Marc De Cat begon zijn carrière op 30 september 1978 als stagiair bij de Ieperse brandweer. Drie jaar later werd hij de allereerste korporaal die als beroepsbrandweerman aan de slag ging voor de Ieperse brandweer. In het jaar 1990 bevorderde hij tot sergeant en in 2006 promoveerde hij tot adjudant. De laatste jaren van zijn carrière was hij nog actief in sectie 4 als vrijwilliger. Afgelopen zaterdag deed Marc nog mee aan zijn allerlaatste brandweeroefening, waarbij op passende wijze afscheid werd genomen, ...

Marc De Cat begon zijn carrière op 30 september 1978 als stagiair bij de Ieperse brandweer. Drie jaar later werd hij de allereerste korporaal die als beroepsbrandweerman aan de slag ging voor de Ieperse brandweer. In het jaar 1990 bevorderde hij tot sergeant en in 2006 promoveerde hij tot adjudant. De laatste jaren van zijn carrière was hij nog actief in sectie 4 als vrijwilliger. Afgelopen zaterdag deed Marc nog mee aan zijn allerlaatste brandweeroefening, waarbij op passende wijze afscheid werd genomen, weliswaar beperkt door de coronamaatregelen.De Ieperling kan terugblikken op een mooie carrière als brandweer. "Een van de interventies die ik nooit zal vergeten, is er één uit mijn beginjaren. We werden opgeroepen voor een strobrand in Zillebeke. Op een gegeven moment was er een zware ontploffing, waarbij vijf collega's zwaargewond raakten. Een andere interventie die me altijd is bijgebleven, is de brand in de Nopri langs de Arsenaalstraat. Op een gegeven moment stortte een muur in, maar er waren nog twee brandweermannen binnen. maar door de grote rookontwikkeling konden we hen niet meteen lokaliseren. Toen ze er op eigen houtje uit raakten en niet gewond bleken te zijn, ging er een grote golf van opluchting door me heen. Ook ongevallen waarbij kinderen betrokken zijn of dodelijke slachtoffers vallen, blijven je bij. Het geroep dat je soms hoort, gaat door merg en been.""Al werd er natuurlijk ook regelmatig goed gelachen", vervolgt Marc. "Ik herinner me die keer dat we opgeroepen werden samen met de duikers voor een interventie bij Dikkebusvijver. Commandant Verschelde keek niet goed waar hij liep en sukkelde zo van het ponton de vijver in, recht in de groene smurrie. De oproepen die we kregen om katten te redden, lokten ook altijd woordspelingen uit door mijn familienaam. 'Marc zal de kat wel uit de boom kijken' is een zin die me altijd zal bijblijven. Maar katten zijn eigenlijk wel moeilijk om te redden. Dikwijls sprong de kat naar een andere tak toen we er bijna waren."Schrik voor het zwarte gat heeft Marc naar eigen zeggen niet. "Ik zal zeker geen moeite hebben om mijn dagen te vullen. Ik ben al een jaartje aan de slag in het huis van mijn dochter om te helpen verbouwen. Als we daarmee klaar zijn, staat er nog eentje te wachten om wat op te knappen. Verder gaan we hier en daar wat meer reizen, waarschijnlijk met de mobilhome. We hebben twintig jaar een mobilhome gehad en er zijn niet veel plaatsen in Europa die ik nog niet gezien heb, maar het noorden van Europa zou ik wel nog eens willen verkennen." (DBI)