Dat Verstraete politieagent zou worden, wist hij vooraf nog niet. "Mijn tweelingbroer droomde van een job bij de politie en ik ben hem gewoon gevolgd. Tijdens de opleiding besefte ik dat ik mijn roeping gevonden had. Ik wilde mensen helpen en dat is ook van meet af aan de drijfveer geweest in mijn job. Boetes uitschrijven en mensen de duivel aandoen interesseerden me minder. Mensen helpen door bijvoorbeeld hun gestolen voorwerpen terug te vinden, daarom wilde ik bij de rijkswacht."
...

Dat Verstraete politieagent zou worden, wist hij vooraf nog niet. "Mijn tweelingbroer droomde van een job bij de politie en ik ben hem gewoon gevolgd. Tijdens de opleiding besefte ik dat ik mijn roeping gevonden had. Ik wilde mensen helpen en dat is ook van meet af aan de drijfveer geweest in mijn job. Boetes uitschrijven en mensen de duivel aandoen interesseerden me minder. Mensen helpen door bijvoorbeeld hun gestolen voorwerpen terug te vinden, daarom wilde ik bij de rijkswacht."Na zijn opleiding mocht Verstraete in 1980 starten bij de rijkswacht in Gent. "Toen werkte ik als ordehandhaver en gaf ik versterking bij betogingen of in voetbalstadions. Daarnaast werkte ik ook als bewakingsagent bij correctionele en assisenzittingen. Daar leerde ik ook mijn liefde voor het gerechtelijk werk kennen.""Na acht jaar in Gent, heb ik nog vier jaar in Drongen gewerkt voor ik in 1992 in Knokke-Heist begon. Daar ben ik van het lokale brigadewerk overgestapt naar een onderzoekscel die een aanvulling was op de BOB (Bewakings- en Opsporingsbrigade, red.). In die onderzoekscel behandelden we vooral lokale gerechtszaken waarvoor de BOB geen tijd had. De focus lag op autocriminaliteit, terwijl de gemeentepolitie de woninginbraken aanpakte."Na enkele jaren maakte Verstraete promotie en werd hij chef van zijn onderzoekscel. "Vanaf dan zorgde ik voor een betere samenwerking tussen de verschillende diensten, nog voor de politiehervorming in 2001. Ik zei tegen mijn baas: een gebouw met rechts de rijkswacht en links de politie, dat werkt niet. Om de diensten echt te integreren, moet je ze laten samenwerken. Vanaf het begin verliep die samenwerking goed."Tijdens zijn carrière stelde Verstraete ook vast hoe de job van agent evolueerde. "Gaandeweg werd het werk veel technischer. Ik heb de computers nog hun intrede zien doen bij de brigade en later kwamen ook de gsm en het internet. Daardoor kwam er heel wat digitale bagage bij. Voor wie niet onmiddellijk mee was in dat verhaal, werd het werk complexer en moeilijker. Ik had dat gelukkig wel snel in de vingers. Door zelfstudie kan ik nu met Word, Excel, Powerpoint en Access werken."Net als de meeste agenten heeft Verstraete doorheen de jaren de nodige lessen getrokken. "Vroeger zei ik al eens dat iets niet mogelijk was nog voor ik het had onderzocht. Op het einde van mijn carrière wist ik dat alles mogelijk is en dat je met alles rekening moet houden. Je eerste verdachte is ook niet altijd degene die de misdaad gepleegd heeft. Daarom ook deze raad aan jonge agenten: Houd een open vizier en zorg dat je door elementen in het dossier de schuld van de dader kan aantonen." (Matthew Pyck)