Thierry Robyns de Schneidauer (1929) was conservator van het Zwin van 1960 tot 1970. Als ornitholoog specialiseerde hij zich in de studie van watervogels. Hij realiseerde ook verschillende publicaties en talrijke wetenschappelijke bijdragen. Op zijn negentigste is de ereconservator nog altijd een spraakwaterval wanneer hij kan vertellen over zijn Zwin. "Het Zwin bestond niet zonder graaf Leon Lippens. Hij koesterde een liefde voor de natuur en had bijzondere ideeën over zijn natuurreservaat. Met drie grote vijvers van elk 10 meter diep en met in het midden broedeilanden voor vogels maakte hij van het Zwin iets speciaals", start de in Loppem geboren naturalist zijn verhaal. "Het kinderboek Nils Holgerssons wonderbare reis op de rug van een gans van Selma Lagerlöf deed op mijn tiende de vonk voor de natuur en vogels overslaan."
...

Thierry Robyns de Schneidauer (1929) was conservator van het Zwin van 1960 tot 1970. Als ornitholoog specialiseerde hij zich in de studie van watervogels. Hij realiseerde ook verschillende publicaties en talrijke wetenschappelijke bijdragen. Op zijn negentigste is de ereconservator nog altijd een spraakwaterval wanneer hij kan vertellen over zijn Zwin. "Het Zwin bestond niet zonder graaf Leon Lippens. Hij koesterde een liefde voor de natuur en had bijzondere ideeën over zijn natuurreservaat. Met drie grote vijvers van elk 10 meter diep en met in het midden broedeilanden voor vogels maakte hij van het Zwin iets speciaals", start de in Loppem geboren naturalist zijn verhaal. "Het kinderboek Nils Holgerssons wonderbare reis op de rug van een gans van Selma Lagerlöf deed op mijn tiende de vonk voor de natuur en vogels overslaan."Thierry Robyns is niet alleen een gedreven observator. Hij combineert zijn passie voor de natuur met teken- en schildertalent. "Van kindsbeen af maak ik tekeningen. Ik volgde schilderkunst in het Sint-Lucas Instituut in Brussel. Mijn interesse ging altijd naar het schilderen van vogels en planten", aldus Robyns die in 1950, op zijn 21ste, al tentoonstelde in galerij 'Ex Libris' in Brussel. Zelden zagen we iemand zo resoluut achter zijn doelen aangaan als onze gesprekspartner. Hij trok naar Engeland om stages te volgen bij kunstschilder, marine-officier, sportman en natuurbeschermer Peter Scott. "Toen ik terug van stage kwam, hing Leon Lippens aan de telefoon met de vraag of ik de allereerste conservator van het Zwin wilde worden. Het werden jaren vol glans en glorie. Ik verzorgde in het Zwin de eerste natuurwandelingen en ontwierp het allereerste logo: de bergeend. Ons logo groeide snel uit tot het symbool van het Zwin. Het meest fier ben ik op mijn contacten met het grote publiek. In het oude Zwin waren een aantal zaken immens populair: de koninklijke villa, de snackbar, het voederen van de vogels in de namiddag. De volières (vogelkooien) waren fantastisch dingen voor hun tijd. Ze hadden een pedagogisch functie. Kinderen konden er van dichtbij alles over vogels leren. Studenten van de universiteit van Gent en Luik kwamen naar het Zwin op stage. Wat veel bezoekers niet wisten, is dat de helft van de vogels die gekooid zaten gedurende de zomer in de herfst geringd en vrijgelaten werden. Grootste probleem was het onderhoud van de vogelkooien door het zeezout dat invrat", aldus Robyns die het bezoekersaantal, van 100.000 in 1960, meer dan verdubbelde en het Zwin op de internationale kaart zette. "We kenden ook barre tijden. De strenge winter van 1962-1963 toverde de Zwinvlakte om tot 150 hectaren sneeuw en ijs. Met het reservaat zorgden we voor extra voeder en drinkplaatsen. Graaf Lippens organiseerde in de gemeente het ophalen van voedsel voor de dieren.""Wat ik van het nieuwe Zwin vind? Een prachtig project met toch enkele vraagtekens. Ik begrijp niet waarom ze de prachtige koninklijke villa, met ooievaarsnesten op de schoorsteen, afbraken. Verder vrees ik dat verzanding het Zwin eeuwig zal parten spelen. (brede grijns) Weet je, eigenlijk ben ik een autodidact. Om in het Zwin prominenten rond te leiden, te praten met internationale vogelorganisaties, of te discuteren met professoren, directeurs of bedrijfsleiders deed ik praktisch mijn hele leven aan zelfstudie", zegt Robyns, die zijn deskundigheid over vogels ook neerpende in artikels en boeken. In Cygnes et oies sauvages uit 1961 speelt het Zwin een absolute hoofdrol.In 1970 kreeg Robyns, op vraag van toenmalige president Mobutu het voorstel om directeur van het Congolese natuurpark te worden. "Een mooie uitdaging, maar Congo zal altijd Congo blijven. De mensen zijn er fantastisch, maar er spelen heel wat andere belangen", meent Thierry Robyns.In de Zwinshop verkoopt men momenteel postkaarten van de Europese eendensoorten die Robyns schilderde toen hij conservator was. De tentoonstelling Naturalist en schilder Thierry Robyns de Schneidauer revisited telt een selectie van zijn schilderijen tentoon, samen met documentatiemateriaal en foto's over zijn jeugdjaren, zijn periode als conservator van het natuurreservaat Het Zwin, zijn publicaties en talrijke reizen.(DM)