De liefhebbers van historische optische toestellen komen om de twee jaar samen. Om de vier jaar in Europa, de andere edities van de wereldconferentie vinden plaats in Azië of Amerika. Voor de allereerste keer treffen de BHS-leden elkaar in België. Dat Oostende de plaats van afspraak is, heeft veel te maken met Francis Vermeire. De garagehouder en taxibedrijfuitbater is al sinds zijn jeugd verzot op historische verrekijkers. Vandaag telt zijn collectie ruim 600 stuks. Zijn verzamelruimte aan de Wellingtonstraat wordt tijdens de wereldconferentie omgetoverd tot Optical Weinstube. Nachtraven kunnen er bij een glas wijn tot in de late uurtjes doordrammen over hun fascinerende hobby.
...

De liefhebbers van historische optische toestellen komen om de twee jaar samen. Om de vier jaar in Europa, de andere edities van de wereldconferentie vinden plaats in Azië of Amerika. Voor de allereerste keer treffen de BHS-leden elkaar in België. Dat Oostende de plaats van afspraak is, heeft veel te maken met Francis Vermeire. De garagehouder en taxibedrijfuitbater is al sinds zijn jeugd verzot op historische verrekijkers. Vandaag telt zijn collectie ruim 600 stuks. Zijn verzamelruimte aan de Wellingtonstraat wordt tijdens de wereldconferentie omgetoverd tot Optical Weinstube. Nachtraven kunnen er bij een glas wijn tot in de late uurtjes doordrammen over hun fascinerende hobby. "Mijn vader verzamelde microscopen", vertelt Francis. "En ik ben er toch ook al een dikke 40 jaar mee bezig. Mijn eerste verrekijker was die van mijn overgrootvader Victor Vermeire, een oud-strijder van de Eerste Wereldoorlog. Die verrekijker behoorde tot zijn uitrusting aan het front. Het is het laatste wat hier weggaat. Ook al verzamel ik vooral verrekijkers, ik bezit ook een theaterkijker die in 1870 in Oostende werd gemaakt door Victor Burvenich in de Rogierlaan. Leuk, omdat er duidelijk op staat dat het stuk uit Oostende komt.""De oudste exemplaren in mijn collectie dateren van 1905-1910. Het is het begin van de binoculaire verrekijker,, met voor elk oog een aparte kijker. Daarvoor had je de monoculair, de kijker waar je met één oog door kon turen. Zo eentje die je aan zeerovers doet denken", aldus Francis, die prompt ook zo'n kijker bovenhaalt. "Ik heb ook een passie voor het restaureren van oude toestellen. In één avondje kan ik een kijker restaureren. En dan is die weer zo goed als nieuw."De hoofdbrok van de verzameling van Francis bestaat uit 10 x 80-verrekijkers. Dat zijn uit de kluiten gewassen kijkers, die meestal op een statief worden gezet. Francis heeft liefst 450 exemplaren, meteen de grootste collectie ter wereld. "Het Duitse leger schreef in de jaren dertig een wedstrijd uit voor het maken van een grote verrekijker voor observaties en het richten van de kanonnen", weet Francis. "De Duitse firma Busch won die wedstrijd, maar kon de productie niet alleen aan. Daarom werd de opdracht verspreid over zes fabrikanten: Duitse, Poolse en Nederlandse.""Hoe ik de 10 x 80-kijkers leerde kennen? Als klein jongetje mocht ik mee naar de airshows van Oostende en Wevelgem met Priem, de uitbater van een soort souvenirwinkeltje in de Kapellestraat. Hij had eens een heel lot van die verrekijkers gekocht. Hij restaureerde ze en herschilderde ze lichtgroen. Die kijkers werden langs heel onze kust verkocht en vind je nu nog hier en daar", klinkt het. Een trigger voor mij was ook dat je geen literatuur vond over die kijkers. Maar dankzij het internettijdperk is er nu veel meer informatie beschikbaar. Ik schreef, samen met dr. Peter De Laet, ook zelf een boek over mijn favoriete verrekijker", zegt Francis trots."Van die 10 x 80-verrekijkers zijn er zo'n 80.000 gemaakt. Voor militair gebruik, maar ze zijn ook elders verkocht. Ze zijn erg geschikt om vogels te spotten, of als sterrenkijker. Met een gezichtsveld van 131 graden benadert het zicht door deze kijker het menselijk oog. Het lijkt alsof je zelf heel dicht staat bij het object, maar toch de hele constellatie kan bekijken. De Grote Beer kan je bijvoorbeeld in zijn geheel zien. Deze kijkers werden gemaakt tussen 1935 en 1944. Maar ze zijn nog altijd bij de betere.""Voor een leek zien al die kijkers er misschien hetzelfde uit", zegt Francis luidop wat wij in stilte denken. "Maar voor een verzamelaar zit er een hele geschiedenis achter. Tijdens de Tweede Wereldoorlog besliste het Duitse ubercommando bijvoorbeeld alle 10 x 80-kijkers die voor het buitenland bestemd te confisceren. Maar er blijken in Zweden toestellen nooit te zijn aangekomen, terwijl ze ook niet geconfisceerd zijn. En er bestaan exemplaren waarvan de originele merknaam is afgeschraapt en er weer een Duitse merknaam opstaat... Zo probeer je het hele verhaal samen te stellen."Nieuwe verrekijkers interesseren Francis minder. "De kwaliteit is niet goed genoeg in verhouding tot de prijs", legt hij uit. "Eigenlijk zijn verrekijkers de laatste decennia niet meer echt verbeterd. Vanaf 1943-1944 kregen de lenzen een coating, een extra laagje met een product dat het licht beter binnen moet houden. Maar sindsdien zijn de lenzen verkleind. De beste verrekijkers zijn deze die ontworpen werden zonder coatinglaag, maar er achteraf toch een kregen. Die combineren het beste van twee werelden: een grote lichtinval door de grote lenzen èn nog eens versterkt door de coating." "De vrienden met wie ik de wereldconferentie organiseer, leerde ik toevallig kennen na een militariabeurs in Ursel zo'n 20 jaar geleden. Ik zag er een autokoffer open staan, met daarin vijf interessante verrekijkers. Met die mensen moet ik eens babbelen, dacht ik. En zo is ons internationale gezelschap ontstaan. We zijn met zeven: vijf Belgen, een Nederlander en een Deen. Of ik mijn verrekijkers ook gebruik? Ja hoor, om naar de sterren te kijken. Maar ik heb altijd een verrekijker bij. Om ver te kijken hé (knipoogt)."