Op 27 november 1957 trouwde Christiane met Gerard. Ze woonden altijd in de Beelshoek. Het echtpaar kreeg vier kinderen: Marie-Jeanne, Marie-Rose, Ronny en Marie-Claire. In 2001 overleed zoon Ronny na een verkeersongeval in de Oostrozebekestraat. Voor Gerard en Christiane was dat een heel zware klap. Met de steun van de kinderen, de zeven kleinkinderen en nu ook al de vijf achterkleinkinderen kwamen ze die moeilijke periode langzaam te boven. Het echtpaar was 62 jaar getrouwd. Ze deden meestal alles samen. Zag je Gerard ergens, dan zag je ook heel dichtbij Christiane, die vijf jaar thuis voor haar man zorgde. In december 2019 kwam Christiane ten val. Ze werd overgebracht naar het ziekenhuis, waar ze twee maanden verbleef. Daarna trok het echtpaar voor twee maanden voor revalidatie naar Nieuwpoort.
...

Op 27 november 1957 trouwde Christiane met Gerard. Ze woonden altijd in de Beelshoek. Het echtpaar kreeg vier kinderen: Marie-Jeanne, Marie-Rose, Ronny en Marie-Claire. In 2001 overleed zoon Ronny na een verkeersongeval in de Oostrozebekestraat. Voor Gerard en Christiane was dat een heel zware klap. Met de steun van de kinderen, de zeven kleinkinderen en nu ook al de vijf achterkleinkinderen kwamen ze die moeilijke periode langzaam te boven. Het echtpaar was 62 jaar getrouwd. Ze deden meestal alles samen. Zag je Gerard ergens, dan zag je ook heel dichtbij Christiane, die vijf jaar thuis voor haar man zorgde. In december 2019 kwam Christiane ten val. Ze werd overgebracht naar het ziekenhuis, waar ze twee maanden verbleef. Daarna trok het echtpaar voor twee maanden voor revalidatie naar Nieuwpoort.In maart van dit jaar werden ze opgenomen in het wzc Maria Rustoord in Ingelmunster. "De donderdag kwamen we om 11.30 uur toe en zaterdag kwamen de kinderen langs. De woensdag erna werd het wzc plots afgesloten door corona. En daar zaten we dan, opgesloten", zucht Christiane, die het thuis gewoon was van altijd volk over de vloer te krijgen en van dus een praatje te slaan met de mensen. Het echtpaar werd in het wzc ook getest op Covid-19. "Ik schrok, we waren allebei positief. We werden overgebracht naar een speciale afdeling binnen het wzc. Ik voelde mij nooit ziek. Gerard verzwakte heel vlug. Hij zei : 'Moeder, ik zou eerst willen dood zijn.' Ik zei dat hij zoiets niet mocht zeggen. Ondanks het feit dat ik ook nog aan het herstellen was, wilde hij vooral hulp van mij en niet van de verpleegsters, maar dat was voor mezelf niet altijd mogelijk. Gerard bleef maar verzwakken", zegt Christiane zachtjes, die in de afgesloten afdeling ook bemerkte dat de mensen die er lagen, overleden. "Mijn man reageerde ook op niets meer. Plots zei een verpleegster dat hij was overleden. Ze vroeg of ik hem wilde zien, maar ik hield hem stevig vast. Ik wist dat hij nog niet dood was, want zijn pacemaker tikte nog. Enkele uren later is Gerard dan toch overleden", huilt Christiane, die schrok toen ze hem terugzag. "Zijn lichaam zag alle kleuren van de regenboog. De kinderen mochten hem zelfs niet meer zien. In die 21 dagen dat ik daar lag, zag ik zes mensen dood gaan. Mijn hart kon dat bijna niet meer aan. Ik zag daar zoveel miserie. En alhoewel ik mij niet ziek voelde, geraakte ik ook wel eens futloos. Mijn dag bestond uit van mijn bed in de zetel zitten en dan terug in mijn bed liggen, dit 21 dagen lang. Een viertal patiënten lagen hevig te hoesten, maar zelf moest ik niet hoesten. Eén patiënte probeerden ze te reanimeren. Je hoort dan constant dat geluid van die pomp. En daar lig je dan... Om 18 uur lag iedereen al te slapen, maar ik niet omdat ik mij niet ziek voelde. Ik had een zaklamp in mijn bezit en ik legde dan de kaart in mijn bed om toch maar iets te kunnen doen. Ik ben één keer bang geweest. Eén week na de dood van Gerard bemerkte ik plots dat ik ook blauwe nagels had. Ik dacht : Oei, nu komen ze mij halen. Gerard had twee weken blauwe nagels vooraleer hij is overleden. Gelukkig heb ik het overleefd."Gerard en Christiane verbleven nog maar tien dagen samen in een kamer toen ze in quarantaine werden geplaatst. Toen Christiane genezen was verklaard, mocht ze de Covid-afdeling verlaten. "Maar ik wilde niet meer terug naar diezelfde kamer. Ik zou teveel verdriet hebben. Ik kreeg dus een andere kamer toegewezen, waar ik natuurlijk ook veel verdriet had. Vooral ook omdat ik niet bij het afscheid van mijn man kon zijn. Ik gaf de kinderen de goedkeuring om Gerard te begraven. Ze hebben wel alles gefilmd. Later volgt er nog een herdenkingsdienst." Toen Christiane de Covid-afdeling verliet, wilde ze maar één ding : een ontspannend bad. "Daar werden we gewassen met een slunse die men nat maakte. Als men daarover nu nog praat, dan zou ik die slunse naar hun hoofd gooien. Als je je drie weken zo moet wassen, voel je je niet schoon. Het deed zo'n deugd om in dat bubbelbad te mogen liggen."Christiane spreekt vol lof over het personeel en ook over de dokter, die hen behandelde. "Niets was te veel voor die dokter. Hij kwam zelfs drie of vier keren per dag en zelfs 's nachts langs. 'Mijnheer de dokter, uw portefeuille zou ik wel willen hebben, maar niet uw werk', zei ik hem eens", gaat Christiane verder. "De dokter vroeg altijd of ik pijn had. Ik had helemaal nergens last van, maar omdat ik ook positief was, moest ik dus eveneens mee in quarantaine. En nu ? Ja, 't is niet meer hetzelfde hé. Ik zat hier drie maanden opgesloten. Gelukkig werd er een babbelbox geïnstalleerd. De oudste dochter komt op woensdagvoormiddag langs. De andere kinderen en kleinkinderen bellen vaak op of staan wel eens buiten om te zwaaien, maar dat is helemaal niet hetzelfde. Ik mis dat persoonlijk contact. Ik praat hier met iedereen. Al is het een hond met een hoedje aan, ik ga ermee praten. Nu mogen we al wandelen in de gang of in de tuin stappen, maar wel met een mondmasker aan. Dat is briel hoor. Vroeger zaten we met vier aan het venster naar buiten te kijken en te praten, maar nu is dat met een mondmasker aan. Dat doe ik niet meer."Gerard en Christiane waren 62 jaar getrouwd. "Ik vertel vaak aan mijn kleinkinderen over de tijd van toen. Voor een kwartje kregen we drie spekken, maar nu gooien ze die naar je kop. Het is allemaal zo veranderd. Het geloof is ook van het uiterste naar de doofpot gegaan en dat komt niet meer terug, die tijd is voorbij", zucht Christiane, die dankbaar is voor die 62 huwelijksjaren met haar echtgenoot Gerard. "Ik huil nog iedere dag, maar ik denk ook veel terug aan onze mooie momenten. Niet iedereen kan immers zeggen dat ze 62 jaar zijn getrouwd geweest. Dat is voor mij een troost." (Patrick Depypere)