Na jarenlang als journaliste te hebben gewerkt, waarbij ze gold als royalty-specialiste, bouwde Brigitte Balfoort een nieuwe carrière uit als deskundige in etiquette en gepaste omgangsvormen in uiteenlopende omstandigheden. De Brugse, die sinds begin dit jaar ook voor CD&V in de gemeenteraad zetelt, schreef hierover al enkele boeken en geeft ook lessen, workshops en voordrachten.
...

Na jarenlang als journaliste te hebben gewerkt, waarbij ze gold als royalty-specialiste, bouwde Brigitte Balfoort een nieuwe carrière uit als deskundige in etiquette en gepaste omgangsvormen in uiteenlopende omstandigheden. De Brugse, die sinds begin dit jaar ook voor CD&V in de gemeenteraad zetelt, schreef hierover al enkele boeken en geeft ook lessen, workshops en voordrachten. Het mag dan ook niet verbazen dat de ontvangst bijzonder hoffelijk is: onze drijfnatte jas - het regende flink als we in de Westmeers op bezoek gingen - wordt aangenomen en Brigitte biedt ons een dampend en heerlijk geurend kopje koffie aan. Ook Brigittes levensgezel Benoït Delaey schuift mee aan tafel. Hij is conservatiearchitect, heeft een grote passie voor bouwkundig erfgoed en is dus erg goed geplaatst om de historiek van de woning te schetsen. "Het huis is in meerdere fasen gebouwd en een exact jaartal aanduiden is niet eenvoudig. Maar ik kan wel zeggen dat het oudste gedeelte van de woning dateert uit de jaren 1400, de 15de eeuw dus. Het nieuwere, voorste gedeelte van de woning, dateert volgens mijn bronnen uit 1632", weet Benoît. "Het huis dankt zijn huidige naam Huis Reckelbusch aan zijn illustere bewoner uit de eerste helft van de 20ste eeuw, kunstschilder Louis Reckelbusch (1864-1958). Reckelbusch was jarenlang conservator van het Groeningemuseum. Hij kocht de woning in drie afzonderlijke fasen aan tussen augustus en oktober 1909 en in september 1937. De schilder bleef hier wonen tot zijn dood in 1958. Reckelbusch liet grote verbouwingswerken uitvoeren en stouwde de woning vol met historische bouwmaterialen, afwerkingen en meubileringen die hij in de loop van de jaren had verzameld. Zo verwerd het huis tot een museum van voornamelijk renaissancekunst, waar toevallig ook in werd gewoond en gewerkt." (lees verder onder de foto)"Na zijn dood ging de woning over naar zijn bij testament aangeduide enige erfgenamen: Louis en Gabrielle De Cock; Reckelbusch had immers geen kinderen. In de jaren 1960 werden dan ook nog eens een aantal ingrepen gedaan die niet altijd historisch correct waren, zoals bijvoorbeeld de vloer met grote, donkere tegels in de woonkamer hier, en de open haard. De woning is dus een samenvloeiing van uiteenlopende historische stijlen, maar dat maakt ze net ook zo boeiend."Benoît en Brigitte kochten de woning zo'n vier jaar geleden. Brigitte woonde voorheen jarenlang in Kristus Koning en Benoît had al op diverse plaatsen in de binnenstad gewoond. "Opmerkelijk detail is dat wij beiden eigenlijk wel al een zekere band hadden met dit huis. Mijn ouders kenden goed de vorige eigenaars, het onderwijzersechtpaar Herman Leys en Jenny Aspeslagh", vertelt Brigitte. "Bovendien was de dochter van Benoît goed bevriend met de dochter van de vorige eigenaars." Benoît vult aan: "Nog een pikant detail: ik ben ook docent restauratietechnieken en kwam hier langs met mijn leerlingen! Dat dit pand plots te koop kwam, was dus echt wel een buitenkans." Brigitte en Benoît hebben na hun aankoop slechts beperkte werken laten uitvoeren: de elektrische installatie werd vernieuwd, er werd centrale verwarming geplaatst en keuken en badkamer werden gemoderniseerd. Het pand is niet alleen de woning, maar ook de werkplaats voor zowel Brigitte als Benoît. Op de eerste verdieping bevindt zich de hal, de eetkamer, het lager gelegen salon, en de keuken met Delftse tegeltjes tegen de wanden. (lees verder onder de foto)Daar achter ligt de mooie tuin die uitgeeft op de Kapucijnenrei. Leuk detail in de tuin is het oude toilethokje dat Brigitte en Benoît bewust laten staan. Brigitte houdt wel van leuke, speelse elementen te midden het historische interieur, zoals een Michelinmannetje en een oude lichtbak van Bieren Aigles Belgica (BAB) in het toilet. Op de eerste verdieping bevindt zich de slaapkamer. Aan de andere kant van de overloop is er een wachtkamertje en een vergader- en werkruimte voor het bedrijf van Benoit. Bezoekers die zitten te wachten, kunnen meteen ook de muurschildering Geboorte van Christus bewonderen. "Deze dateert vermoedelijk uit het midden van de 15de eeuw en werd in 1910 door Louis Reckelbusch ontdekt tijdens verbouwingswerken", weet Benoît. Ook de tweede verdieping, onder de historische zoldergewelven, is ingericht als werkplaats met bureau en tekentafel voor Benôit en zijn medewerkers. "Wij voelen ons bevoorrecht en zien ons als tijdelijke gebruikers van dit erfgoed, dat we willen vrijwaren voor de volgende generaties", besluiten Brigitte en Benoît.