Angelo Van Loo (35) is terug thuis na harttransplantatie: “Angelo 2.0 is hier, mijn tweede leven is begonnen”

Angelo, tussen zijn ouders Marinka Blomme en Peter Van Loo. “Zonder de steun van mijn familie en vrienden zou ik de afgelopen jaren mentaal nooit doorstaan hebben.” © Davy Coghe Davy Coghe
Stefan Vankerkhoven

Angelo Van Loo (35), de broer van gewezen profvoetballer Anthony, is thuis na een succesvolle harttransplantatie. Dit maakt een einde aan een jarenlange miserie. “De vele kaarsjes die mijn vrienden hebben geholpen. Vanaf nu kan ik twee verjaardagen vieren: naast 27 februari wordt 27 juli, de dag van mijn succesvolle hartoperatie, mijn tweede verjaardag.”

We zien Angelo Van Loo in het ouderlijk huis in de Wederikmees in Assebroek, bij Marinka Blomme en Peter Van Loo. We zitten op het terras, op veilige afstand van elkaar. Op doktersbevel mag er niemand dicht bij Angelo komen, uit vrees voor besmettingen. Een banale verkoudheid kan de revalidatie van deze hartpatiënt grote parten spelen. Angelo is sinds vorige week vrijdagavond terug thuis, na een verblijf van zestien dagen in het Leuvense Universitair Ziekenhuis Gasthuisberg. Daar kreeg hij eind juli een ruilhart ingeplant. Het is de start van een nieuw leven. “De Angelo 2.0 is gearriveerd, mijn tweede leven is begonnen! Naast 27 februari wordt 27 juli, de dag van mijn succesvolle hartoperatie, mijn tweede verjaardag”, lacht hij.

Bevrijdend telefoontje

De harttransplantatie was hoognodig. “Het was kantje boord, ja. Ik stond al twee jaar en vijf maanden op een wachtlijst voor een ruilhart, maar mijn nieren begonnen te falen door de vele hartmedicatie. Het jarenlang nemen van bloedverdunners en vochtafdrijvers begon zijn tol te eisen. Op vraag van topdokter Pedro Brugada, de cardioloog die mij nauwgezet volgde, werd ik op de urgentielijst voor een harttransplantatie gezet. Op 27 juli kreeg ik een bevrijdend telefoontje. Ik was enkele oefeningen in het AZ Sint-Lucas aan het doen, ‘s morgens had ik nog iets gedronken in een beachbar – het enige dat ik nog mocht én kon. Kun je zo snel mogelijk in Gasthuisberg zijn? We hebben een donor voor u, luidde de boodschap. Onderweg heb ik een berichtje gepost op Instagram. Pas na mijn operatie zag ik hoeveel mensen mij hun steun betuigd hadden. En hoeveel vrienden voor mij een kaarsje gebrand hebben! Zo dankbaar!”

Perfecte match

Eenmaal in het ziekenhuis moest Angelo wachten tot 21.30 uur om onder het mes te gaan. “Na het transport van het ruilhart moesten er nog wat testen op uitgevoerd worden, om zeker te zijn dat het voor mij geschikt was. Ik weet niet van wie het hart is. Het is een Belg, maar meer weet ik niet. Ik heb de leeftijd van mijn donor gevraagd, maar de prof wou dat niet verklappen. Hij zei wel dat het een perfecte match is, dus vermoedelijk is het iemand die ongeveer even oud is als ik.”

Angelo na de harttransplantatie: “De eerste dagen voelde ik mijn nieuwe hart bonken in mijn borstkas én in mijn hoofd. Ik kon de hartslagen meetellen.” (foto Instagram @angievanloo)
Angelo na de harttransplantatie: “De eerste dagen voelde ik mijn nieuwe hart bonken in mijn borstkas én in mijn hoofd. Ik kon de hartslagen meetellen.” (foto Instagram @angievanloo)

“De operatie nam ‘slechts’ vijf uur in beslag. Ik werd pas de daarop volgende namiddag wakker op intensieve zorgen. Pijn voelde ik niet, blijkbaar kreeg ik veel verdoving. Pas de achtste dag na de operatie begon ik af te zien. Elke beweging deed pijn aan mijn borst. Ik voelde mijn nieuwe hart bonken in mijn borstkas én in mijn hoofd. Ik kon de hartslagen meetellen. Slapen lukte niet, ik kreeg hoofdpijn en moest herhaaldelijk braken…”

Elke dag ging het wat beter en Angelo mocht vroeger dan voorzien het ziekenhuis verlaten. “Mijn donorhart slaat momenteel wel nog altijd 103 slagen per minuut, maar dat ritme zal binnenkort wel naar beneden gaan. Deze week kreeg ik mijn derde biopsie in Leuven. Via de hals steken ze dan een katheder naar mijn hart, waar een klein stukje weefsel afgeschraapt wordt. Voor onderzoek, om na te gaan of mijn lichaam mijn nieuw hart niet afstoot. Per jaar zal ik elf biopsies moeten ondergaan.”

Vrijgezel

Dankzij dit ruilhart komt er voor Angelo – de broer van gewezen beroepsvoetballer Anthony Van Loo – een einde aan jaren van miserie. “Zonder de steun van mijn familie en vrienden zou ik die periode mentaal nooit doorstaan hebben. Wegens hartritmestoornissen kreeg ik op mijn achttiende een defibrillator ingeplant en moest ik stoppen met voetballen. Na elf jaar bij Decathlon in Brugge, begon ik in 2019 te werken bij Mister Foot in Wevelgem. Daar werkt ook mijn broer Anthony. Maar ik ben er twee keer onwel geworden. Plots werd het donker voor mijn ogen en moest ik plat op de grond gaan liggen. Sinds begin februari 2020 stond ik op een wachtlijst voor een ruilhart en kon ik niet meer werken. De voorbije twee jaren ben ik doelbewust vrijgezel gebleven, ik wou niemand in mijn miserie meetrekken. Ik was zeer beperkt in wat ik nog mocht en kon doen. Ik heb de huur van mijn flat in Oostkamp opgezegd en ben weer bij mijn ouders in Assebroek gaan wonen.”

Trombose

Dat bleek zijn grote geluk. “Op een dag troffen mijn ouders mij bewusteloos in het toilet aan. Ik had een trombose gekregen. Een bloedklonter in het been. Mijn benen bewogen niet meer, ik moest snel geopereerd worden. Alleen in mijn flat zou ik dit nooit overleefd hebben. Het is een wonder dat ik er geen blijvende verlamming aan overgehouden heb, ik heb enkel wat krachtverlies in mijn rechterhand.”

Maar dat is allemaal verleden tijd. “Ik zie opnieuw een zonnige toekomst tegemoet, tenminste als mijn lichaam dat ruilhart niet afstoot. Waarvan ik nu droom? Reizen mag ik pas over een jaar. Dan wil ik naar Spanje, waar we zeer goede vrienden hebben, die ik als familie beschouw. Volgens de artsen zou ik over zes à acht maanden opnieuw volledig moeten functioneren. Dan kan ik opnieuw gaan werken en wat sporten. Stap voor stap wil ik vooruit gaan. Voorlopig moet ik nog achttien pillen per dag slikken.”

18 pillen per dag

“Wat ik vooral mis? De frietjes van ‘t Friethuisje in Oostkamp. Ik mag zes maanden geen fastfood verorberen. ‘t Zou mij ook niet smaken, want ik moet vier keer per dag mijn tanden poetsen en een mondspoelmiddel gebruiken, waardoor zelfs cola naar metaal smaakt. Zonnebaden wordt mij voor altijd verboden, wegens het gevaar op huidkanker. Ik zal bij zonneschijn altijd een klakske op moeten! Voorlopig mag ik ook geen wedstrijden van Club bijwonen, want ik moet drukke plaatsen vermijden. Daar loop ik meer kans op een banale besmetting op, wat gevaarlijk kan zijn, omdat ik nog verzwakt ben. Een levenslang verbod op pompelmoezen, bloedsinaasappelen en zelfs schepijs vind ik minder erg.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.