken, zoals loopgraven, geschutstellingen, mitrailleur- en observatieposten, stellingen voor luchtafweer en antitankgeschut, bunkers en accommodatie voor de manschappen."Alle relicten samen vormen een bijzonder waardevol ensemble, dat inzicht verschaft in de opbouw van een Widerstandsnest. Via al dan niet overdekte loopgraven, paden en hellingen stond een deel van deze verdedigingswerken ook fysiek in relatie tot elkaar. De Atlantikwall was een imposante Duitse verdedigingsstelling langs de westelijke kusten van Europa, die tijdens de Tweede Wereldoorlog werd uitgebouwd met talrijke geschutstellingen, bunkers, loopgraven en andere structuren. Deze verdedigingswerken werden ingeplant in steunpunten van verschillende grootte, sterkte en samenstelling, al naargelang de strategische waarde die aan de plaats werd toegekend. Zowel de landmacht, de zeemacht als de luchtmacht bouwden hun eigen steunpunten uit. Een Widerstandsnest vormde het kleinste type infanteriesteunpunt in de Atlantikwall. Na de voorlopige bescherming organiseert het gemeentebestuur een openbaar onderzoek. Op die manier heeft iedereen de kans om opmerkingen of bezwaren kenbaar te maken bij de gemeente. Binnen de negen maanden beslist de Vlaamse minister van Onroerend Erfgoed over een definitieve bescherming.