In vergelijking met andere jaren krijgt het opvangcentrum aan Bulskampveld al het hele jaar meer dieren binnen voor verzorging.
...

In vergelijking met andere jaren krijgt het opvangcentrum aan Bulskampveld al het hele jaar meer dieren binnen voor verzorging. "Ik denk dat we sinds april gemiddeld 70 tot 80 dieren per maand méér binnen krijgen. Vaak zijn dat egels; zij ervaren de gevolgen van de droogte en vinden niks te eten. Daarnaast zorgen sociale media en internet ervoor dat mensen meer en meer weten dat wij, opvangcentra, bestaan. Daardoor hebben ze misschien meer oog voor die problemen van dieren", getuigt Ine De Roo van het opvangcentrum.Ook kleine zangvogels komen vaak terecht in het centrum in Beernem. De jonge vogels springen uit het nest en trainen dan van op de grond hun vliegkunsten, tot ze kunnen vliegen. "Om te vermijden dat katten of andere dieren de jonge uiltjes aanvallen, kunnen mensen er een wasmand met gaten over plaatsen. Ouders van die vogels kunnen dan nog altijd door de gaten bij hun kind om het te voederen, maar grotere dieren kunnen het niet meer verwonden of doden. Als je dan na een paar dagen de wasmand opheft, kan je eens kijken of het dier al kan vliegen", vertelt Ine.Maar de mensen van het VOC in Beernem zijn nooit zeker van slagen. Bij de kleine zangvogels kunnen ze tot 60 procent van de binnengekomen dieren redden. "Wij doen ons uiterste best om die dieren te helpen, maar wij kunnen ze nooit zo goed verzorgen als hun echte ouders." Het warme weer zorgt er ook voor dat dieren vroeger in het voorjaar kleintjes krijgen én dat ze meer jongeren krijgen, ook dat betekent meer werk voor de opvangcentra. Ook de vakantieperiode is traditioneel drukker. "Dan zijn mensen thuis, komen ze meer buiten of doen ze eens een wandeling. Zo komen ze ook meer zieke of ongezonde dieren tegen dan wanneer ze aan het werk zijn."Als je zelf zieke dieren vindt en je twijfelt, dan bel je best naar een van de opvangcentra. "Wij geven dan tips en adviseren of je het beestje binnen moet brengen of niet. Daarnaast kunnen mensen op onze site een stappenplan vinden om te weten wat ze moeten doen als ze een jonge vogel vinden", voegt De Roo nog toe. Het opvangcentrum in Beernem is bereikbaar via 050 79 09 59.