Izegems Kasteel Blauwhuis tegen september 2021 klaar: “Dit wordt dé hotspot van de regio”

Philippe Verhaest

Binnen minder dan een jaar wil Jan Romel de deuren van ‘zijn’ Kasteel Blauwhuis definitief kunnen open zwaaien. De man legde in 1985 de eerste steen van Romel Bouwbedrijf en nu ziet hij zijn magnum opus steeds meer vorm krijgen. En dat bezorgt zelfs de ervaren aannemer wat kriebels in de buik. “In dit project gebruik ik, samen met Blauwpoorte ernaast, veel ervaring die we de afgelopen jaren hebben opgedaan. Het wordt het visitekaartje van ons bedrijf én de stad.”

Dat Jan Romel een carrière in de bouwsector zou uitstippelen, was eigenlijk niet voorzien. “Al wilde ik aanvankelijk veearts worden”, glimlacht hij. “Maar zowel mijn vader, grootvader als overgrootvader waren metselaars. Mijn vader Etienne heeft in Izegem toch heel wat gebouwen neergezet, net als mijn grootvader en overgrootvader. Die grootvader, Gerard was zijn naam, had trouwens een mooie traditie. Onder de dorpel van elk huis legde hij een stuk van vijf Belgische frank. Als geluksbrenger. Wij hebben een gelijkaardige traditie, al gebruiken we een ander relikwie. Mijn moeder Nicole Deleye bezorgt ons een klein mariabeeldje die we in elk eigen project inmetselen. Ze belt me regelmatig met de vraag hoeveel beeldjes we nodig zullen hebben. Prachtig, toch?”

Even terug naar je beroepskeuze. De zoon van de metselaar wilde als veearts de kost verdienen…

“Klopt. Maar het leven is anders gelopen. In 1981 moest ik een keuze maken. De jaren tachtig waren een periode vol crisis en economische onzekerheid. Thuis hadden we een bouwbedrijf, maar die jaren waren erg lastig voor mijn vader. Ik besloot uiteindelijk om in Gent industrieel ingenieur bouwkunde te studeren. Maar eigenlijk wou ik naar de Verenigde Staten emigreren. De neef van mijn vader, André Mestdagh, woonde in Michigan en toen ik er in de grote vakantie een maand op bezoek was, net voor ik naar Gent trok, kreeg ik veel goesting om ooit daar te wonen en werken. Ik was gefascineerd hoe men daar bouwde en zag mezelf al skyscrapers uit de grond doen rijzen. De American Dream, hé. Maar opnieuw door omstandigheden is dat niet gelukt. In 1985 viel er in Nieuwpoort een torenkraan van mijn vader op een appartementsgebouw. Een storm met wervelwinden langs de helling tussen de zeedijk en achterliggende straat had de mast zodanig op de proef gesteld dat die het als een uitgewrongen dweil begaf en in het gebouw ernaast terecht kwam. Niemand raakte gewond, maar het was alle hens aan dek op het bedrijf. Ik was thuis meer dan ooit nodig, wat ervoor zorgde dat er van die droom niks in huis kwam.”

Heb je daar spijt van?

“Ik vond het jammer, maar heb er niet lang bij stil gestaan. Ik draaide de knop om en stortte mij op het werk. Ik bleef nooit hangen bij wat gisteren gebeurde, maar keek altijd naar morgen. Achteraf bekeken was het misschien beter dat ik hier bleef. 37 jaar geleden was Amerika nog the place to be. Nu niet meer.”

Een van dé blikvangers wordt Bar Altaar: een cocktailbar in de voormalige kasteelkapel – Jan Romel

Wat maakt ondernemen voor jou zo leuk?

“De uitdaging en de voldoening die je na hard werken krijgt als iets slaagt. Ik denk dat je als ondernemer gebóren moet zijn. Eigenlijk moet je wat naïef zijn als je mensen met een bijzonder talent wil ontdekken. Je gaat op die manier vaak op je bek, maar dat hoort erbij. Een ondernemer moet nuchter zijn, maar mag niet bang zijn om ergens in iets een verkeerde keuze te maken. Foutjes maken, zorgt voor verbetering. Ondernemen is dagelijks kleine of grote tegenslagen verwerken. Het is ook topsport, een never ending story. Ik zie twee soorten ondernemers: zij die ván hun bedrijf leven en zij die vóór hun bedrijf leven. Ik vrees dat ik tot de laatste categorie behoor.” (glimlacht)

Doorheen het hele kasteel worden alle ornamenten in hun oorspronkelijke staat hersteld.
Doorheen het hele kasteel worden alle ornamenten in hun oorspronkelijke staat hersteld.© Frank Meurisse

Dan ben je waarschijnlijk de klok rond met je zaak bezig?

“Het scheelt in elk geval niet veel. De passie van de eerste dag is er nog altijd. 35 jaar geleden maakte ik van elk vrij moment gebruik om boeken in de bibliotheek te ontlenen of te bestellen en me op eigen houtje bij te scholen. Internet bestond toen nog niet, hé. En ik slaap nog altijd met een notitieblok naast mijn bed. Als ik ‘s nachts een idee krijg of aan iets denk en daardoor de slaap niet meer kan vatten, schrijf ik het op. Om 3.30 uur ben ik altijd klaarwakker en sta ik op. De microbe is niet weg te krijgen. Gelukkig sta ik er niet alleen voor en hebben we in al die jaren toch wel een bijzonder getalenteerd team medewerkers samengesteld. Zonder hen zou alles wat we doen, niet lukken.”

Heb je er een idee van in hoeveel projecten je in je carrière al je tanden hebt gezet?

(blaast) “Dat moeten er toch zeer veel geweest zijn. We hebben zowat alle mogelijke gebouwen neergezet. Appartementsblokken, scholen, loodsen, sporthallen, kantoren, woningen… Enkel een kerk hebben we nog niet gebouwd. We zijn op elk project even trots. Een tevreden klant is het mooiste wat er is, daarvoor doe ik het. Mijn vader en grootvader hadden ook die passie. Toen ik een klein manneke was, kwam mijn grootvader mij afhalen met zijn oude Citroën, waarmee hij een zware betonneuze trok. Ik was zijn oogappel. Gerard was een kastaar. Toen ik 12 jaar oud was, kwam ik te weten dat hij niet kon lezen en schrijven. Hij had immers nooit de kans gekregen om naar school te gaan. Werken was de boodschap. Toen hij al de zeventig voorbij was, vertelde hij elke keer aan mémé: ‘Ik pak die kleinen mee naar de Gilde wi, er is een tombola voor een mini-vélo en ik wil die winnen’. Dat verhaaltje herhaalde hij iedere dag, maar mémé wist wel beter. Hij wou naar de Gilde voor zijn dagelijkse dreupel.”

Het meest in het oog springende project is en blijft het Kasteel Blauwhuis. Hoe belangrijk is dit verhaal?

“Dat werk is niet te onderschatten. Het is zonder meer de grootste uitdaging van mijn hele carrière. In het Blauwhuis en het project Blauwpoorte pal ernaast zit álle knowhow die we in huis hebben. Een groter totaalproject hebben we nog niet op tafel gekregen. En dat zal waarschijnlijk ook niet meer gebeuren, zeker niet in combinatie met een kasteel en bijhorend park. We zijn in april vorig jaar met de renovatiewerken gestart en als alles goed loopt, moeten we onze deadline van september 2021 halen.”

En lóópt alles ook goed?

“Ik steek niet onder stoelen of banken dat ik nu een van de lastigste momenten van mijn loopbaan beleef. We zijn met heel veel tegelijkertijd bezig. Daar nog eens de renovatie van het Kasteel Blauwhuis en de invulling ervan bijnemen, is een enorme klus. Misschien wel de klus te veel. Ik wil er immers iets speciaal van maken, een hotspot die Izegem ver zal overstijgen. Alleen bots ik voortdurend op vastgeroeste en voorbijgestreefde ideeën. Dat is lastig en zorgt voor veel tijdverlies, telkens opnieuw. Ons overheidsapparaat is zó traag en ouderwets, een huis vol regeltjes dat stroef functioneert. Dat maakt het moeilijk maakt en daardoor wil je er soms wel eens de brui aan geven. Die vele regeltjes zorgen ervoor dat je je werk amper nog op je eigen manier kan doen, terwijl dat wel de juiste is. Het is voortdurend vechten om je eigen visie toe te passen, maar ik geef nooit snel op. Een Amerikaan deelde ooit een mooie wijsheid met me: politics is what comes out of the asshole, I’d rather be up front and feed the horse. In het Vlaams komt het neer op dat we niet te veel moeten babbelen, maar doen. En het zo goed mogelijk doen. Gas geven. Al moet ik toegeven dat er stilaan een kentering is. De politiek krijgt meer voeling met de realiteit en dat maakt het toch werkbaarder. De restauratie loopt erg vlot. Het is leuk werken met Erfgoed Vlaanderen. Het zijn specialisten, mensen met kennis. Ook het Agentschap Natuur en Bos en de stad doen hun best om van dit verhaal iets bijzonder te maken.”

Het Koetshuis wordt Bar Bota: een brasserie waar iedereen terecht kan – Jan Romel

Hoe moeten we het Kasteel Blauwhuis 2.0 zien?

“Het concept hebben we bepaald aan de hand van een stevig marktonderzoek. Ik laat me hiervoor bijstaan door de experts van Eventsure en Marc Bogaerts is mijn artistiek directeur geworden. We willen absoluut zorgen voor een meerwaarde voor elke Izegemnaar en de stad op zich. Het kasteelpark moet ook de tuin worden voor de mensen die straks in Blauwpoorte zullen wonen.”

De kapel wordt omgevormd tot een cocktailbar: Bar Altaar. De vele kunstschatten zullen doorheen het kasteel een nieuw plaatsje krijgen.
De kapel wordt omgevormd tot een cocktailbar: Bar Altaar. De vele kunstschatten zullen doorheen het kasteel een nieuw plaatsje krijgen.© Frank Meurisse

“Het wordt een plek waar iedereen zijn gading zal kunnen vinden. Op de gelijkvloerse verdieping willen we een klassevol en betaalbaar restaurant onderbrengen, aangevuld met voor het publiek doorwaadbare ruimtes waar invullingen rond kunst, cultuur en sport mogelijk zijn. Er komt ook een museum over de geschiedenis van het kasteel en wat de familie de Pélichy voor Izegem heeft betekend. Een van dé blikvangers moet Bar Altaar worden, een cocktailbar die in de voormalige kapel van het kasteel te vinden zal zijn. Op de eerste verdieping zal je naast co-workingplekken ook teambuilding- en kantoorruimtes aantreffen en komt er een conciërgeloft. Op de tweede en hoogste verdieping voorzien we kantoren voor creatieve ondernemers.”

Welke plannen heb je met de iconische rotonde?

“Die moet opnieuw het kloppend hart van het kasteel worden. De rotonde zal deel uitmaken van het restaurant, maar we willen er ook de nieuwste video- en audiotechnieken installeren: een gebogen projectiescherm en 3D Immersive Sound. Dit kan ook zorgen voor mentale ondersteuning, daarvoor werken we samen met Ozark Henry. Innovatie is het sleutelwoord, maar tegelijk willen we het kasteel zijn grandeur van de negentiende eeuw weer bezorgen.”

Gaan die twee ambities samen?

(grijnst) “Je moet er wel wat moeite voor doen. Zo zullen we de gipsen ornamenten in de rotonde opnieuw met bladgoud bekleden, net zoals het vroeger was. Op energetisch vlak moet het kasteel zo duurzaam mogelijk worden en op termijn zelfs autonoom zijn. Wist je dat het Blauwhuis destijds het eerste centrale verwarmingssysteem van België had? Net als toen moet er opnieuw met argusogen naar deze plek gekeken worden. Als de notabelen van een eeuw geleden hier straks door de voordeur zouden wandelen, moeten ze zich opnieuw thuis kunnen voelen. Of ze met de technologische hoogstandjes zouden kunnen werken, is een andere vraag.”

“Het kasteel Blauwhuis moet een hotspot worden die Izegem ver overstijgt”, beklemtoont Jan Romel.© Frank Meurisse

Het koetshuis naast het kasteel deed de afgelopen zomers dienst als onderkomen voor een tijdelijke zomerbar, maar ook daar wordt nu hard gewerkt.

“Die plek dopen we om tot Bar Bota: een toegankelijke brasserie. Hier zullen ook verjaardagsfeesten, communies, pensioenvieringen en kleine optredens kunnen georganiseerd worden. Op die manier willen we de parkfunctie ook versterken. De oase van groen rondom het kasteel moet straks meer dan ooit dé long van Izegem worden.”

“Naast het koetshuis staat het speelhuisje van weleer. Dat vormen we om tot een ijshuisje en we voorzien er ook een energielokaal met een groot raam. Zo kunnen mensen met hun eigen ogen zien wat alternatieve energie inhoudt.”

Een honderden jaren oud kasteel van a tot z renoveren is zelfs voor een ervaren aannemer als jij geen sinecure, neem ik aan.

“Klopt. We moeten letterlijk al onze kennis en ons volledige netwerk aanspreken, want elke dag opnieuw duikt er wel een nieuw issue op. Het hele gebouw zat compleet onder de huiszwam, om maar iets te zeggen. De gevelrenovatie is volledig achter de rug, maar binnen wacht ons nog een pak werk, voornamelijk op vlak van technieken. Daarbij laten we niks aan het toeval over: alleen de perfectie is goed genoeg. Blauwpoorte en het Blauwhuispark zullen perfect in elkaar overvloeien. We bouwden al twee bruggen over de wal – de structuur werd trouwens door eigen mensen gemaakt: één richting onze aanpalende site Scheldeman en een brug aan de achterkant van het park. Het Blauwhuis wordt het kasteel van de 21ste eeuw. Deze site is straks hét visitekaartje van ons bedrijf én de stad. Daar teken ik voor.”

Weet je al wat je zal doen als het hele Blauwhuis-project achter je ligt?

“Goeie vraag. Deuredoen, maar dan met Urbes. Ik steek mijn hart en ziel in mijn bedrijven en zolang de passie er is, werk ik verder. Ik ben een onrustige ziel. Al zal ik straks ook wel de tijd nemen om van het Blauwhuis te genieten. Dan kan die ongedurigaard misschien toch eens een beetje tot rust komen.” (knipoogt)

De iconische rotonde zal deel uitmaken van een klasserestaurant. (gf)
De iconische rotonde zal deel uitmaken van een klasserestaurant. (gf)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.