Een buiige zondagmiddag, 14 uur. In sporthal Jonkhove zoemen de radiogestuurde vliegtuigjes behendig door de zaal, in de bar hogerop worden techniek en clubverhalen van weleer opgedist. De grotere toestellen blijven dit vliegseizoen noodgedwongen op stal. De piloten van modelvliegclub Golden Wings hadden twintig jaar hun vaste stek op een privéterrein tussen de velden even buiten Zedelgem dorp. De club kon er van de landbouwer-eigenaar nog meer dan één jaar blijven, tot op lange termijn een vertrek de beste optie leek.
...

Een buiige zondagmiddag, 14 uur. In sporthal Jonkhove zoemen de radiogestuurde vliegtuigjes behendig door de zaal, in de bar hogerop worden techniek en clubverhalen van weleer opgedist. De grotere toestellen blijven dit vliegseizoen noodgedwongen op stal. De piloten van modelvliegclub Golden Wings hadden twintig jaar hun vaste stek op een privéterrein tussen de velden even buiten Zedelgem dorp. De club kon er van de landbouwer-eigenaar nog meer dan één jaar blijven, tot op lange termijn een vertrek de beste optie leek. De leden hadden er sinds 1999 een bescheiden kantine, vonden dichtbij parkeerplaats en energie om er ook letterlijk hun batterijen op te laden. Om tegemoet te komen aan mogelijke geluidsoverlast, laten de vliegeniers er al een tiental jaar hun modellen met brandstofmotoren achterwege en schakelden ze over naar volledig elektrisch aangedreven modellen. Een opdoffer om hun vertrouwde stek te moeten laten varen. Maar de gemeente Zedelgem schoot te hulp."Het is even behelpen, maar we zijn het gemeentebestuur oprecht dankbaar dat we een tijdelijk onderkomen aangeboden kregen. Met de bevoegde schepenen Arnold Naessens en Dirk Verhaeghe zitten we ook op dezelfde golflengte omtrent wat, als de vereiste papierberg meezit, normaal ons nieuw vliegterrein moet worden. Ook met de landbouwer in de buurt heerst er een goede verstandhouding", onderstreept voorzitter Jan Verbeke. "De locatie maakt deel uit van het recreatiegebied tussen de voetbalvelden van KVV Aartrijke en de oefenterreinen van hondenschool Hond en Vriend. Het veld meet er 80 bij 80 meter, met een kortgemaaid kruis in het midden om te kunnen opstijgen en landen in de vier windrichtingen. Ons doel is om er opnieuw zowel tijdens weekdagen als weekends te kunnen vliegen. Had corona geen roet in het eten gegooid, dan konden we er wellicht al vier maanden proefvliegen. De nodige vergunningen vragen uiteraard hun tijd, maar we hebben geduld en hebben er op juridisch vlak een goed oog in."Golden Wings zag het levenslicht in 1966, toen de modelpiloten, even vrij als de tijdsgeest, vlogen waar ze toelating kregen in de omgeving rond Brugge. Dertig jaar lang stond hun clublokaal overeind in Koolkerke, door milieuwetgeving in beschermd poldergebied was een verhuizing richting Zedelgem aangewezen. Eresecretaris Gilbert Van den Berghe (84) is één van de twee de stichtende leden die zich nog levendig de hoogtijdagen in de jaren zeventig herinnert: de vliegshows waarop enkele duizenden bezoekers afkwamen en de kunstvluchtwedstrijden die hij in clubs tot diep in Wallonië jureerde. Waar een beginnende modelpiloot destijds nog met een bouwplan en een stapel balsahout een winter lang moest lijmen, is er vandaag de dag een waaier aan kant-en-klaar gebouwde toestellen beschikbaar. En merkwaardig genoeg blijft vooral de jeugd achterwege. Hét punt waar voorzitter Jan werk wil van maken, zeker sinds hij het ledenaantal van zijn club zowat zag halveren."Onze club, dat zijn de leden, dat is de jeugd", vat hij gebald samen. Hij pleit ervoor om de jeugd warm te maken voor de modelvliegsport, met onder meer initiatiedagen, fly-ins en samenwerking met scholen. "Wat jongeren in technische vakken op school leren, zoals mechanica en fysica, zien ze toegepast in de luchtvaart op schaal. Ze krijgen er misschien een vonk voor een studierichting. We kregen trouwens al geïnteresseerde leraren over de vloer. Meer jonge leden in onze club zouden van elkaar kunnen leren. Ook interprovinciale wedstrijden en samenwerking met de andere clubs die onze provincie rijk is, zouden ons vooruit kunnen helpen." Een visie die ook zweefpiloot Peter De Cock beaamt. In de Duitse zweefvliegclubs die hij bezoekt, is de jeugdwerking aanzienlijk meer uitgebouwd. Jonge modelpiloten bloeien er open en vinden er zelfs de weg naar beroepen als lijnpiloot en vliegtuigtechnicus.