Filip Decruynaere tekent de verhalen op van zijn buren: “Ik heb van mijn werk mijn hobby kunnen maken”

Filip Decruynaere is al jaren beroepshalve copywriter. In zijn vrije tijd schrijft hij verhalen voor de Facebookpagina van Wij(k) van de Parken: “Schrijven is gewoon wat ik het liefst doe.” © Kurt De Schuytener
Kurt Vandemaele
Kurt Vandemaele Reporter

Je staat er niet bij stil als je vanuit het centrum onder de spoorwegtunnel doorrijdt en iets verder naar links afslaat: in die buurt liggen er vijf parken. De initiatiefnemers van negen verschillende straat-, park- en wijkfeesten bundelden de krachten en verenigden zich onder de noemer ‘Wij(k) van de Parken’. Op hun Facebookpagina lees je mooie, menselijke verhalen over de heel diverse figuren die er wonen. Meer dan een derde van die verhalen zijn van Filip Decruynaere.

Filip is vader van drie volwassen dochters. Zijn vrouw is net gaan wandelen met de hond. Ooit was hij journalist, nu is hij al jaren copywriter. Hij is iemand die mensen hun verhaal laat vertellen. En wij wilden ook wel eens zijn verhaal horen. Hij heeft een gevuld boekenrek en leest graag. Schrijven doet hij mogelijk nog liever.

“Ik ben destijds begonnen als journalist, schreef voor Het Volk en ook voor de Weekbode”, verklapt hij ons. “Maar nu heb ik al jaren een eigen communicatiebureau, zorgcommunicatie.be, enkel en alleen voor de zorg- en welzijnssector.”

“Ik geef opleidingen over interne en externe communicatie, ik doe heel veel copywritingwerk voor een aantal magazines van ziekenhuizen, woon-zorgcentra, gehandicaptenvoorzieningen en psychiatrische instellingen. Ik schrijf communicatieplannen, geef advies en ik ben ook ghostwriter. Onder meer voor Jo Vandeurzen en voor de zorgambassadeur, Lon Holtzer, heb ik nog boeken geschreven.”

Iedereen zijn verhaal

Beroepsmatig hele dagen schrijven en als ontspanning dan weer eens schrijven. Sommigen zouden van een afwijking gewagen.

“Het is gewoon wat ik het liefst doe,” gniffelt Filip. Zijn hobbyprojectje is gekoppeld aan de buurtwerking van Wij(k) van de Parken. “Ik ben weinig betrokken bij de activiteiten van de buurtcomités. Maar ik volg al jaren de Facebookpagina ‘Humans of New York’ en ik stelde voor om ook zoiets te doen voor de buurt.”

“Eigenlijk was ik al langer van plan om dat zelf te doen, maar het kwam er maar niet van. Ik ben blij dat het nu echt een project is van de buurtwerking. De foto’s zijn trouwens even belangrijk als de teksten. We hebben echt wel geluk met zulke goeie fotografen. Vier, vijf mensen zorgen voor de teksten. En er zijn nog meer schrijvers welkom.”

“Het idee is om het verhaal te brengen van mensen uit de buurt. Eigenlijk kan om het even wie aan bod komen. Zolang dat met respect gebeurt. We dulden geen polarisering en een andere voorwaarde is dat de mensen op de foto moeten willen.”

Door de buurtprojectjes is hier iets gegroeid dat er vroeger niet was

“In een stad is anonimiteit soms een voordeel, maar ze kan ook een nadeel zijn. Bepaalde mensen herken je, maar je hebt er nog nooit mee gepraat. Het komt dan ook goed uit dat je een reden hebt om een gesprek te aan knopen. Misschien een rare vergelijking, maar het is juist alsof je een hond hebt. Als je met een hond gaat wandelen, gaan mensen je vlugger aanspreken. En wie zo’n verhaal leest, heeft meteen een opener, een aanleiding om ook een praatje te slaan.

Open gesprekken

“Het zijn geen spectaculaire verhalen. Dat hoeft ook niet. Een van de wijken hier heeft een eigen buurtkrantje, ‘De dubbele haagjes’ (red. nu Buurtblad Wij(k) De Parken, voor de hele wijk). Daar lees je over mensen die iets gepresteerd hebben. Maar je moet heus niet uit een vliegtuig gesprongen hebben om op de pagina van ‘Wij(k) van de Parken’ aan het woord te komen. Het zijn open gesprekken. Het kan over om het even wat gaan.”

“Je merkt dat iedereen zijn verhaal heeft. Er zit in ieder mens iets waarmee je je kan identificeren. Het zijn altijd toffe babbels. Ook voor mijn job voer ik dergelijke gesprekken. Maar ik doe mijn beroep zodanig graag, dat ik van mijn werk mijn hobby heb gemaakt. Meestal is het omgekeerd.”

De Parkwijken worden eigenlijk van het centrum gescheiden door de spoorlijn die van het station richting Gent loopt. Filip is opgegroeid aan de andere kant van die spoorlijn. “In de Wijngaardstraat, in een bakkerij. Dus ik ben echt van het centrum.”

“Toen we hier in 1989 kwamen wonen, was dit hier voor mij ook een nieuwe buurt. Nu is hij in sommige opzichten nog nieuw: er zijn veel nieuwkomers, het is een heel diverse buurt geworden. Het zalige is dat ik door dit project de kans krijg om sommige van die mensen te leren kennen, terwijl ik er anders misschien nooit een woord mee zou wisselen. Ze hoeven daarom niet mijn beste vrienden te worden, maar we zeggen elkaar nu wel goeiedag.”

Zelf woont Filip met zijn gezin in de Sint-Rochuslaan, die van het Volksplein naar Walle loopt. Een straat met prachtige bomenrijen en met heel veel studentenkoten. “Dat brengt soms wat rumoer teweeg, maar dat valt wel mee,” sust Filip.

“Het lastigste was toen we hier net kwamen wonen, in 1989. Toen dachten we echt: als dat zo blijft, gaan wij hier niet lang blijven. Maar intussen denk ik niet dat we hier nog weggaan. De aanwezigheid van de studenten heeft ook zijn charmes. En de straat zelf is mooi met die bomen. Hopelijk blijven ze nog wat staan. Die voor onze deur is onlangs gesneuveld. Hij was ziek. We hopen dat er een nieuwe komt. Het is hier goed. Je bent hier dicht bij alles, we hebben een mooie tuin en tal van parken in de buurt.”

Zelf komt Filip er ook wel eens. “We hebben een hond, met wie we vaak gaan wandelen in het park aan de Blauwe Hoeve. Andere parken leer ik kennen door de activiteiten die er plaatsvinden.”

De grote roerganger

“Zo kwam ik onlangs in het Pradopark. Eerlijk gezegd, dat kende ik ook niet echt goed. Het ligt wat verscholen. Er werd daar een paaseierenraap georganiseerd voor de kinderen. Echt wel tof om te zien dat zulke momenten de mensen samenbrengen. Dat is te danken aan Peter Deschamps. Hij is degene die zich over al die werkgroepjes ontfermt, de grote roerganger. Hij zorgt voor de samenhang in de buurt. Door zulke mensen en dergelijke buurtprojectjes is er iets gegroeid dat hier vroeger niet was.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.