"Hoe het begon? Met mijn vader en mijn moeder tussen de lakens zeker?", snerpt ie. "Ik ben opgegroeid aan de Koeiemarkt. Mijn moeder was een hippie avant la lettre en een verwoed muziekliefhebber. In plaats van Matchbox-autootjes kreeg ik platen. In het zesde studiejaar moesten we in de klas een liedje zingen. De ene zong van Sinterklaas, de andere van de paasklok en ik zong 'My Lady d'Arbanville' van Cat Stevens. Mijn moeder nam me dikwijls mee naar concerten. We zijn twaalf keer naar Santana gaan kijken. In autostop."
...