Tijdens de oefening trainen de "Very Shallow Water" (VSW) en "explosive ordnance disposal" (EOD) -teams uit Nederland, Frankrijk en Duitsland de procedures die in werkelijkheid worden uitgevoerd als ze op zoek moeten naar springtuigen. Vanzelfsprekend worden tijdens de oefening namaakspringtuigen gebruikt. Beide teams zoeken de bodem en kaaimuren af naar springtuigen. Ze lokaliseren de springtuigen met behulp van onbemande systemen.
...

Tijdens de oefening trainen de "Very Shallow Water" (VSW) en "explosive ordnance disposal" (EOD) -teams uit Nederland, Frankrijk en Duitsland de procedures die in werkelijkheid worden uitgevoerd als ze op zoek moeten naar springtuigen. Vanzelfsprekend worden tijdens de oefening namaakspringtuigen gebruikt. Beide teams zoeken de bodem en kaaimuren af naar springtuigen. Ze lokaliseren de springtuigen met behulp van onbemande systemen.Na analyse van de beelden van deze onbemande systemen worden de voorwerpen die vermoedelijk een springtuig zijn, met behulp van duikers geïdentificeerd. Als blijkt dat het contact een explosief is, ook indien het een reëel explosief zou blijken te zij, wordt het onschadelijk gemaakt. Tijdens de oefening wordt er ook aandacht besteed aan verdachte objecten in de nabijheid van de oefenzones die dan eveneens via een voorziene procedure worden geneutraliseerd. "De oefening werd vroeger op zee gehouden, is een tijdje geschrapt wegens besparingen, maar werd in 2018 weer opgestart en vindt afwisselend in België en Nederland plaats", zegt commandant Filip Clauwaert van de mijnenbestrijdingsdienst van de Belgische Marine in Zeebrugge. "Het is de eerste keer dat we naar de achterhaven van Oostende komen, maar dat zal in de toekomst meer gebeuren.""Aan dit eerste deel van Sandy Coast nemen 84 militairen deel. De staf telt 18 mensen uit België en Nederland, maar ook een Griekse en een Italiaanse officier. Verder nemen 24 Nederlanders, 14 Duitsers en 28 Fransen deel, telkens met hun schepen en materialen", aldus Filip Clauwaert. "Vanaf dit weekend start een tweede luik van de oefening, waarbij we mijnen zullen bestrijden op zee. Dat gebeurt vanuit Zeebrugge. Een twaalftal landen nemen daaraan deel.""De Belgische kust is één van de moeilijkste ter wereld voor mijnenbestrijding en daarom een goede locatie voor een oefening. De zichtbaarheid is moeilijk, er is veel trafiek, er zijn wandelende zandbanken, je hebt veel slijk op de bodem... Allemaal factoren die het er niet makkelijker op maken. De oefening vindt plaats in het Vlotdok, het Houtdok en het Zwaaidok op Plassendale, ter hoogte van de scheepswerf IDP.""Naast het uitkammen van deze dokken zijn er ook scenario's die we ensceneren, zoals het onschadelijk maken van springtuigen op een verdachte boot en het omgaan met een drijvende mijn", vertelt commandant Clauwaert. "Deze oefeningen zijn belangrijker geworden door de terreurdreiging van de laatste jaren. We voeren zo'n opdrachten ook in de realiteit uit, normaal op vraag van andere landen.""Als de Verenigde Staten bijvoorbeeld een schip met troepen naar Antwerpen sturen, vragen ze ons om het dok en de kade eerst te onderzoeken op de aanwezigheid van explosieven. In andere landen is de dreiging wel groter dan hier, maar het moet maar één keer gebeuren natuurlijk. Ook de economische schade van springtuigen in een haven kan groot zijn. Beter voorkomen dan genezen. Omgekeerd vragen wij ook soms aan een buitenlandse marine om in een haven naar springtuigen te zoeken. Dat gebeurt niet zo heel vaak, maar toch regelmatig."In de marge van de oefening Sandy Coast 2020 raakte bekend dat Oostende in de toekomst weer een belangrijker marinestad wordt, met de komst van de Navy Academy en een gloednieuwe dronefabriek. Tijdens de zoektocht naar explosieven werd ook een aanhangwagen gevonden, die de militairen er bij wijze van dienst aan de gemeenschap naar boven haalden.