Marietje en Fernand samen al 133 jaar present op Roeselaarse dinsdagmarkt

Marietje en Fernand zijn het oudste koppel marktkramers op de Roeselaarse markt. © Stefaan Beel
Peter Soete

De eerste week van de paasvakantie wordt in West-Vlaanderen uitgeroepen tot Week van de markt. Met de slogan ‘De markt is altijd een beetje vakantie’ worden de trouwe marktbezoekers door de marktkramers in de bloemen gezet. Twee van die marktkramers zijn Marietje Ellegiers (90) en haar echtgenoot Fernand Hostyn (87). Ze staan samen al 133 jaar op de markt.

Het is nog een beetje koud op de dinsdagmarkt. Fernand Hostyn doet toch goede zaken in zijn textielkraam aan de pui van het stadhuis. Telkens hij een stuk verkoopt, zegt hij de klanten dat ze moeten betalen aan Marietje (officieel Marie-Jeanne) die in de wagen zit met een dikke sjerp rond zich. “Zij is mijn kassierster en ze is te bezichtigen van acht tot twaalf”, grapt Fernand. De klanten gieren het uit.

Even later zitten we rond een koffie naar het verhaal van Fernand en Marietje te luisteren. “Ik ben geboren in Torhout en heb in de kunstrichtingen gestudeerd”, begint Fernand die op 11 juni 88 jaar wordt. “Ik werkte in een fabriek in Destelbergen als ontwerper van Congolese stoffen. Dat waren kleurrijke stoffen met opvallende patronen waarmee waxkledij voor de Afrikaanse vrouwen werd gemaakt. Ik leerde Marietje kennen, die geboren en getogen is in Gent, en we trouwden op 31 december 1955.”

Mee naar de markt

“Marietje hielp al met de leurhandel van haar vader vanaf veertienjarige leeftijd. Haar vader was een geboren commerçant. Hij presenteerde zijn stoffen in huizen en appartementsblokken en verkocht uitstekend. Ja, een beetje zoals de Nieuwmarkters hier in Roeselare. Ze zijn dan in 1947 ook naar de markt getrokken en op een bepaald ogenblik stonden ze maar liefst met tien kramen op verschillende markten. Ik bleef ondertussen werken in de fabriek maar toen we eens onze rekening maakten en bleek dat Marietje meer dan het dubbele verdiende dan ik was het besluit snel genomen: ik zegde de fabriek vaarwel en vanaf april 1958 trok ik mee met mijn vrouw naar de markt.”

Ik denk dat Roeselare de beste markt is voor marktkramers

“Het waren zeer drukke tijden voor ons. Op maandag stonden we in Deurne-Antwerpen, dinsdag was dat de markt in Roeselare, woensdag reden we naar Vilvoorde, donderdag stonden we in Oostende en vrijdag waren we eerst in Borgerhout en later in Gent te vinden. Zaterdag stonden we op de markt in Brugge en zondag in Ledeberg. Ja, iedere dag van de week stonden we ergens op de markt. Maar later gebeurde het wel eens dat we een snipperdag namen.”

West-Vlaanderen boven

“Officieel zijn we in juni 1988 met pensioen gegaan maar we zijn onze zoon blijven helpen nadat hij het kraam overnam. En we doen dat eigenlijk nog steeds. We hebben heel veel vaste klanten en Marietje is eigenlijk een beetje een icoon van de markt. Veel klanten komen speciaal naar de markt en als we op reis waren in Italië of Spanje kwamen we altijd Belgen tegen die zwaaiden en riepen dat ze ons kenden van op de markt.”

“We hebben dus op heel veel markten gestaan maar ik verdiende toch liefst mijn brood op de West-Vlaamse markten. West-Vlamingen zijn echt joviale en hartelijke mensen, heel anders dan Oost-Vlamingen, Brusselaars of Antwerpenaars. En ik kwam en kom nog steeds liefst naar de markt van Roeselare. Ik denk ook dat het nog altijd de beste markt is voor de marktkramers.”

Pashokje in de post

“De wekelijkse markt is voor de textielsector krimpend, dat is geen geheim. En dat is jammer want op de markt kopen onze klanten zeer kwalitatieve zaken aan een uitstekende prijs. Maar het is de veranderende maatschappij die een grote rol speelt. Vroeger ging de man werken en bleef de vrouw aan de haard en … op de markt (lacht). Nu gaan man en vrouw werken, worden de kinderen naar de crèche gebracht en als ze ‘s avonds thuis komen, is er nog net tijd om naar de supermarkt te rijden. De markt heeft minder en minder plaats in het hedendaagse tijdschema van een gezin.”

Positief

“En uiteraard is er de enorme concurrentie van webshops. In het postkantoor van Gent staat er zelfs een pashokje en kun je de broek of trui die je in een webshop hebt gekocht, passen en onmiddellijk terugzenden als je het niet leuk vindt. Ik weet niet hoe we daar moeten tegen concurreren. Maar we blijven positief: zo lang we ons amuseren op de markt en zo lang de gezondheid mee wil, zijn we present. Al beseffen we ook dat we hier wellicht geen tien jaar meer zullen staan (lacht).”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.