De motivatie en inspiratie om in het onderwijs te stappen, vond Marc Cappelle bij de KSA in zijn geboortedorp Beveren. "Les geven aan kinderen leek me een mooie uitdaging. Ik volgde de opleiding aan het Sint-Thomasinstituut in Brussel. Op 1 september 1979 mocht ik beginnen in de Beverense jongensschool onder directeur Etienne Desloovere. Er volgden enkele jaren van interims in Beveren en in Roeselare. Op 1 september 1983 mocht in starten in de gemeenteschool van Ardooie", weet meester Marc te vertellen. "Directeur Frans Roels zette me voor de klas in het vierde leerjaar. Tijdens het schooljaar 1986-1987 deed ik e...

De motivatie en inspiratie om in het onderwijs te stappen, vond Marc Cappelle bij de KSA in zijn geboortedorp Beveren. "Les geven aan kinderen leek me een mooie uitdaging. Ik volgde de opleiding aan het Sint-Thomasinstituut in Brussel. Op 1 september 1979 mocht ik beginnen in de Beverense jongensschool onder directeur Etienne Desloovere. Er volgden enkele jaren van interims in Beveren en in Roeselare. Op 1 september 1983 mocht in starten in de gemeenteschool van Ardooie", weet meester Marc te vertellen. "Directeur Frans Roels zette me voor de klas in het vierde leerjaar. Tijdens het schooljaar 1986-1987 deed ik een vervanging in het eerste leerjaar en ben daar tot op vandaag gebleven."Al die jaren vond meester Marc het een boeiende uitdaging om de leerlingen te leren lezen en schrijven. "Ik gaf altijd graag les met behulp van poppen. Al wie hier in het eerste leerjaar zat, zal wel Hup de leeskangoeroe, het schrijfaapje, de rekenooievaar en de uil-weet-al kennen", lacht Marc, die zich wel vragen stelde bij de toenemende digitalisering van het onderwijs. "De meester en de juf met hun persoonlijke aanpak mag en kan men niet vervangen door een kille computer." Gedurende al die jaren beleefde Marc heel wat mooie momenten, maar ook dieptepunten. "De ABBA-musical was voor mij een absoluut hoogtepunt. In dit totaalconcept, gerealiseerd met de collega's, stonden meer dan tweehonderd kinderen op het podium. Dit alles gaf mij bijzonder veel voldoening. Een triest dieptepunt was het overlijden van mijn goede vriend en directeur Luc Werbrouck, ons veel te vroeg ontvallen. Ook de laatste maanden zijn uiteraard 'onvergetelijk', met dat coronavirus."Maar meester Marc is helemaal niet bang om nu geconfronteerd te worden met dat zwarte gat. "Als natuurgids zal ik nog meer te vinden zijn in de West-Vlaamse natuurgebieden. Verder heeft de wandelmicrobe me stevig te pakken. Ik blijf ook actief betrokken bij het wel en wee van voetbalclub KVC Ardooie. En om de regendagen door te komen, liggen er nog heel wat boeken te wachten. Misschien werk ik nog het scenario uit van een nieuwe musical voor De Zonnebloem."Voor Jan De Decker was meester Marc geen onbekende, toen hij drie jaar geleden directeur werd van De Zonnebloem. "Ik kende Marc als een sportief tegenstander in het voetbal. Zelf speelde ik geregeld in en tegen Ardooie op provinciaal niveau en zo leerde ik ook Marc kennen. Het is een joviaal persoon, een levensgenieter. Hij engageert zich graag, nooit met luide stem, maar steeds aanwezig met helpende handen. Op school is hij een vernieuwer. Toen ik op een bijeenkomst van ons onderwijzerskorps voorstelde om in groepjes te werken, zette Marc als een van de eerste de banken in zijn klas in groepsopstelling, in plaats van op de klassieke manier. Hij vond dit een meerwaarde om uit te proberen. Ook het digitale tijdperk schrikt hem niet af. Op maandag kan hij wel wat stiller uit de hoek komen. Dat zal dan wel aan de voetbalprestaties van zijn KVC Ardooie liggen. Al waren die stille dagen dit seizoen schaars, gezien KVC Ardooie mag promoveren", besluit de directeur. (JM)