De kapel heeft een rijke geschiedenis en net zoals bij het het tot stand komen van de kapel van O.L.V. van Bijstand speelt ook hier het geslacht de Beer van Meulebeke een belangrijke rol. Reeds in 1443 vermeldt het renteboek van Gruuthuse ' de capelle meersch van Maerloope' waarmee vermoedelijk verwezen wordt naar een houten boskapel net buiten het centrum van het dorp, gelegen aan het huidig kruispunt met de Bosakkerstraat.
...

De kapel heeft een rijke geschiedenis en net zoals bij het het tot stand komen van de kapel van O.L.V. van Bijstand speelt ook hier het geslacht de Beer van Meulebeke een belangrijke rol. Reeds in 1443 vermeldt het renteboek van Gruuthuse ' de capelle meersch van Maerloope' waarmee vermoedelijk verwezen wordt naar een houten boskapel net buiten het centrum van het dorp, gelegen aan het huidig kruispunt met de Bosakkerstraat.De geschiedenis van de kapel vangt aan met Jan de Beer, de eerste heer van Meulebeke, die op het einde van de 16de eeuw een mooie kapel laat optrekken na een gedane belofte. De legende hieraan verbonden, verhaalt de lotgevallen van Jan de Beer op jacht in de Marialoopse bossen. Hij wordt plots aangevallen door een horde wolven. Zijn honden slaan op de vlucht en verlamd door schrik, denkende dat zijn laatste uur geslagen is, roept hij de heilige Maagd aan en belooft haar een kapel te bouwen. De wolven slaan een andere richting in en heer de Beer is gered. Deze legende werd boven het altaar in beeld gebracht door A. Deseyn uit Tielt.Het nieuws van de redding van Jan de Beer verspreidt zich snel in Meulebeke en omgeving en weldra komen er heel wat mensen de zegen van Maria afsmeken.Het landelijke, rustige Marialoop wordt plots een druk bezocht bedevaartsoord. Hoogtepunt was de processie met praalwagens en met kinderen die gehuld waren in ranken van klimop, ze werden 'Hiftemannekens' genoemd. Archieven van de dekenij hadden het in 1623 over 'de belangrijkste gebedstocht in de dekenij'.Lees verder onder de fotoCentraal bij deze devotie staat het genadebeeld van Onze-Lieve-Vrouw. Wie de beeldsnijder was, blijft tot op heden een onbeantwoorde vraag. Men vermoedt dat het een Vlaming moet geweest zijn aangezien Maria en het kind typische Vlaamse vruchten, appel en peer, in de hand dragen. Het beeld (80cm hoog) dateert waarschijnlijk uit het eind van de 15de eeuw.Het beeld dat de onlusten, revoluties en zelfs de Geuzentijd getrotseerd had, werd in de nacht van 4 op 5 september 1965 uit de kapel van Marialoop gestolen. Jef Claerhout, beeldhouwer uit Sijsele, heeft aan de hand van een gipsen afgietsel een houten beeld vervaardigd dat het ontstolen beeld nauwkeurig benadert. Op 9 juli 1966 werd het nieuwe beeld in processie, met E.H. Verkest op kop, terug naar de kapel gedragen. In 1665 schenkt Gaspar de Beer, baron van Meulebeke, de kapel een klok van 32 kg. Twee eeuwen later kwam er een zwaarder exemplaar in de plaats. Die werd in 1917 door de Duitsers weggevoerd. De huidige klok werd in 1923 ingewijd, peter was de toenmalige kasteelheer van Ter Borcht, de heer Van Baveghem, tevens burgemeester van Meulebeke.Van 1735 tot 1737 wordt de kapel volledig vernieuwd, met een nieuw altaar, een sacristie, preekstoel en een communiebank. Met de Franse Revolutie wordt de kapel als nationaal goed verkocht, Ignatius Danneels van Meulebeke en Pieter Bekaert van Tielt kopen ze in 1800 terug voor 144 franken. In 1832 wordt de kapel opengesteld voor de eredienst op zon- en feestdagen. Ondertussen blijft pastoor Dujardin ijveren voor een eigen kerkgebouw. In 1837-1838 worden de bouwwerken gestart en in 1839 werd Marialoop erkend tot zelfstandige parochie en kreeg de dorpsgemeenschap een gloednieuwe parochiekerk, gebouwd ten zuiden van de kapel.In 1906 treft een nieuwe ramp Marialoop. Op 6 oktober staat de kapel in brand. Het Mariabeeld en heel wat waardevolle zaken kunnen gered worden. De kapel wordt opnieuw ingewijd op 2 juli 1908. Door een schenking van grond (door mevr. van Ruymbeke in 1910) werden er ommegangkapelletjes rond de kapel gebouwd en kreeg de omgeving een frisse opsmukbeurt.De noveenkaarsen en kaarsen die nu in de kapel branden en de ex-voto's die men er plaatst, zijn het bewijs dat er nog steeds veel bezoekers de kapel van O.L.V. ter Ruste weten te vinden. Er wordt gebeden en 'gediend' om verlost te worden van angsten en kwellingen, voor genezing, om een goede en vlotte geboorte af te smeken of om een bijzondere gunst te vragen. De tegels aan de muur met dankbetuigingen bewijzen dat de gebeden aanhoord werden. Gelijkaardige verhalen waren al 300 jaar geleden te lezen in de Liber Memoralis van pastoor Mys van Meulebeke die maar liefst 33 miraculeuze genezingen toeschreef aan O.L.V. ter Ruste.