Minivoetbal in Tielt hoopt in april opnieuw op te starten

©Volker Schlichting / EyeEm Getty Images/EyeEm
©Volker Schlichting / EyeEm Getty Images/EyeEm
Redactie KW

Op 25 januari besliste de crisiscel van de KBVB alle amateurcompetities met onmiddellijke ingang stop te zetten en te annuleren. Ook de kampioenschappen in het minivoetbal werden geannuleerd, maar de kerncompetities zijn hoopvol. “We hopen om misschien in april weer op te starten”, vertelt Bernard Lagrainge, kernsecretaris van minivoetbalcompetitie Zuid West-Vlaanderen.

Het nieuws zat er al weken aan te komen, de amateurcompetities werden op 25 januari stopgezet en geannuleerd. Intussen zijn we bijna een maand verder en een hervatting van de competities lijkt bijna onmogelijk. Maar deze beslissing was niet van toepassing op het recreatief minivoetbal. Het departement minivoetbal zal de activiteiten terug opstarten van zodra de federale overheid dit toestaat. “Volgens de bond zouden we misschien in april terug het minivoetbal kunnen opstarten. De clubs snakken naar het voetbal, maar een mogelijke heropstart geef ik een hele kleine kans.” Dat vertelt Bernard Lagrainge, kernsecretaris van minivoetbalcompetitie Zuid West-Vlaanderen.

Vergoedingen voor clubs

Voor de amateurclubs is het moeilijk om het hoofd boven water te houden, maar in het minivoetbal zijn de kosten beperkt. Minivoetbalcompetitie Zuid West-Vlaanderen doet wel een inspanning om de clubs te vergoeden. “Alle ploegen krijgen twee keuzes. Het resterende bedrag van 300 tot 350 euro wordt op hun rekening gestort of het wordt doorgerekend naar volgend seizoen”, vertelt Bernard. De clubs krijgen ook een compensatie van Voetbal Vlaanderen. 30 procent van het lidgeld en de verzekering gaat terug naar de ploegen.

Toekomst van de competitie

Bernard hoopt dat de toekomst van minivoetbalcompetitie Zuid West-Vlaanderen even belovend is als voor de pandemie. “We gaan proberen om volgend seizoen terug aan ons zelfde aantal ploegen te geraken, 28.” Al zullen er ook enkele aanpassingen moeten gebeuren. “De wedstrijden gaan door in 2 sporthallen, in Markegem en in Aarsele. De sporthal in Markegem is groot genoeg om supporters te ontvangen, met mondmaskers en de nodige afstand uiteraard. In Aarsele wordt dat moeilijker omdat er daar minder ruimte is.”

De kernsecretaris is wel optimistisch over de toekomst van zijn competitie. “Ik heb al wat gepolst bij enkele ploegen en die twijfelen zeker niet om volgend jaar terug te spelen. Ook de nieuwe teams, die in hun eerste jaar een grotere financiële inspanning moesten maken, hebben beslist om terug mee te doen.” “Maar ieder jaar zijn er teams die uit de competitie stappen, maar ook die de competitie toetreden. Zolang we aan genoeg teams komen, ben ik tevreden”, besluit Bernard.

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.