Christiane vertroetelt 35 knuffels in serviceflat: “Mijn beren bieden troost”

Haar beren vervangen noodgedwongen de vroegere echte huisdieren en toveren een glimlach op Christiane haar gezicht. © AB
Redactie KW

Dat het leven niet altijd over rozen loopt, weet Christiane Declercq (67) maar al te goed. Er kwamen heel wat beproevingen op haar pad. Maar sinds ze in een flat op het domein van woonzorgcentrum ’t Hoge woont, heeft Christiane rust gevonden. “Mijn huisdieren mocht ik niet meenemen; mijn beren gelukkig wel. Bij hen vind ik troost”, glimlacht ze.

Christiane is zonder twijfel een bekend gezicht in Alveringem. Toen ze nog aan de Lindemolen woonde, was ze te voet met de rollator, vaak in het straatbeeld te zien.

“Ik ben op 6 januari 1955 in het ouderlijke huis aan de Burgmolen geboren”, vertelt Christiane. “Mijn broertje heeft maar een maand geleefd, mijn zusje kwam levenloos ter wereld. Toen ik 14 jaar was, ben ik beginnen werken in de bakkerij op het dorp bij Denise en Etienne Decreton. De broodronde aan huis met de fiets was een vaste opdracht.

In 1974 ben ik getrouwd. Zoals wel vaker in die tijd kreeg ik wat later mijn ontslag. Werkgevers gingen ervan uit dat een pas getrouwde werkneemster wel snel in verwachting zou zijn. Eind 1976 is er een zoon gekomen, een zware bevalling. Het duurde 5 lange dagen voor ik mijn kind voor het eerst mocht zien! In 1984 besliste mijn man om te scheiden. Het was een opluchting. Hij dronk en toonde liefde noch affectie. Mijn zoon kan wel eens agressief tegen me zijn. Eerlijk? Ik heb er dikwijls aan gedacht om uit het leven te stappen. Dat gaat zo als je een vertrouwenspersoon mist.”

Moederdag

Toen Christiane na een ziekenhuisopname voor verder herstel in woon- en zorgcentrum ’t Hoge belandde, vond de maatschappelijk assistent haar de perfecte kandidaat voor een flat op het domein. En zo verhuisde Christiane op Moederdag 2021 deze keer definitief naar Huize Visart in de Hoogstraat.

“Ik had thuis twee hondjes, mijn oogappels”, vertelt Christiane verder. “Maar ik mocht ze niet meenemen. Daarvan heb ik hartzeer gehad. Op alle andere punten is mijn verhuizing naar een assistentiewoning een verbetering geweest. Ik woonde niet meer graag aan de Lindemolen. De laatste jaren zijn er in de buurt heel wat nieuwe mensen komen wonen. Ik was vaak te voet op pad en knikte altijd goeiedag. Dat kost geen geld. Maar ik kreeg geen goeiedag terug en dat doet pijn.

De sociale contacten, mijn televisie en mijn beren vormen samen mijn geluk

In Visart zijn we met 14 flatbewoners en hebben we een vriendschapsband. Elke middag klop ik op de deuren en gaan we samen eten in het rusthuis. Onze sociale contacten samen met mijn televisie en mijn collectie beren vormen mijn geluk. Ik heb 35 troetelberen in de woonkamer staan: katjes, hondjes, beren, olifanten,.. en met Pasen heb ik een konijn uitgezet. Om mijn voeten te verwarmen, ligt er een grote hond op bed. Ze troosten me als ik het nog een keer moeilijk heb. Ja, ik kan wel zeggen dat ik hier gelukkig ben.”

(AB)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.