"Ik was een jonge kerel van 18 jaar toen Hilaire Syoen tot verrassing van alle inwoners van Diksmuide prins Carnaval werd van de Boterstad", vertelt Danny Rollé. "Mien zeune had beloofd dat hij een serieuze praalstoet zou organiseren als hij tot prins werd verkozen en zo geschiedde. Samen met veel enthousiaste Woumenaars zorgden we ervoor dat met de kermis van 1977 de eerste Blankaartstoet het levenslicht zag."
...

"Ik was een jonge kerel van 18 jaar toen Hilaire Syoen tot verrassing van alle inwoners van Diksmuide prins Carnaval werd van de Boterstad", vertelt Danny Rollé. "Mien zeune had beloofd dat hij een serieuze praalstoet zou organiseren als hij tot prins werd verkozen en zo geschiedde. Samen met veel enthousiaste Woumenaars zorgden we ervoor dat met de kermis van 1977 de eerste Blankaartstoet het levenslicht zag.""Ik mocht de stoet openen met een brommer, op het stuur was er een bord gemonteerd met erop 'Woumen, vroeger en nu'. Er werd na de succesvolle stoet een comité opgericht dat onder de naam 'De Blankaartvrienden' nu reeds 42 jaar zorgt dat 'Woumen kermesse' een begrip is in en buiten het Blankaartdorp", vertelt Danny. "In de eerste jaren was het moeilijk om financieel rond te komen. Op het kerkplein stonden enkele kermisattracties maar geen feesttent, we gingen daarom huis-aan-huis om financiële steun te krijgen zodat we de stoet levendig en leefbaar konden houden. Heel veel inwoners gaven een aardige bijdrage zodat we verder konden werken aan de uitbouw van onze stoet.""De eerste jaren waren de leukste voor onze vereniging daar we dan zelf in de stoet meegingen. Ik maakte ooit 'de langste fiets van Woumen', ruim 10 meter lang waar we tot 15 man konden opzetten, later knutselde ik 'de hoogste fiets van Woumen' in elkaar waarop ik mij vier meter boven de grond bevond.""Eigenlijk begon het grote succes van de kermis door de grootste tragedie die er in ons dorp geweest is, de brand in de Sint-Andreaskerk op 23 februari 1985", weet Danny. "'Wat gaan we nu doen met de kermis voor de feestelijke viering op zondag? En wat met de jaarmissen?', vroeg menigeen zich af. Het idee werd geopperd om een feesttent te plaatsen op het kerkplein en daar de vieringen te laten plaatsvinden. Samen met E. H. Duron werd dit alles tot ieders verbazing uitgewerkt. Iedereen was dolenthousiast over dit concept. En zo kwam de feesttent er toch en konden we vanaf dat ogenblik ook financieel ons veilig stellen.""Eerst was de tent open op kermisdinsdag en -donderdag na de jaargetijde, maar al vlug openden we die ook op zondagnamiddag tijdens de Blankaartstoet. Het financiële plaatje klopte en we konden stappen vooruit zetten: muziekkorpsen uit het buitenland contracteren en vooral een prachtig vuurwerk brengen op kermisdonderdag. Kermisdonderdag groeide uit tot een superavond in het dorp. Mede door het feit dat de school op vrijdag vrijaf nam. We konden iedere keer rekenen op een nokvolle tent met veel ambiance en veel verbruik. In de vroege uurtjes werd de tent op vrijdag dan afgebroken en weer opgeborgen tot het volgende jaar. Gelukkig konden (en kunnen) we tijdens de kermisweek rekenen op een grote groep vrijwilligers. Ook mijn echtgenote Gerda hielp steevast mee bestellen tijdens de drukke dagen van de kermis. Het was voor ons samen uit en soms samen thuis", lacht Danny Rollé."In 1998 vroeg men vanuit de slagersschool in Diksmuide of ik het zag zitten om een reus te bouwen die er net als een slager zou uitzien en die ook tijdens het wandelen de messen kon slijpen, ... Ik broedde op het idee en kon het geraamte technisch -mijn grote hobby- uitvoeren maar voor het gezicht en de handen was ik niet creatief genoeg. Gelukkig vond ik hulp bij Sep Margode (Daniël Derdaele, red.) de ontwerper van het prachtige gezicht en de stijlrijke handen van de 4,70 meter hoge slagersreus Antoon. Naar dat voorbeeld bouwde men dan in Woumen ook de reus Gauthier van Woumen, daar had ik eigenlijk behalve mijn voorbeeld geen inbreng in. Zo werden dan enkele jaren terug reuzen in de stoet gebracht.""Ik ben er zeker van dat de Blankaartvrienden nog een schoon en mooi leven voor zich hebben. Met jonge, enthousiaste Woumenaars die deze unieke kermis verder willen uitbouwen en die zich met vereende krachten, niet alleen met het hoofd maar ook met de handen, blijven inzetten voor deze feestelijke week. Het comité mag nog steeds beroep doen op mijn ervaring. En ik weet ook heel zeker dat ik na al die jaren samen met mijn vrouw Gerda, mijn kinderen en kleinkinderen enorm zal genieten van de schoonste kermesse van Diksmuide."(SD)