In eventing, in het verleden ook wel military genoemd, komt de veelzijdigheid van ruiter en paard aan bod. Een eventingwedstrijd verloopt meestal over twee of drie dagen waarin drie proeven moeten afgelegd worden, namelijk dressuur, uithouding of cross-country en een springproef.
...

In eventing, in het verleden ook wel military genoemd, komt de veelzijdigheid van ruiter en paard aan bod. Een eventingwedstrijd verloopt meestal over twee of drie dagen waarin drie proeven moeten afgelegd worden, namelijk dressuur, uithouding of cross-country en een springproef. Leon Binard (18) uit Sint-Kruis stond in het BK in Arville, nabij Saint-Hubert in de provincie Luxemburg, voor aanvang van het laatste onderdeel op een tweede plaats, maar kon uiteindelijk toch het goud om zijn hals dragen. "Als eerste is er de dressuur, voor mij toch nog altijd het moeilijkste", vertelt hij. "Jumping is dan weer de beste discipline van mijn paard. De crosscountry, die het laatst wordt gereden, is mijn sterkste onderdeel." In eventing moet er een optimaal evenwicht worden gevonden tussen gehoorzaamheid, kracht, snelheid en uithouding. De Brugse ruiter was in Arville niet aan zijn proefstuk toe. Twee jaar geleden behaalde hij al zilver op het BK en vorig jaar op het unieke kasteeldomein Hemsrode in Anzegem een eerste keer de nationale titel. "Die van dit jaar is de mooiste", vindt Leon. "Mijn tweede plaats was destijds tijdens mijn eerste deelname. Totaal onverwacht stond ik toen op het podium. Ik zag dit meer als een training omdat ik Enzo pas drie weken eerder had gekocht en zowel voor het paard als mezelf geen risico's durfde te nemen. Dit jaar wilde ik nog een laatste keer als junior de kers op de taart. Gezien Enzo's leeftijd was het ook zijn laatste BK." Leon kreeg al vrij vroeg interesse voor paarden en reed als vijfjarige een eerste keer op een pony, in Ruitersclub De Blauwe Zaal in Sint-Kruis. Zijn liefde voor de paardensport werd alsmaar groter. "Er had daar ieder jaar een military plaats. Als jonge knaap hielp ik mee in de organisatie, met het schilderen van hindernissen en de opbouw van het parcours tot er mij werd voorgesteld om eventing te proberen." De Bruggeling trok later naar Paardenfokkerij Kasari in Harelbeke. Hij had ondertussen vier paarden, trainde hen, gaf er les en begeleidde diverse ruiters en amazones. Ondertussen is Leon eigenaar van verschillende paarden. Enzo van 't Vennehof is er een van. Deze Belgische warmbloed van 16 jaar, waarmee hij voor de derde keer aan het BK deelnam, is voor hem hét paard om de drie verschillende disciplines feilloos af te werken. Vanaf volgend jaar moet hij voor een jonger paard kiezen. Momenteel staan zijn paarden op een stal nabij Frankfurt. Ook daar leid Leon zelfstandige jonge paarden op en berijdt hij de dieren, als een stage. Het gaat om zes tot negen paarden per dag en tussendoor wordt hij zelf gecoacht door Jörg Kubel, die actief is binnen het Duits Olympisch kader. "Om de twee maanden kom ik een week naar huis om de familie te zien en enkele zaken te regelen. Deze week moest ik ook mijn rijbewijsexamen afleggen."Leon beschikt in ons land over een topsportstatuut, hij is lid van de Belgische ploeg en het VLP-talententeam. Paardensport Vlaanderen kiest hiervoor jonge rijders aan de hand van hun prestaties. "Anderhalf jaar terug ben ik daarin opgenomen. Zij zorgen frequent voor de nodige sponsoring, zoals helmen, rijbroeken en een gratis houdingstraining. Die is nodig om met je lichaam in de juiste stand op je paard te zitten. Een deelname aan EK of aan de Nations Cup wordt volledig door de federatie vergoed. Alle andere internationale wedstrijden moeten wij zelf financieren."Omwille van de coronapandemie is het voor de Bruggeling moeilijk om nu wedstrijden te vinden. Zo wordt het EK wellicht afgelast. "Dit maakt voor mij ruimte en tijd vrij om die jonge paarden op te leiden, naar een hoger niveau te brengen en ze met winst door te verkopen. Ik kan mij daar nu volledig op focussen en één paard houden om aan kampioenschappen deel te nemen. Zo blijf ik voortdurend bezig. Is ook nodig, want de concurrentie in het buitenland ligt bijzonder hoog. Zo zijn de Duitsers heel goed. Over vier weken heb ik met de juniores nog een laatste Nations Cup in Polen. We zullen daar ook rekening moeten houden met de Fransen en de Italianen." (ACR)