Een weekdag ergens in de vooravond in de Izegemstraat op Heule Watermolen. Twee heren met koersfiets en volledig uitgedost in een rood-zwart koerspakje nemen afscheid van elkaar. De ene, de Joeri, stapt binnen langs de poort van zijn groentewinkel, De Smaak, de andere, Gerd Couckhuyt, stopt zijn Eddy Merckx-fiets in zijn Mercedes-bestelwagen en, jawel, hij wil nog wel even praten. Wanneer hij een halfuurtje later wegrijdt, hebben we een heel ander beeld van die wielertoerist. Gerd blijkt een gevierd interieurvormgever en productdesigner te zijn, selfmade-man, altijd op zoek naar iets nieuws. In zijn privéleven zoekt hij iemand nieuw: een vrouw die hem het kind kan schenken van wie hij al zolang droomt.

Het begint met een kennismaking. Hij vertelt dat hij een ingeweken Izegemnaar is, op Walle woont en zijn kantoor in de Loofstraat heeft. Hij is bezig met design. "En dat is heel breed", legt hij uit. "Dat gaat vooral over lifestyleproducten: stoelen, tafels, verlichting, noem maar op. We doen ook interieur. Ik heb onlangs zelfs een gebouw ontworpen." Daar staat hij dan, in zijn koerspakje. 124 km heeft hij zich net uit de naad gefietst. Wanneer een man in zo'n plunje staat, verwacht je niet meteen dat hij iemand kan zijn die onze levens mee vormgeeft.

Van zo iemand wil je natuurlijk meteen weten wat hij gedaan heeft om te worden wie hij is. "Goh, eigenlijk heb ik alles in avondschool gedaan", zegt hij. "Op school heb ik mechanica gestudeerd. Later, bij mijn eerste job, bij Bekaert Engineering, heb ik ook een opleiding gekregen als elektricien. Ik was 25 toen mijn toenmalige vrouw in Meulebeke begon met een gordijnenzaak. Ze volgde toen een avondcursus interieurvormgeving en aangezien ik haar wat hielp in de zaak, begon ik me gaandeweg ook te interesseren voor die cursus en uiteindelijk schreef ik me ook in. Maar omdat er ook nogal wat teken- en schetswerk aan te pas kwam, leek het me geen slecht idee om ook naar de academie te gaan."

De juiste verhoudingen

"Het eerste jaar, ik weet dat nog goed, waren mijn tekeningen precies als van een kind. Het tweede jaar kon ik al een klein beetje tekenen en geraakte ik echt gebeten door de kunst en alles wat met interieur te maken had. Ik heb uiteindelijk vijf jaar teken- en schilderkunst gedaan en daarna nog eens vijf jaar beeldhouwkunst. En tegelijk heb ik nog eens lessen verlichtingsconsulent gevolgd, alles in avondschool. Eigenlijk, diep van binnen, heb ik altijd zelf willen creëren en dingen maken. Tot mijn 25ste besefte ik dat niet van mezelf. Het is eigenlijk door zelf te tekenen, door van alles te zien op de academie dat ik een andere kijk op de dingen ontwikkelde, dat ik alles anders ging aanpakken. Ik zag een stoel en ik zei: 'Ik zou die verhoudingen anders maken. De stoel moet lager zijn, wat breder' of 'wat smaller'. Ik begon dingen te zien die ik anders niet zag, precies omdat ik hele dagen zat te tekenen en een beter gevoel kreeg voor de juiste verhoudingen. Op de duur heb je een heel andere kijk op producten en design. "

Geen grijze haren

In 1999 begon Gerd Couckhuyt in bijberoep als interieurvormgever te werken. Hij nam het ouderlijk huis van een vriend onder handen en ontwierp zelfs lichtschakelaars en een tafel om erin te plaatsen. "Bij ieder project ging ik mijn grenzen verleggen. Ik begon horecazaken in te richten, de Stradivarius en de Blauwe Hoeve in Kortrijk, de Be-Inn aan het Waggelwater in Brugge, en de Zuri, een dancing in Knokke, die ik in 2007 helemaal in het wit zette. De verlichting die ik daarvoor ontwierp, kwam in de collectie van Modular terecht en vanaf toen ging ik me meer en meer met productdesign bezighouden." Met zijn firma Bhoom ging hij ontwerpen voor merken als ImagiLights, Manutti, Durlet, MiaCara en begon ook de prijzen in binnen- en buitenland op te stapelen.

En dat allemaal voor een selfmade man. "Ja, heel leuk dat het lukt", lacht hij. Om er meteen op te wijzen dat hij nog lang niet op zijn bestemming is. "We blijven dromen, hé. We zijn creatievelingen. Eigenlijk wil je vooral nooit stilstaan. Je wil altijd je grenzen verleggen."

Vallen en opstaan

Hij kijkt om naar zijn fiets en zegt: "Als coureur heb ik dat minder. Het is een beetje lastiger." Hij fietst met de Ramongs, een clubje wielertoeristen uit Heule waarmee hij er in de weekends op uittrekt. "We zijn met een man of 45. Een leuke bende, maar mijn maat en ik moeten een beetje bijtrainen om mee kunnen. Want ze halen gemakkelijk gemiddelden van 30 km en meer. En wij verjongen er niet op," zegt hij met enige zelfspot.

Hij blijkt 49 te zijn. Hoewel je hem even goed begin de dertig kunt schatten. Van grijze haren nog geen spoor. "Nee, dat zijn de genen. Mijn pa heeft ook nooit grijze haren gehad. En mijn ma heeft er ook nog bijna geen. En ze is in de zeventig. Dus."

En zo zijn we bij zijn privéleven aanbeland. Gerd is alleen. "Ja, ik ben opnieuw single. Begin dit jaar is mijn relatie stukgelopen. Niet altijd gemakkelijk, maar ik probeer er het beste van te maken. Het leven is vallen en opstaan. Ik ben al een paar keer gevallen en ik heb me altijd weer rechtgetrokken. Het verlies van mijn vader was niet makkelijk", zegt hij. En hij slikt de krop in zijn keel door en kijkt even weg. "Ik heb hem verloren aan kanker. Financieel heb ik ook moeilijke tijden meegemaakt. Doordat je in faillissementen verwikkeld geraakt waar je niets mee te maken hebt. Meer er is maar één weg, en dat is de weg die voor je ligt. Je moet vooruit. Ik ben gelukkig, blij dat ik leef en dat ik de dingen doe die ik graag doe."

Designhotel

Dromen zijn er ook nog in overvloed. "Ik heb heel veel dromen, veel fantasieën ook, dat is eigen aan het beestje, als je een creatief beroep uitoefent. Op professioneel vlak wil ik nog grote uitdagingen aangaan. Ik heb voor het eerst zelf een gebouw ontworpen voor de firma Goddeeris in Roeselare, Ovenhoek 26. Een gebouw met veel kantoren waarin alles wat erin staat op maat gemaakt is. Maar ik zou graag eens een designhotel ontwerpen. En op privévlak droom ik ervan om ooit eens een kindje te krijgen. Of meerdere. Ik heb altijd kinderen gewild. Maar dat is er nooit van gekomen. En die droom blijft. Want ik voel me goed. Ik moet toch nog vele jaren werken. In onze stiel ga je nooit met pensioen. En ik ben nog fit en in conditie. Dus ik hoop nog een vrouw te vinden die jong genoeg is om een gezin met mij te stichten. In afwachting krijg ik veel liefde van mijn hond. Een tricolore border-colli. Een superbraaf dier. De mensen zien hem en zeggen: 'Maar dat is een brave hond.' En dan zeg ik: 'Helemaal zijn baas.' En als ze zeggen: 'Het is een mooie hond', dan zeg ik ook: 'Helemaal zijn baas.'" Hij schiet in de lach en zegt: "Dat laatste meen ik niet, hoor."