Kortrijk steunt de Blue Heart Campaign en de strijd tegen mensenhandel

© (Foto MD)
Margot Demeulemeester
Margot Demeulemeester Stadsreporter Kortrijk

Zaterdag werd het stadhuis van Kortrijk in blauw gehuld voor de Blue Heart Campaign, een sensibiliseringscampagne van de Verenigde Naties die strijdt tegen de handel in en uitbuiting van mensen. De stad zet samen met de FOD Justitie haar schouders onder de campagne.

In 2022 ligt de nadruk van de Blue Heart Campaign op hoe technologie zowel een troef als een risico vormt in de strijd tegen mensenhandel. Om die strijd te steunen worden de gespecialiseerde centra voor slachtoffers van mensenhandel, nl. Payoke in Antwerpen, PAG-ASA in Brussel en Sürya in Luik, stevig versterkt en hun budgetten structureel verankerd in de wet. In samenwerking met deze centra werd een communicatieaanbod ontwikkeld om mensen te sensibiliseren. Nieuwe affiches onder de noemer ‘Maak mensenhandel zichtbaar’ en bestaande brochures verhogen de alertheid, maken mensen bewust van de aanwezigheid van slachtoffers in hun omgeving, en leren om signalen van uitbuiting beter te herkennen.

Bovendien werd samen met vice-eersteminister en minister van Justitie Vincent Van Quickenborne een nieuw meldpunt opgericht rond mensenhandel. Op de website www.stopmensenhandel.be kunnen slachtoffers of getuigen voortaan terecht om informatie in te winnen, melding te maken of in contact te komen met de hulpcentra. Dit meldpunt moet enerzijds slachtoffers sneller en adequater helpen en anderzijds criminele netwerken rond mensenhandel en -smokkel sneller blootleggen, opdoeken en laten berechten.

“We zullen mensenhandel nooit uit de wereld kunnen helpen, daar moeten we realistisch in zijn, maar we moeten het wel krachtdadiger aanpakken. Er zijn nog te veel slachtoffers die de weg naar de hulpverleningscentra niet vinden. De kloof tussen het aantal mensen die met mensenhandel in contact komen en het effectief geholpen aantal mensen door onze centra is te groot. Slachtoffers durven bijvoorbeeld niet naar de politie stappen, zijn niet op de hoogte van deze centra of kennen hun rechten en de arbeidswetgeving niet. Met een centraal meldpunt verlagen we de drempel om aangifte te doen en contact op te nemen. We hopen op deze manier meer mensen te bereiken, niet alleen slachtoffers, maar ook mensen die verdachte praktijken zien”, zegt Vincent Van Quickenborne, vice-eersteminister en minister van Justitie en Noordzee.

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.