“Ik werkte vroeger ook al met werkgestraften”

Heel wat organisaties maken gebruik van de diensten van werkgestraften. In Kortrijk is dat het geval voor onder meer de jeugdherberg. “Momenteel doet hier iemand een werkstraf en die persoon helpt mee met de afwas, de schoonmaak of het onderhoud rond het gebouw”, aldus Bram Rouges.

Bram Rouges is verantwoordelijk voor de Kortrijkse jeugdherberg. © (Foto JVGK)

Deze reportage maakt deel uit van ons ‘Dossier Werkstraffen in West-Vlaanderen’.

De jeugdherberg in de Passionistenlaan in Kortrijk werkt pas sinds kort samen met Halte-R, de organisatie die mensen met een werkstraf begeleidt. “Mijn voorgangster Petra Gelaude (vertrok vorig jaar in augustus naar Sunparks, red.) maakte daar geen gebruik van, ikzelf zag dat zitten”, aldus verantwoordelijke Bram Rouges (37). “De reden is simpel: voordien had ik acht jaar de leiding gehad over de jeugdherberg in Gent en daar werkten we ook met werkgestraften.”

“Mijn ervaring met personen met een werkstraf is globaal gezien positief. De jeugdherbergen zijn vzw’s, wat wil zeggen dat we het met beperkte middelen moeten doen. In Kortijk, bijvoorbeeld, kan ik rekenen op vier vaste medewerkers: twee aan de balie en twee voor het ontbijt en de schoonmaak. We kunnen gelukkig ook rekenen op vrijwilligers, al is een extra medewerker altijd handig.”

tafels schuren

De vaste medewerkers zijn op de hoogte dat er een werkgestrafte in de jeugdherberg actief is. “We hebben een heel klein team, dus valt het enorm op als er plots iemand nieuws komt werken. Daarom ben ik heel open over dit onderwerp. Al maak ik zowel mijn ploeg als de persoon met een werkstraf duidelijk dat iedereen op gelijke voet behandeld wordt. Het is niet omdat je een werkstraf uitvoert dat je je daarom minderwaardig moet voelen.”

“Er zijn natuurlijk ook werkgestraften die nonchalant of onrespectvol zijn”

Momenteel is één persoon aan de slag in de jeugdherberg. Bram: “Die vrouw heeft een werkstraf van 95 uur gekregen en komt eenmaal per week bij ons werken. Zij kan helpen bij de afwas of schoonmaak, maar ze neemt toch vooral taken voor haar rekening die niet dagelijks gedaan moeten worden. Ik denk aan onkruid wieden rond het gebouw, de tafels in de eetzaal schuren – dat gebeurt eenmaal per week – of de matrassen verluchten.”

In de jeugdherberg wil Bram met slechts één werkgestrafte per keer werken. “Omdat ik die persoon van nabij wil opvolgen. Zo kan ik zien of hij of zij goed werk aflevert, maar kan ik ook eens met hem of haar een babbeltje slaan. Een ander voordeel hierbij is dat ik meteen zie of de werkgestrafte niet té veel wil doen. Velen werken overdag halftijds of voltijds en komen na hun werk of in het weekend naar de jeugdherberg. Ze beginnen met goede moed, maar voor sommigen wordt het plots wel te veel. Dan kunnen we ingrijpen en de werkstraf wat meer spreiden, al moeten we wel rekening houden met de tijd: de werkstraf moet altijd binnen een bepaalde periode uitgevoerd zijn.”

twee kansen

Intussen is Bram Rouges ervaringsdeskundige als het om werken met werkgestraften gaat. Hij kan dus inschatten of de meesten van hen hun werk goed doen. “Met drie op vier personen met een werkstraf heb je geen problemen, want zij voeren hun werkstraf correct uit. Maar er zijn er natuurlijk ook die nonchalant of onrespectvol zijn. Ik geef hen altijd een tweede kans, maar als het daarna fout loopt, wordt de samenwerking stopgezet. Gelukkig heb ik dat nog maar zelden meegemaakt.”

Werkstraf Stal13

In Sociale Opknapperij Stal13 werken ook personen die een werkstraf opliepen. In 2015 werden er 2 genoteerd, 1 in 2016 en 2 in 2017. “De sterkte van ons atelier is de grote laagdrempeligheid en de flexibiliteit. Mensen die zich met een werkstraf aanmelden, krijgen bij ons een kans om zich opnieuw te integreren. Zo zijn ze na hun werkstraf, die soms enige tijd kan duren, terug in orde en klaar om opnieuw deel te nemen aan de reguliere maatschappij”, zegt Stefanie De Waele als trajectbegeleider, afgevaardigd door het OCMW. “Ze kunnen werken in een aangename werksfeer, ze krijgen de kans om nieuwe vaardigheden aan te leren, hun attitudes bij te schaven en bovendien werken ze aan een concreet zichtbaar eindresultaat. Mensen die bij ons worden aangemeld moeten ook geen ‘stiel’ kennen. Ik maak tijd om hen stap voor stap vaardigheden bij te brengen. Wat wij verwachten is dat ze opnieuw ‘goesting’ hebben om die kans met beide handen te grijpen. Kortom iedereen is welkom, ondanks hun situatie”, zegt chef d’atelier Peter Vermeulen. “Wij gaan met hen op pad en hopen dat ze na hun werkstraf terug ‘op de rails’ geraken. Ook het werken met een kleine groep mensen is een meerwaarde, zodat ik hen optimaal kan opvolgen en bijsturen waar nodig.” (PVH)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.