Met 42 jaar dienst op de teller is Filip De Groote naar eigen zeggen de langst varende bootjesman bij dezelfde rederij in Brugge. In 1976 begon hij te varen als vakantiejob en in '78 kwam hij dan vast in dienst bij de rederij van de familie Michielssens. "Mijn vader was indertijd politiecommissaris hier in Brugge en kende nogal goed uitbater Maurice Michielssens. Zo ben ik dus kunnen beginnen. Ik moest eerst wel in de paasvakantie een korte opleiding volgen bij een van de ervaren bootjesmannen om het varen in de vingers te krijgen", vertelt Filip. "Maar dat ging al vlug behoorlijk vlot. Aanvankelijk voeren we nog met kleine bootjes voor dertien personen waarvan het roer, en dus ook de bootjesman, achteraan z...

Met 42 jaar dienst op de teller is Filip De Groote naar eigen zeggen de langst varende bootjesman bij dezelfde rederij in Brugge. In 1976 begon hij te varen als vakantiejob en in '78 kwam hij dan vast in dienst bij de rederij van de familie Michielssens. "Mijn vader was indertijd politiecommissaris hier in Brugge en kende nogal goed uitbater Maurice Michielssens. Zo ben ik dus kunnen beginnen. Ik moest eerst wel in de paasvakantie een korte opleiding volgen bij een van de ervaren bootjesmannen om het varen in de vingers te krijgen", vertelt Filip. "Maar dat ging al vlug behoorlijk vlot. Aanvankelijk voeren we nog met kleine bootjes voor dertien personen waarvan het roer, en dus ook de bootjesman, achteraan zat. Later gingen we over naar bootjes voor twintig personen en de laatste 20 à 25 jaar varen we met het huidige model boot voor zo'n dertig personen en met het stuurwiel vooraan. Ik heb overigens ook al met de nieuwste elektrische boten gevaren en dat is bijzonder aangenaam, vooral doordat ze veel minder lawaai produceren." Ernstige ongelukken is hij in al die jaren niet tegen gekomen op het water en Filip heeft er ook geen zien gebeuren. "Ik ben wel een keer in het water gevallen. In april 1980. Ik weet het nog goed, want het was bijzonder koud die dag. Ik had een zware regenjas en laarzen aan en was bezig na de werkdag de bootjes af te dekken met een zeil. Plots gleed ik uit en kwam in het water terecht met die zware kledij. Gelukkig waren er collega's bij die me al vlug op het droge trokken. Maar meer dan dat is er in al die jaren niet verkeerd gelopen." 42 jaar ononderbroken in dienst van dezelfde werkgever, het mag best wel opmerkelijk genoemd worden, maar Filip blijft er al bij al nuchter bij. "Ik ben wellicht wel de langst varende bootjesman bij dezelfde rederij, maar ik zie dat nu niet echt als een grote verdienste. Ik deed het werk gewoon graag en ben het blijven doen. Met de familie Michielssens, mijn werkgever, heb ik altijd een goede relatie gehad. Eerst met Maurice, later met Jos en kleinzoon Michiel wordt ook klaargestoomd om op termijn het roer van zijn vader over te nemen", stelt Maurice. "Wat er zo leuk was aan die job? Het feit dat je altijd buiten bent, is toch wel een voordeel. Ik ging niet kunnen aarden ergens achter een bureau'tje. En de werksfeer is altijd erg goed geweest. De laatste zeven à acht jaren is er wel meer verloop geweest onder de bootjesmannen. Maar lange tijd was het echt wel een goeie vaste kliek; we kwamen allemaal goed overeen en maakten veel plezier." Filip heeft in al die jaren ook het toerisme sterk zien veranderen. "Toen ik begin eind jaren '70 en ook nog in de jaren tachtig was het toerisme eigenlijk nog beperkt. Zoals ik al zei, vaarden we toen ook nog met kleinere bootjes maar die waren groot genoeg toen. In de jaren negentig begon het toerisme dan ook al sterk toe te nemen maar de grote doorbraak is er volgens mij gekomen in het jaar 2002, toen Brugge culturele hoofdstad van Europa was. Eerlijk gezegd: ik vond het wel aangenamer werken toen het iets minder druk was. De attitude van de toeristen lijkt ook gewijzigd. Vroeger waren ze blij dat ze mee mochten varen, nu is het alsof wij blij moeten zijn dat ze mee willen...", zegt Filip. "Of ik het zal missen? Ik heb het 42 jaar gedaan dus dat is lang genoeg he. Ik zal het niet echt missen, maar ik kijk er wel tevreden op terug. En als ze eens in nood zitten mogen ze me altijd wel bellen om in te springen. Misschien kom ik ook wel eens samen met mijn kleinkinderen als toerist mee varen... Dat lijkt me wel eens leuk" (lacht)