Dominik uit Zwevezele deelt zijn huis met anderen zonder huur te vragen

Hilde, Dominik, Anne, Miel en Drieke. Niet op de foto: Liesl, Jana en Arno.
Hilde, Dominik, Anne, Miel en Drieke. Niet op de foto: Liesl, Jana en Arno.
Redactie KW

Cohousing wordt populairder in grote steden, maar ook in Zwevezele doet het concept zijn intrede. In de Bruggestraat in Zwevezele wonen Dominik, Hilde, Drieke, Liesl, Anne, Miel, Jana en Arno samen onder een dak. Geen grote familie, maar drie gezinnen die aan groepswonen doen. “In deze coronatijden zijn we eigenlijk een grote bubbel.”

Dominik De Keyzer (51) heeft twee dochters uit een vorige relatie, maar vond een paar jaar geleden de liefde bij Hilde uit Linter, de andere kant van het land. Door co-ouderschap kwam zijn huis telkens een week leeg te staan. “In mijn vrije week ga ik naar Linter. Als we voor het weekend terug naar Zwevezele kwamen, hielden wij ons enkel bezig met kuisen en tuinieren. Ik vond het zonde dat mijn huis stof ving terwijl er niemand was”, vertelt Dominik. “Het huis is eigenlijk te groot voor ons en het speelde al langer in mijn hoofd om daar iets mee te doen. Verkopen was geen optie dus zocht ik naar alternatieven. Door opzoekingswerk te doen, kwam ik uit bij cohousing, waarbij je het huis deelt met anderen zonder huur te vragen.”

Voldoende privacy

Op dat moment stond Anne Vermoortele (25) op uitfladderen. “Dominik is al jaren een vriend van de familie, dus toen hij hoorde dat ik op zoek was naar een huisje, kwam hij zelf met het voorstel af”, zegt Anne. “Een vriendin van mij, Jana, stond ook op punt om haar ouderlijk huis te verlaten. Ook zij zag dat concept zitten. Nog geen drie maanden later trokken we het huis in.”

Er bestaat vaak een misverstand rond groepswonen. “Veel mensen denken dat je voortdurend op elkaars lip zit; dat wij elke avond samen in de zetel hangen en met het hele huis als een gezin aan tafel gaan”, legt Anne uit. “Dat is helemaal niet zo. Wij hebben elk onze eigen slaapkamer en er zijn ook twee livings en badkamers: eentje voor Dominiks gezin en eentje voor Jana en mij.” Dominik vult aan: “Om van cohousing te spreken, moet er een gemeenschappelijke ruimte zijn. Bij ons zijn dat de keuken en de tuin. Vooral in de keuken kan het ’s avonds eens druk zijn als elk van ons zijn potje kookt.”

Volgens Anne en Dominik is er dus voldoende privacy. “Het huis is groot genoeg om je even af te zonderen. En als de ene volk uitnodigt om te komen eten, laten we dat gewoon aan elkaar weten in de Whatsappgroep. Het draait vooral om communicatie, dat is volgens mij cruciaal aan samenwonen”, zegt Dominik. Toch moest Anne in het begin even wennen aan het hele concept: “In het begin durfde ik niet zo goed in mijn pyjama rond te lopen. Nu trek ik mij daar niets meer van aan. Gelukkig, want het is niet alleen mijn huis, maar ook mijn thuis.”

Geen ik-mentaliteit

Bij cohousing wordt er geen huur gevraagd, al moesten er wel een aantal afspraken komen. “Ik ben hier niet de huisbaas, maar het spreekt voor zich dat als je samenleeft je toch een beetje moet afspreken. Zo wordt er een maandelijkse kost aangerekend voor bijvoorbeeld water en elektriciteit en staat er ook op een contract wie wat betaalt als het stuk gaat”, vertelt Dominik. “Eigenlijk valt dat allemaal goed mee”, vult Anne aan. “In principe draait het rond gezond verstand. Als er afwas staat die niet van mij is, ruim ik dat op. Wie in groep woont, moet zich daar naar gedragen. Het werkt niet als je een ik-mentaliteit hebt.”

Intussen is de groep uitgebreid met twee personen en een kat. “Mijn vriend Miel is hier komen wonen tijdens de lockdown en ook Jana heeft intussen iemand leren kennen. Samen zorgen we nu ook voor onze kat, Mosje. De vriendin van Dominik heeft een hond, Gimli, die in het weekend ook meekomt. Gelukkig schieten die twee goed met elkaar op”, lacht Anne. “Voor ons is het wel leuk om met zo veel jonge mensen samen te wonen. Er is altijd leven in de brouwerij”, zegt Hilde, Dominiks vriendin. Voor Anne is het een pluspunt dat Hilde er is: “Voor huishoudelijke tips kan ik altijd raad vragen aan haar, dan moet ik mijn mama niet onnodig lastigvallen.” ( lacht )

Door corona was het niet alleen in het weekend fullhouse , maar ook tijdens de week. “Mijn meisjes gingen niet op kot en studeerden thuis. Ikzelf werk in het onderwijs en moest regelmatig online meetings volgen. Anne is leerkracht en gaf tijdens de lockdown thuis les. Dat zorgde vaak voor een overbelast netwerk”, zegt Dominik. “We losten dat op door af te spreken wie wanneer een vergadering of les had en hielden zo rekening met elkaar.” Al bracht de pandemie ook positieve momenten: “Dominik kookt graag en heeft buiten een keuken geïnstalleerd. In de zomer nodigde hij ons vaak uit om mee aan tafel te schuiven voor een barbecue”, vertelt Anne. “We sloten de avond gezellig af door met z’n allen rond de vuurkorf te zitten. Zo voelden wij ons tijdens die soms eenzameperiode eigenlijk nooit alleen.”

(KV)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.